Praktische zaken

Geld maakt kinderen gelukkig, vooral jongens

Geld maakt kinderen gelukkig, vooral jongens

27 maart 2017 | Reacties (0)

Kinderen hebben liever veel geld dan dat ze spullen hebben. Maar liefst driekwart van de kinderen heeft liever een volle spaarpot dan spullen. Dat blijkt uit onderzoek van Deloitte onder ruim 500 kinderen. Deloitte initieerde het onderzoek in het kader van de Week van het Geld, die vandaag van start is gegaan.

Vooral jongens zijn gek op geld. 66 procent van de jongens in de leeftijd van tien tot en met twaalf jaar vindt dat geld gelukkig maakt. Bij meisjes ligt dit percentage veel lager (49%).

Meeste kinderen krijgen zakgeld

Uit het onderzoek blijkt verder dat 76 procent van de kinderen tussen de tien en twaalf jaar zakgeld krijgt. Gemiddeld krijgen zij 13 euro zakgeld per maand. Kinderen blijken fanatieke spaarders, want 80 procent geeft aan te sparen. Ze sparen gemiddeld 9 euro per maand. Het merendeel van de kinderen (88%) vindt het belangrijk om te sparen, omdat ze geld willen hebben voor later (51%), ze dan iets duurs kunnen kopen (41%) en leuke dingen kunnen doen (37%).

Kinderen alert op vloggers

Niet alleen vriendjes en vriendinnetjes (50%) en reclame (42%) inspireren kinderen om producten te kopen, ook vloggers (20%) blijken een belangrijke inspiratiebron. De invloed van vloggers verschilt per leeftijd: met name twaalfjarigen laten zich beïnvloeden door vloggers (25%); elfjarigen (18%) en tienjarigen (18%) in mindere mate. Vloggers inspireren kids met name om computergames te kopen, maar ook kleding, schoenen en sieraden en gadgets zoals iPad’s en smartphones. Ondanks alle inspiratie blijft het overgrote deel van de kinderen alert; negen op de tien kinderen weet dat vloggers geld krijgen voor het promoten van producten.

Verder blijkt uit het onderzoek dat:

• kinderen vinden dat geld gelukkig maakt omdat ze dan alle leuke dingen kunnen doen die ze willen (58%) en ze dan alles kunnen kopen wat ze willen (53%);
• 39 procent van de kinderen zich rijk voelt als ze gezond zijn;
• 4 procent liever hun leven lang een vast bedrag krijgt per maand dan 1 miljoen euro in één keer;
• bijna de helft van de kinderen weleens iets online koopt;
• 77 procent liever zelf hun geld verdient dan dat ze het van iemand krijgen.

Over het Nationaal Geldexamen

De Week van het Geld is een jaarlijks initiatief van het platform Wijzer in Geldzaken en vindt plaats van 27 tot en met 31 maart.  Dit jaar faciliteert Deloitte voor de zesde keer het Nationaal Geldexamen tijdens deze week. Het Nationaal Geldexamen is een initiatief van Deloitte en is ontwikkeld in nauwe samenwerking met het Nibud en Uitgeverij Zwijsen. Het leert kinderen uit groep zeven en acht bewust met geld omgaan en bereidt ze voor op de stap naar het voortgezet onderwijs. Meer informatie over het Nationaal Geldexamen is beschikbaar via: www.geldexamen.nl.

Verder lezen

Douchen na gymles

Mag school douchen na gym verplichten?

9 maart 2017 | Reacties (16)

Mag de school je kind verplichten tot douchen na de gymles? En kan de school ook eisen dat er gedoucht wordt zonder onderbroek aan? Die vragen stellen veel ouders zich wanneer hun kinderen in de bovenbouw zitten en gaandeweg moeite krijgen met gezamenlijk- en zeker naakt -douchen.

Douchen na gymles

School kan douchen verplichten, maar naakt douchen niet.

“Mijn zoon Lars is tien en begint behoorlijk preuts te worden”, schrijft een moeder in een mail aan de redactie van Thuisinonderwijs.nl. “Om die reden weigert hij al een aantal maanden om na de gymles te douchen. Klasgenoten douchen in hun onderbroek. Nu hebben wij van school een brief gekregen dat alle kinderen na de gymles verplicht moeten douchen en dat het om hygiënische redenen niet de bedoeling is dat de onderbroek daarbij aanblijft.” In hoeverre mag de school dit van de kinderen eisen, zo vraagt de mailster zich af.

Schaamdouches

Douchen na gymles, maar ook op sportclubs, is een actueel thema. Steeds meer kinderen en jongeren hebben grote moeite met naakt douchen in groepsverband. Ze douchen in hun ondergoed of bij voorkeur helemaal niet meer. Een aantal scholen heeft speciale ‘schaamdouches’ ingericht: afgeschermde cabines waar leerlingen kunnen douchen die niet willen dat klasgenoten hen naakt zien.

