Schoolvakken

Waarom tafels leren een blijvertje is

Waarom tafels leren een blijvertje is

18 september 2017 | Reacties (1)

Binnen drieënhalve minuut honderd keersommen van een tafelblad maken. Dat moeten kinderen kunnen om hun tafeldiploma te halen. Oftewel, om te voldoen aan de norm die aan het eind van groep 5 gehaald moet zijn. Voordat dat niveau is bereikt, gaat er heel wat aan vooraf.

In welke groep worden de tafels geleerd?

Het aanleren van de tafels speelt zich hoofdzakelijk af in groep 4 en 5. Op de meeste scholen wordt in groep 4 begonnen met inzicht geven in hoe de tafels werken en wat er eigenlijk gebeurt bij keersommen. Ook leren de leerlingen in de groep 4 hun eerste tafels uit het hoofd (‘automatiseren’ heet dat in onderwijsjargon). In groep 5 volgen de overige tafels en wordt hard aan het tempo gewerkt. Aan het eind groep 5 moet de norm gehaald zijn, maar in de praktijk blijkt dat dit veel leerlingen niet lukt of dat de kennis van de tafels in de zomervakantie weer is weggezakt. Kijk dus niet vreemd op als je zoon of dochter in groep 6 nog steeds tafels moet oefenen.

Volgorde waarin de tafels worden geleerd

Er is geen standaardvolgorde waarin de kinderen de tafels aanleren. De volgorde verschilt van methode tot methode. Meestal wordt begonnen met de tafels van 1, 2, 5 en 10 (of 10 en 5) in groep 4 en volgen in groep 5 de tafels van 3, 4, 6, 7, 8 en 9 (de volgorde kan wisselen). Sommige scholen voegen hier de tafels van 11, 12, 15 en 20 nog aan toe.

Tafels stampen is geen doel op zich

De tafels van vermenigvuldiging vormen de basis voor vrijwel alle rekenhandelingen in de bovenbouw. Daarom is het ook zo belangrijk dat kinderen ze goed kennen. Hoe belangrijk het aanleren van tafels ook is, tafels stampen zonder dat je kind weet wat het aan het doen is, is een vrij zinloze bezigheid.  Voor veel kinderen is het ook ondoenlijk om alleen via memoriseren tot beheersing van de tafels te komen. Daarom vindt uitbreiding van de kennis van tafels plaats door het leggen van relaties (denkstrategieën) tussen gekende en nieuw te leren tafels. Als je thuis met je kind gaat oefenen, is het goed om hier ook aandacht voor te hebben.

Een paar voorbeelden:

  • Je dochter moet het antwoord geven op 7 x 8 maar weet dat niet. Ze begint de tafel van 8 op te zeggen in de hoop dat ze zo op het goede antwoord komt. Je hebt eerder gemerkt dat ze bij 8 x 8 direct het goede antwoord (64) kon noemen. Wijs haar erop dat 7 x 8 eigenlijk gewoon ‘8’ minder is dan het antwoord op ‘8 x 8’; ze komt sneller op het juiste antwoord door 64 – 8 uit te rekenen dan door de bijna de hele tafel van 8 op te dreunen. Als ze op deze manier het antwoord een aantal keren heeft uitgevogeld, zal ze het vanzelf onthouden en dus alsnog automatiseren.
  • Je dochter weet niet hoeveel 5 x 4 is. Vraag eens of ze misschien wel weet hoeveel 4 x 5 is (omkering)
  • Je dochter heeft moeite om 6 x 7 te onthouden, maar 3 x 7 vindt ze makkelijk. Wijs haar erop dat 6 x 7  het dubbele is van 3 x 7. Voor haar is misschien makkelijker om 21 + 21 op te tellen dan heel lang na te denken over de som 6 x 7. Als ze dit trucje vaker toepast, volgt automatisering vanzelf.

Uit het hoofd leren of niet?

Sommige rekenmethodes gaan zo ver dat ze aangeven dat de kinderen de tafels niet meer hoeven te leren, maar dat ze moeten weten hoe ze ze kunnen uitrekenen. Kennis van de tafels is dan niet meer het resultaat van stampen, maar het resultaat van een proces van steeds verdergaande verkorting van handig rekenen. De meeste leerkrachten kiezen er echter toch voor om de tafels te laten leren; voor de meeste kinderen is dat nu eenmaal een stuk makkelijker en voor alle kinderen geldt dat er later veel tijdwinst mee gehaald kan worden.

‘Dom dreunen in rijen van twee’

“Vroeger ging het bij tafels leren om dom stampen. Ik zie ons nog zitten in de derde klas bij meester Bakker. In rijen van twee en dreunen maar”, herinnert Minke Visser (47) zich uit haar eigen schooltijd. Visser is groepsleerkracht in groep 5. Volgens haar is het uit het hoofd leren van tafels nog altijd ontzettend belangrijk. “Het grote verschil met vroeger is dat we tegenwoordig de kinderen wijzen op de relaties tussen de tafelsommen. Op die manier begrijpen ze beter wat ze leren en onthouden ze de uitkomsten beter. Maar dat onthouden is nog steeds ontzettend belangrijk”, vindtVisser.

Maak van je hoofd een rekenmachine

Er komen wel eens ouders bij haar die het ‘tafelen’ maar onzin vinden. Iedereen gebruikt toch rekenmachines tegenwoordig, zeggen die. “Ik stel dan altijd een tegenvraag”, vertelt Visser. “Vind je zo’n rekenmachine handig? Als ze dan ‘ja’ zeggen, leg ik uit dat je door tafels te oefenen van je eigen hoofd een soort rekenmachine maakt. Je voert een som in en – hup –  het antwoord rolt eruit. Als je het zo vertelt, begrijpt iedereen de meerwaarde. Zo leg ik het ook uit aan mijn leerlingen. Die vinden dat supercool, hun eigen hoofd als rekenmachine.”