 

In het voortgezet onderwijs wordt er vrijwel niet meer gezamenlijk gedoucht na het gymmen. Even flink spuiten met deodorant (of rollen: veel scholen verbieden spuitbussen) en klaar is Kees. In het basisonderwijs wordt over het algemeen nog wel gedoucht, meestal vanaf groep 5.  Veel basisscholen vermelden op hun site of in hun schoolplan dat douchen vanaf een bepaalde groep verplicht is.

Wel verplicht douchen, niet verplicht naakt douchen

Als de school douchen verplicht stelt, heeft je kind zich daar aan te houden. Wat de school niet mag verplichten, is dat je kind naakt onder de douche gaat, zo stelde de Landelijke Klachtencommissie Onderwijsgeschillen eind 2011. De commissie deed die uitspraak in de behandeling van een klacht van de moeder van een 7-jarig meisje. De moeder had eerst bij de school gevraagd of haar dochter niet meer hoefde te douchen. Toen dat verzoek werd afgewezen, vroeg zij toestemming voor haar dochter om in haar ondergoed te douchen. Daarmee ging de school ook niet akkoord, waarna het meisje de school verliet om naar een islamitische school te gaan. De uitspraak van de Klachtencommissie is interessant, omdat op veel aspecten uitvoerig wordt ingegaan:

Mag een school douchen verplicht stellen?

“De Commissie stelt voorop dat het aanleren van gezond gedrag een van de belangrijkste uitgangspunten is van bewegingsonderwijs. Douchen na de gymles valt ook onder dergelijk gezond gedrag. In zoverre mag een school de leerlingen dan ook verplichten na afloop van de gymles te douchen.

Mag een school omwille van hygiëne naakt douchen verplicht stellen?

“Het je in bijzijn van anderen bloot tonen vergt bij vrijwel ieder mens het overwinnen van bepaalde schaamtegevoelens. Deze gevoelens ontstaan bij het ontdekken van de eigen lichamelijke grens ten opzichte van die van een ander en zullen zich – afhankelijk van tal van factoren – meer of minder krachtig ontwikkelen. De factoren die schaamtegevoel beïnvloeden kunnen van allerhande aard zijn, zoals culturele, sociale, religieuze of fysieke factoren. Vaststaat dat schaamtegevoelens nooit los van de omgeving kunnen worden beschouwd. Het – bewust of onbewust – voorbijgaan aan dergelijke gevoelens kan de grens van iemands lichamelijke integriteit overtreden.

Gelet op het voorgaande doet de vraag zich voor of er rechtvaardiging bestaat voor het dwingen van een leerling zich in de groep te ontbloten. Het nastreven van optimaal hygiënische omstandigheden is op zichzelf een goede reden om leerlingen na de gymles naakt te laten douchen. De Commissie meent echter dat het douchen met onderbroek aan niet zodanig minder hygiënisch is dat dit rechtvaardigt dat kinderen tegen hun wil of die van hun ouders hun schaamtegevoelens opzij moeten zetten. Overigens is de Commissie van oordeel dat een school wel bevoegd is aan het douchen in onderbroek nadere  – hygiënische – voorwaarden te stellen, bijvoorbeeld dat de desbetreffende leerlingen geacht worden na het douchen met schoon droog ondergoed terug de klas in te gaan.”

Kan de school via de schoolgids en/of na instemming van de MR een doucheprotocol opstellen dat naakt douchen afdwingt?

“De Commissie acht het recht op lichamelijke integriteit van de leerling van zo fundamentele aard, dat geen schoolbeleid – door de MR onderschreven of niet – een uitzondering op dit recht zou rechtvaardigen.”

Verder lezen

10 tips om niets meer kwijt te raken op school

10 tips om niets meer kwijt te raken op school

10 december 2016 | Reacties (1)

Komt jouw kind ook regelmatig thuis zonder broodtrommel, met maar één gymschoen of zonder jas? Of moet je bijna dagelijks helpen zoeken naar mysterieus verdwenen fietssleutels of bibliotheekboeken? Wanhoop niet! Deze tien tips helpen je kind om niets meer te kwijt te raken op school.

1. Klein beginnen

Van ‘alles vergeten’ naar ‘niets meer kwijtraken’ is een grote stap en waarschijnlijk een te grote stap. Geef je kind de opdracht om een hele week aan één bepaald item te denken, bijvoorbeeld haar jas of haar drinkbeker. De tweede week doe je er een tweede item bij. Door kleine, haalbare doelen te stellen groeit het zelfvertrouwen van je kind.

2. Maak een checklist

Stop een lijstje in de schooltas waarop alles staat wat je kind mee naar huis moet nemen.

3. Alles op vaste plekken

Kies een schooltas met aparte vakken en wijs een vast vak aan voor alles wat je kind moet meenemen. Laat je kind zelf de tas inpakken om zich ervan bewust te worden wat er precies meegaat naar school en wat dus ook weer mee naar huis moet.

4. Bedenk een ezelsbruggetje

Verzin een ezelsbruggetje dat je kind helpt om overal aan te denken. Bijvoorbeeld: Grote Beren Bouwen Jofele Flats, voor Gymtas – Broodtrommel – Beker – Jas – Fietssleutel. Of: Mijn Hond Speelt Trompet, voor Muts – Handschoenen -Sjaal – Tas. Een beetje mal misschien, maar het werkt wel!

5. Weinig meenemen

Wat je niet meeneemt, kun je ook niet kwijtraken. Laat je kind dus alleen het hoognodige meenemen. Bijvoorbeeld boterhammen in een plastic zakje en een pakje drinken in plaats van een broodtrommel en drinkbeker. Het bibliotheekboek? Dat blijft thuis. Altijd de fietssleutel kwijt? Dan maar lopend naar school.

6. Gestructureerd omkleden

Leer je kind om bij het omkleden voor gymles of schoolzwemmen gestructureerd te werk te gaan. Sokken in de schoenen stoppen, kleren netjes op een stapeltje leggen en de gym- of zwemtas daar bovenop. Na de gymles gaan de handdoek en gymkleren als eerste in de tas. Dit kun je thuis goed oefenen door dezelfde routine aan te houden bij het naar bed gaan en opstaan; daarmee voorkom je bovendien dat de slaapkamer van je kind het toneel is van rondslingerende kleren, verweesde sokken en al dan niet vieze onderbroeken.

7. Lik op stuk

Vraag je kind als het thuiskomt of alle spullen mee zijn. Heb je je broodtrommel? Heb je je gymtas? Heb je je boek meegenomen? Ja? Goed zo! Nee? Hup, even terug naar school en ophalen. Ook al regent het, ook al heeft je kind afgesproken met een vriendje, ook al heb je nog twee reserve drinkbekers in de kast staan – eerst even naar school om de spullen op te halen. Blijf dit consequent doen. Straf je kind niet door essentiële zoekgeraakte spullen, zoals gymschoenen, niet te vervangen. Maar is je kind die mooie, dure etui kwijtgeraakt, dan volstaat een goedkoper exemplaar als vervanging prima. En in een plastic diepvriesbakje passen de boterhammen net zo goed als in de kwijtgeraakte Skylander-broodtrommel.Op die manier ervaart je kind dat spullen kwijtraken consequenties heeft.

8. Label alle spullen

Het is verstandig om alles wat meegaat naar school te voorzien van de naam van je kind en het telefoonnummer. Je kunt hiervoor hippe naamlabels kopen, of simpelweg een watervaste stift hanteren.Vergeet vooral niet de gymspullen van de naam en telefoonnummer te voorzien en dan niet alleen de tas, maar ook beide schoenen, het sportshirt en -broekje. Vaak wordt er gegymd in sportzalen waarvan meerdere scholen gebruik maken. Schrijf in dat geval ook de school van je kind erbij, dat vergroot de kans dat je vergeten spullen terugkrijgt.

9. Weet waar de gevonden voorwerpen worden bewaard

Kinderen die altijd hun spullen kwijtraken, zullen niet van de ene op de andere dag georganiseerde types worden. Daar gaan tijd en oefening overheen. Tot het zo ver is, is de bak met gevonden voorwerpen je beste vriend. Ook al zijn spullen gelabeld, dat wil nog niet zeggen dat ze niet op de grote hoop kunnen belanden. En vind je in die bak met gevonden voorwerpen niet de spullen die jouw kind is kwijtgeraakt, dan vind je wel iets anders: de troost dat je kind niet de enige is die van alles kwijtraakt.

10. Wees mild

Niet alleen kinderen raken spullen kwijt, het overkomt ons volwassenen net zo goed. Hoe vaak moet je zelf op zoek naar je sleutels, je telefoon of je portemonnee? Kinderen nemen hun spullen mee naar drukke scholen, met overvolle kapstokken in een wirwar van andere kinderen die vaak al net zo ongeorganiseerd zijn. Als je het zo bekijkt is het niet zo gek dat er eens een handdoek in een verkeerde tas terechtkomt of een drinkbeker onder een kast rolt.

Verder lezen

Hoe kies je een basisschool

Hoe kies je een basisschool?

28 november 2016 | Reacties (10)

Als je kind vier jaar wordt, mag het naar de basisschool. Maar welke school kies je? Kies je voor de school om de hoek, voor een openbare of juist een christelijke school, of voor een school met een specifieke pedagogische opvatting, zoals een vrije school of montessorionderwijs? Het kiezen van een school is een belangrijke beslissing, die de komende acht jaar en zelfs nog na de basisschooltijd van invloed is op je kind. Neem daarom de tijd om zorgvuldig en weloverwogen een school te kiezen.

Welke criteria laat je meewegen?

Om een school te kunnen kiezen, zal je eerst voor jezelf op een rijtje moeten hebben wat jullie als ouders belangrijk vinden aan een school. Alle ouders hanteren hun eigen criteria, afhankelijk van hun eigen ideeën en opvattingen en hun persoonlijke omstandigheden.

Met stip op één in vrijwel alle lijstjes in tijdschriften en op websites staat: kijk naar je kind. Het klinkt volkomen logisch en dat is het ook. Natuurlijk is het verstandig om bij de schoolkeuze rekening te houden met je kind: hoe zelfstandig is je kind, wat voor soort onderwijs past bij zijn of haar karakter. Staar je daar echter niet blind op. Als je naar je driejarige zoon of dochter kijkt, is het nog moeilijk te voorspellen tot wat voor soort schoolkind hij of zij zal uitgroeien of wat met wat voor leerproblemen je later misschien te maken krijgt.
Denk ook aan eventuele broertjes of zusjes, die een heel ander karakter kunnen hebben dan de oudste. Alleen al uit praktische overwegingen kiezen vrijwel alle ouders ervoor hun kinderen naar dezelfde school te laten gaan.

De keuze voor een school is een mix van rationele en emotionele argumenten. Probeer in kaart te brengen welke criteria je wilt laten meewegen bij je schoolkeuze. Daarmee vergemakkelijk je de uiteindelijke keuze.

Aspecten die je kunt laten meewegen bij de schoolkeuze:

  • openbaar of aansluitend bij eigen geloof of levensbeschouwing
  • onderwijstype
  • locatie en schoolroute
  • schoolpopulatie: wie zijn de toekomstige vriend(innet)jes van je kind?
  • schoon en goed onderhouden schoolgebouw
  • aandacht voor leer- en gedragsproblemen
  • sociale normen en waarden (pestprotocol)
  • goede sfeer en uitstraling
  • hoe zijn tussenschoolse en naschoolse opvang geregeld
  • schooltijden
  • wat betaal je aan ouderbijdrage
  • aandacht voor cultuur en natuur
  • inzet van moderne leermiddelen als computer en tablet
  • kwaliteit van het onderwijs
  • goede aansluiting met voortgezet onderwijs
  • wat wordt er precies van ouders verwacht
  • gemiddelde groepsgrootte
  • schoolgrootte
  • veel of weinig parttimers (duobanen) voor de klas
  • heeft of krijgt de school te maken met krimp

Grote scholen, kleine scholen

Wat is beter, een kleine school of een grote school? Beide hebben voor- en nadelen. Kleine scholen voelen vaak wat knusser en vertrouwder aan. Iedereen kent elkaar, er is veel persoonlijk aandacht en de communicatie verloopt makkelijk. Daar staat tegenover dat de werkdruk voor het personeel op kleine scholen vaak hoger is. Wisselen van klas is meestal niet mogelijk, omdat er geen parallelgroepen zijn.

Op heel kleine scholen zitten soms leerlingen met drie jaar leeftijdsverschil in één groep. De grootte van de school zegt niets over de groepsgrootte: kleine scholen kunnen grote groepen hebben en grote scholen kunnen kleine groepen hebben. Combinatiegroepen (bijvoorbeeld groep 1/2, 3/4, 5/6, 7/8) komen op zowel grote als kleine scholen voor; soms uit noodzaak, vaak ook omdat daar bewust voor wordt gekozen.

Dit zeggen ouders:

De meeste kinderen in onze wijk zitten op de katholieke school. Niet omdat hun ouders gelovig zijn, maar omdat die school een continurooster heeft.”

De dorpsschool is zo klein dat het de vraag is of die over een paar jaar nog bestaat. Toch kiezen we er bewust voor want de school staat heel goed bekend.”

Als we ons van tevoren had gerealiseerd dat op deze school niet één meester werkt, hadden we misschien wel een andere school gekozen.”

Lieneke is een echt ‘montessorikind’, maar Ties, onze jongste, was misschien wel beter af geweest op een reguliere school.”

Er wordt op deze school erg veel aandacht besteed aan creativiteit, muziek, toneelspelen. Dat past echt bij onze dochter. Bovendien zit hij hier vlak om de hoek!”

Of thuis naar school…

Naar aanleiding van een aantal reacties op dit artikel (zie hieronder), noemen we hier ook een andere keuze: je kunt besluiten je kind thuis les te geven. In Nederland volgen naar schatting tussen 200 en 2000 kinderen op principiële gronden thuisonderwijs (ter vergelijking: ruim 1,6 miljoen kinderen gaan naar de basisschool). In andere landen is home schooling een bekend fenomeen; zo wordt in Amerika zo’n vijf procent van alle kinderen thuis onderwezen. Deze vorm van onderwijs staat daar hoog aangeschreven; uit onderzoeken is gebleken dat kinderen in Angelsaksische landen die thuisonderwijs gekregen hebben, verder waren in zowel hun schoolvorderingen als in hun sociaal-emotionele ontwikkeling dan leeftijdsgenoten die naar school gingen (bron: Kohnstamm Instituut).

Thuisonderwijs is in Nederland geen bij wet geregelde vorm van onderwijs. Om je kind zelf thuis te mogen geven is vrijstelling van de leerplicht nodig. Vrijstelling kan worden verleend als je kind op basis van psychische of lichamelijke gronden ongeschikt is om naar een gewone school te gaan of als er binnen redelijke afstand geen enkele school te vinden is die past bij de levensbeschouwelijke richting van de ouders.

Verder lezen

6 Tips om veilig Sint Maarten te lopen

6 Tips om veilig Sint Maarten te lopen

8 november 2016 | Reacties (2)

11 November is de dag dat ik mijn lichtje branden mag – althans in de delen van Nederland. Gaat jouw kind ook Sint Maarten lopen? Misschien wel voor het eerst zonder ouders erbij? Met de tips uit dit artikel zul je je kind met een gerust gevoel op pad laten gaan.

Normaal gesproken stel je als ouder duidelijke grondregels op voor de veiligheid van je kind: voor het donker thuis zijn, geen snoep aannemen van onbekenden, niet bij vreemde mensen aanbellen… Tot het 11 november is en je kind nou net díe dingen gaat doen die normaal in het ‘verboden rijtje’ staan.

Bij jonge kinderen loop je zelf als ouder nog mee. Maar zo in groep 4 of 5 komt het moment dat je kind zonder ouder erbij wil  ‘lichtje lopen’, gezellig met een groepje vriendjes of vriendinnetjes. Veel ouders vinden dat die eerste keer best een beetje eng. Maar met goede afspraken valt dat allemaal wel mee. Bovendien is het goed om je te realiseren dat er waarschijnlijk geen andere avond in het jaar is waarop de sociale controle ’s avond op straat zo groot is als op 11 november. Er zijn immers heel veel kinderen en volwassenen op pad.

De do’s en don’t voor een geslaagde Sint Maarten:

  • Maak duidelijke afspraken over de route die wordt gelopen. Stippel een route uit langs goed verlichte straten, waar normaal gesproken meer kinderen met lampionnetjes op pad zijn. Natuurlijk probeer je zoveel mogelijk bekenden van jouw kind en van de andere kinderen in het groepje op te nemen in de route. Spreek af in welke richting de route wordt gelopen. Op die manier kun je je kind gemakkelijk vinden als dat nodig is. Het hangt natuurlijk sterk van je woonomgeving af hoe strikt je deze afspraken wilt maken. Soms is ‘aan deze kant van de grote weg blijven’ al voldoende.
  • Spreek af hoe je kind en de rest van de groep zich dienen te gedragen. Kinderen in een groepje, vooral als ze stijf staan van suikers, kleurstoffen en adrenaline, gedragen zich soms net even wat anders dan je als ouder zou willen. Het kan geen kwaad om van te voren even te benadrukken dat Sint Maarten geen snoeprooftocht is met snelafgeraffelde liedjes en stukgescheurde lampions: er moet netjes gezongen worden en keurig worden bedankt. Uiteraard krijgen kleinere kinderen alle ruimte en rust om hun liedje te zingen. Bewoners van huizen waar niet wordt opengedaan, worden met rust gelaten. Dus niet op ramen bonzen of respectloze liedjes zingen (al vinden sommigen dat dit juíst ook bij de traditie hoort).
  • Geef je kind een mobiele telefoon mee, dan kan het jou bereiken om te overleggen als er toch van de route wordt afgeweken en jij kunt een keertje bellen om te vragen hoe het gaat.
  • Neem van tevoren een aantal ‘wat doe je als’-scenario’s door met je kind en het liefst met het hele groepje. Wat doe je als je binnen gevraagd wordt omdat daar het snoep ligt? Niet doen. Wat doen jullie als jullie onderweg ruzie krijgen? Toch bij elkaar blijven. Wat doe je als je nodig moet plassen? Niet bij vreemden vragen of je naar het toilet mag, maar altijd bij een goede bekende (en natuurlijk niet stiekem tegen een heg aanplassen!).
  • Geef je kind reservebatterijen mee voor in de lampion. Controleer ook even of de constructie van de lampion voldoende weers- en gebruiksbestendig is. Er worden soms prachtige lampions geknutseld op school, maar de ontwerpen zijn helaas niet altijd even gebruiksvriendelijk. Als je denkt dat de lampion het eind van de straat niet haalt, kun je overwegen een kant-en-klare (reverse)lampion mee te geven. Het is sneu voor je kind als het helemaal zonder lampion verder moet lopen (bovendien wordt dat ook niet altijd op prijs gesteld door de mensen bij wie wordt aangebeld).
  • Wens je kind veel plezier! Sint Maarten is een hartstikke leuk feest en voor veel kinderen is met een groepje langs deuren gaan in het donker, met het licht van de lampionnetjes en een steeds verder uitpuilende zak snoep een geweldige ervaring.

Tot welke leeftijd kan je kind Sint Maarten lopen?

Er komt een moment dat je kind te oud is om Sint Maarten te lopen. Die grens ligt zo rond een jaar of elf, tot en met groep 7. Groep 8 kan vaak nog nét, mits de kinderen niet voordringen, keurig zingen, netje bedanken en een lampion bij zich hebben. Brugklasser zijn echt te oud.

Er zijn wel verschillen per wijk of plaats. In de ene plaats kan het heel normaal zijn dat alle kinderen van de basisschool lampionnetje lopen, ergens anders kun je zomaar van de buurvrouw te horen krijgen dat ze je dochter van tien eigenlijk te oud vindt voor Sint Maarten.

Verder lezen

Jongen leest boek, huiswerk

7 tips voor het helpen met huiswerk

5 september 2016 | Reacties (0)

Een A4-tje met topografie, een lijst moeilijke woorden, de tafel van 6, de eerste boekbespreking, een spreekbeurt over huisdieren. Op de meeste basisscholen krijgen kinderen huiswerk mee naar huis. Voor een deel omdat er geleerd moet worden voor en toets, maar ook om te wennen aan het fenomeen huiswerk maken. Door als ouder thuis actief betrokken te zijn bij het schoolwerk, stimuleer je de ontwikkeling van je kind enorm. Maar hoe pak je dat precies aan?

Jongen leest boek, huiswerk

Het is niet niet jóúw huiswerk

Vooropgesteld: het is niet jóúw huiswerk. Je kind is zelf verantwoordelijk voor het maken (of niet maken) van huiswerk. Je zult niet de eerste ouder die vol goede bedoelingen zijn kind gaat helpen om er aan het eind van de middag achter te komen dat jij eigenlijk die hele spreekbeurt hebt geschreven, in plaats van je kind. Dat wil niet zeggen dat je je kind helemaal in zijn sop moet laten gaarkoken. De meeste kinderen kunnen echt wel wat hulp gebruiken bij hun huiswerk. Een goed uitgangspunt is dan ook: help je kind het zelf te kunnen doen.

 

Tips voor het helpen met huiswerk

 

1. Toon belangstelling

Vraag je kind wat het moet doen en bekijk het huiswerk.

2. Help je kind met het maken van een planning

Wat ga je eerst doen, hoe kun je het werk in overzichtelijke stukken opdelen, wat is een goede manier om een werkstuk te maken? Een goede planning kunnen maken, is misschien wel het allerlastigste onderdeel van huiswerk. Als je kind dit op de basisschool al leert, zal de overgang naar de middelbare school een stuk soepeler verlopen. Een volleerd planner zal je kind overigens nog lang niet zijn. Dat kan simpelweg niet. Het deel in de hersenen dat je gebruikt om te plannen, de frontale kwab, is pas rond het twintigste jaar uitontwikkeld.

3. Zorg voor een geschikte plek in huis waar je kind huiswerk kan doen

Dat hoeft niet de eigen slaapkamer van je kind te zijn. Vooral jongere kinderen vinden het vaak veel fijner om gewoon in de woonkamer met hun huiswerk bezig te gaan. Het hoeft niet muisstil te zijn, maar je kind moet wel ongestoord kunnen werken. Sommige kinderen vinden het prettig als er muziek aanstaat. De tv kun je echter beter uitzetten, want die leidt over het algemeen erg af.

4. Bepaal samen wat voor jouw kind de beste tijd is voor huiswerk

De persoonlijke voorkeur speelt hierbij een belangrijke rol. Wijs je kind erop dat je beter leert onthouden door herhaling: liever zes dagen achter elkaar tien minuten leren dan één dag een uur lang.

5. Overhoor je kind

Overhoren is niet alleen een manier om te testen of je kind de stof voldoende beheerst. Door te overhoren stimuleer je ook het zelfvertrouwen van je kind. Het geeft jou inzicht in de manier waarop je kind leert en de effectiviteit daarvan. Zo nodig kun je samen op zoek gaan naar nog betere manieren van werken. Tot slot is overhoren ook gewoon een extra herhaling van het geleerde.

6. Help het kind met praktische zaken

Laat je kind zien hoe je informatie op internet opzoekt en ga samen naar de bibliotheek. Zorg dat er inkt is voor de printer en help met het e-mailen van presentaties. Bezoek ook eens een museum dat aansluit bij de stof die je kind moet leren.

7. Moedig je kind aan

en zorg voor een positieve sfeer rond huiswerk.

Verder lezen

Boeken kaften, hoe doe je dat?

Boeken kaften, hoe doe je dat?

18 augustus 2016 | Reacties (0)

De laatste keer dat je een boek gekaft hebt, was waarschijnlijk toen je op de middelbare school zat. Sommige basisscholen roepen de hulp in van ouders om schoolboeken te kaften, opdat de boeken langer meegaan. Wil je helpen bij deze klus maar weet je niet meer precies hoe je ook alweer een boek kaft? Dan vind je hier een handleiding. Ook handig voor (ouders van) kersverse brugklassers!

Klik-en-print de handleiding ‘boeken kaften’:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Deze stappen worden visueel voorgesteld:

  1. Leg je boek opengeslagen op het kaftpapier en knip een strook, waarbij je aan elke kant van het boek minstens 5 centimeter over houdt. (Kleinere boeken kunnen over de breedte van de rol, dat spaart een heleboel kaftpapier.)
  2. Vouw het papier precies in het midden.
  3. Vouw het papier om je boek, zodat de vouwlijn precies over het midden van de rug loopt.
  4. Vouw de apjes om de voor- en de achterkant en plooi ze weer open.
  5. Van de rug knip je de stroken schuin in, begin breed en eindig even smal als de rug.
  6. Haal het boek uit de kaft en vouw die stukjes naar binnen, onder de rug van het boek
  7. Leg het boek netjes in de flapjes die je daarnet maakte. Vouw dan de boven- en onderkant schuin in en dan naar binnen, alsof je een cadeautje inpakt.
  8. Sluit je boek. Vouw nu ook de zijkanten één voor één om.
  9. Met plakband plak je de omgevouwen hoeken aan elkaar vast. Niet aan het boek!
  10. Sluit het boek en verstevig de rug met stukjes plakband.

De manier waarop in deze handleiding boeken worden gekaft, is de meestgebruikte. Er zijn wel wat kleine variaties in methodes van boeken kaften. Op youtube staan diverse instructiefilmpjes waarin wordt voorgedaan hoe je een boek moet kaften. In dit filmpje, bijvoorbeeld, wordt het boek op een andere manier centraal in de kaft gelegd dan in stap 3 volgens de handleiding hierboven:

Kaften met karin

Kaft nu professioneel je schoolboeken met behulp van deze duidelijke instructiefilm.

Er is niet één goede manier van boeken kaften. Ontdek zelf welke methode je het beste ligt en welke het mooiste resultaat oplevert.

(Dit artikel is mede gebaseerd op en maakt gebruik van materiaal van Klasse.be, waarvoor een Creative Commons-licentie is verleend)

Verder lezen

Back to school

Relaxed terug naar het schoolritme

16 augustus 2016 | Reacties (1)

Hoe eindeloos die lange vakantie van tevoren ook leek, na zes weken is de pret voorbij en moet je weer in het ritme zien te komen. Dat valt niet altijd mee… Zo zorg je voor een soepele omschakeling, zowel voor jezelf als voor je kinderen.

Lekker laat naar bed, ’s ochtends rustig een uurtje in de pyjama blijven rondlopen, geen gehaast, geen gedoe, geen gestres. Zomervakantie is het ultieme onthaasten. De keerzijde is echter dat het voor veel ouders en kinderen ook weer behoorlijk wennen is als na de vakantie het gewone leven weer begint.

Back to school

In sommige gezinnen is de omschakeling van vakantie naar school een niet-bestaand probleem. De kinderen hebben weer zin om naar school te gaan, om hun vriendjes weer te zien, hun clubs te bezoeken en de ouders snakken naar regelmaat. “De eerste schooldag is altijd nog een beetje onwennig. Dan sta ik extra vroeg op om te zorgen dat we zonder stress naar school toe kunnen”, vertelt Sandra, moeder van Bo (11) en Tygo (5). “Maar zodra het dinsdag is, hebben we het ritme al helemaal weer te pakken. Bij ons is de eerste schoolweek vaak meer relaxed dan de laatste vakantieweek, wanneer bij de kinderen de verveling toeslaat, ze een beetje zenuwachtig beginnen te worden voor het nieuwe schooljaar en wij zelf nog druk bezig zijn vakantiewassen te draaien en spullen op te ruimen.”

Stiekem genieten van post-vakantiechaos

In het gezin van Marcel en Luna, ouders van Tom (10), Puck (6) en Rik (4), verloopt de overgang van vakantie naar school meestal chaotisch. “Wij zitten met ons hoofd en hart nog in la douce France, de kinderen krijgen we met geen stok op tijd naar bed en de eerste paar weken vergeten we álles: broodtrommels, gymkleren, voetbaltraining. Volgens mij zijn wij als gezin in een soort collectieve denial dat de vakantie weer voorbij is”, zegt Marcel. “We nemen ons steevast voor om het volgend jaar anders aan te pakken, maar als ik heel eerlijk ben, hoort die ‘post-vakantiechaos’ voor mij nog echt een beetje bij het vakantiegevoel.”

Schoolspullen kopen

“Onze jongens moeten echt omschakelen”, is de ervaring van Petra, moeder van de tweeling Joris en Tijl (9), die beiden licht autistisch zijn. “Zowel aan het begin van de vakantie als aan het eind van de vakantie lopen ze wat met hun ziel onder de arm. We gaan daarom ook expres altijd de middelste twee weken van de zomervakantie weg. Dan hebben ze lekker een paar rommelweken om de overgang van het ene naar het andere ritme te maken.”

Petra is daar heel bewust mee bezig. “De eerste dagen plan ik vaak een activiteit in om Joris en Tijl te laten wennen aan de overgang van de structuur van school naar de vrijheid van de vakantie. Dat doe ik aan het einde van de vakantie weer. Meestal gaan we dan iets doen wat alvast met school te maken heeft, zoals de stad in om een nieuwe etui, drinkbeker of andere schoolspullen te kopen. Niet dat ze die echt nodig hebben, maar het helpt hen om de wereld van school weer binnen te laten in hun gedachten. Dat maakt de overgang minder abrupt. En het is ook nog eens heel gezellig!”

Pannenkoeken en een goed gesprek

Stapel pannenkoeken“Pannenkoeken.” Voor Martin, vader van Tim (8), zijn pannenkoeken de sleutel. “Elke schoolvakantie begint voor ons met pannenkoeken bakken op de laatste schooldag en eindigt met pannenkoeken bakken op de laatste vakantiedag. Dat was bij ons thuis vroeger al traditie en mijn drie broers en ik hebben dat bij onze kinderen ook zo overgenomen. Tijdens het pannenkoeken eten bespreken we de periode die achter ons ligt en kijken we vooruit naar de periode die gaat komen. Wat vonden we moeilijk, waar hebben we van genoten, waar hebben we zin in, wat verwachten we? Ik denk dat het heel goed is om van tijd tot tijd met kinderen te reflecteren over het leven. Heel bewust hebben we het tijdens die pannenkoekensessies niet alleen over Tim, maar ook over onszelf en over onze onderlinge relaties. Heel waardevol.”

Praktische tips

  • Breng in de laatste vakantieweek de bedtijd stapje voor stapje terug tot de normale tijd. De start van het schooljaar – met een nieuwe juf, een nieuw lokaal, misschien andere kinderen in de groep en andere regels – vreten energie; daar kan je dus maar beter zonder slaaptekort aan beginnen.
  • Kies je eigen einde-vakantie-ritueel.
  • Maak een schema of weekplanner om het nieuwe ritme onder de knie te krijgen: wie heeft wanneer gymles, schoolzwemmen, voetbaltraining, vioolles etc. Hang het op een zichtbare plek op.
  • Maak zo nodig nieuwe afspraken. Een nieuw schooljaar is hét tijdstip om nieuwe regels vast te stellen: wie smeert de boterhammen, hoe vaak mag er afgesproken worden met vriendjes, wat zijn de nieuwe bedtijden, wie kiest de kleding uit.
  • Doe in eerste schoolweek (maar ook daarna!) nog eens iets onverwachts. Pak een terrasje, ga uit eten, ga naar het zwembad, maak tussen de middag een fietstochtje met picknick, stop een typische vakantielekkernij in de broodtrommel. Zo houd je het vakantiegevoel nog een beetje vast.
  • Smeer de avond tevoren alvast het brood voor de broodtrommels en zet de ontbijtspullen klaar, dat scheelt ’s ochtends veel werk. Nog verder vooruit werken: smeer op zondagavond alvast de lunchpakketten voor de hele week en leg ze in de vriezer.

Verder lezen

5 tips om tekeningen leuk ten toon te stellen

5 tips om tekeningen leuk ten toon te stellen

13 juli 2016 | Reacties (0)

Je kent het vast wel, je kind komt vol trots met een hele stapel (knutsel)werkjes en tekeningen uit school. Vooral aan het eind van het schooljaar of als een thema afgelopen is, is het vaak veel in één keer. Daar moet je als ouder iets mee, maar wat? Het prikbord is al snel gauw vol en om nu de hele kamer vol te hangen, gaat te ver. Hieronder 5 tips om een leuke, in elk huis passende ‘tentoonstelling’ te maken. Trotse kinderen en een opgeruimd huis!

tips kindertekeningen ophangen 2

  1. Knip van alle werkjes en tekeningen het allermooiste stukje af, plak ze op een A3 of A4 en doe ze in een wissellijst.
  2. Koop doorzichtig tafelzeil voor op de eettafel (voor enkele euro’s per meter te koop bij woonwarenhuizen) en leg de tekeningen eronder. Als placemat voor ieder gezinslid of kris kras door elkaar.
  3. Doe de tekeningen in posterkokers, laat de kokers versieren door je kind(eren) en leg ze op een plank. Neemt niet veel ruimte in en ziet er erg leuk en uitnodigend uit om ze nog eens te bekijken.
  4. Doe de werkjes en tekeningen in een mandje en zet het mandje op de w.c. Kan je ze in alle rust nog eens bekijken.
  5. Maak van de tekeningen en werkjes een foto voor thuis en deel ze uit in het bejaardenhuis om de hoek. Leer je je kind ook meteen goed burgerschap.

Verder lezen