 

Lees ook de overige artikelen in dit dossier:

 

Verder lezen

Hakken en plakken, zoemen en zingen

Hakken en plakken, zoemen en zingen

7 september 2017 | Reacties (2)

Wat moet je doen om een woord te kunnen lezen? De letters herkennen, weten welke klank erbij hoort en daarmee het woord vormen. Dat is een heel proces voor iets wat later – als het goed is – vanzelf gaat. Om het aan te leren, oefenen kinderen in groep 3 met ‘hakken en plakken’ of met ‘zoemend lezen’ of ‘zingend lezen’.

Welke manier er op de school van jouw kind wordt gebruikt, hangt af van de lesmethode en ook nog van de versie van die lesmethode. De meeste scholen gebruiken de methode Veilig Leren Lezen van Zwijsen. In de Maan-versie (tot 2014 te koop) wordt hakken en plakken gebruikt. In 2014 is een nieuwe versie van Veilig Leren Lezen op de markt gekomen. In deze zogeheten Kim-versie leren de kinderen woorden lezen door middel van zoemend lezen. Als jullie school net een nieuwe leesmethode heeft aangeschaft, kan het dus zijn dan je kind hiermee aan de slag gaat. Ook vrij nieuw is de leesmethode Lijn 3. Die pakt het leren lezen weer net een beetje ander aan en heeft het over zingend lezen.

Wat is hakken en plakken?

Hakken en plakken is eigenlijk precies wat het begrip al aangeeft: het woord wordt eerst in stukjes (klanken) gehakt en daarna weer aan elkaar geplakt. Dit gaat het makkelijkst bij zogeheten ‘klankzuivere’ woorden. Dat zijn woorden waarbij de letterklanken zonder vervorming van de klanken worden uitgesproken. Een woord als tak is klankzuiver (t-a-k, maar peer niet omdat de ee-klank een beetje vervormt naar een i-klank. Op de meeste scholen wordt in groep 2 al een begin gemaakt met hakken en plakken.

Bij het hakken en plakken horen vaste handgebaren. Bij het hakken maken de leerlingen met twee platte handen tegen elkaar een hakbeweging; de kinderen spreken de klanken één voor één uit. Bij het plakken worden de klanken met een veegbeweging (soms een klapbeweging) van beide handen bij elkaar gevoegd en wordt het woord in zijn geheel uitgesproken. Op dit YouTube-filmpje oefenen twee meisjes met maan hakken en plakken:

maan roos vis 1

No Description

Hakken en plakken wordt vrijwel overal gebruikt en is ook onderdeel van het lesmateriaal. Bij de filmpjes van de methode Veilig leren lezen (maan-roos-vis) wordt het nieuwe woord bijvoorbeeld standaard gehakt en geplakt. Zoals op dit filmpje bij het woordje maan. Na een maand of drie leesonderwijs verdwijnt hakken en plakken naar de achtergrond en gaan kinderen steeds meer vloeiend lezen.

Zoemend lezen en zingend lezen

Bij zoemend lezen en zingend lezen worden de klanken lang aangehouden. In die tijd kan het kind vooruitkijken naar de volgende klank. Bij ‘zoemen’  en ‘zingend lezen’ worden de klanken van het woord uitgesproken zonder ze op te breken in aparte stukjes. De eerste letterklank wordt lang aangehouden, waarna de volgende eraan vastgeplakt word: mmmaaaan (maan) of sssssiiiiiiip (sip).

In dit filmje wordt uitgelegd hoe zoemend lezen werkt:

Veilig leren lezen – zoemend lezen

Uploaded by Uitgeverij Zwijsen on 2015-02-02.

Het zingend lezen is eigenlijk een andere manier van ‘plakken’. Onderwijskundige José Schraven, auteur van de methode Zo leer je kinderen lezen en spellen, is er een voorstander van om het hakken van woorden (de auditieve analyse) los te koppelen van de het plakken (de auditieve synthese) en ook in de kleutergroepen al te oefenen met zingend lezen in plaats van met hakken en plakken. Dat zou veel verwarring bij kinderen voorkomen.

Meer weten over lezen? Zie ook:

Verder lezen

De eerste schooldag in groep 3: best spannend...

De eerste schooldag in groep 3: best spannend…

21 augustus 2017 | Reacties (0)

Schuchter stapt Laura (6) aan de hand van haar moeder het schoolplein op. Met grote ogen kijkt ze naar de oudere kinderen op het plein, die elkaar met high fives begroeten na de lange zomervakantie. Wat zijn ze gróót! Precies hetzelfde denkt haar moeder ook op deze eerste schooldag na de zomervakantie, waarop Laura in groep 3 start. “Het voelt bijna alsof Laura weer voor het eerst naar school gaat, zo onwennig allemaal.”

the-little-girl-277697_640

De eerste schooldag in groep 3 staat voor bijna alle kinderen én hun ouders synoniem aan wennen. Basisscholen proberen de overgang tussen de kleutergroepen en groep 3 zo soepel mogelijk te laten verlopen. Toch kun je er bijna niet omheen: groep 3 is anders. Naar binnen via de ingang van de ‘grote kinderen’ (als ouder mag je vaak niet meer mee de klas in, of alleen de eerste weken), minder speelgoed in de klas, minder of geen hoeken meer, zitten aan een tafeltje met een vak vol boeken en schriften en wennen aan een geheel nieuwe schoolroutine. Ga er maar aan staan.

De eerste schooldag in groep is vaak spannend

De start in groep 3 is vaak dan ook best spannend. Ook doordat er door de buitenwacht de nadruk op wordt gelegd dat nu het spelen voorbij is en het ‘echte werk’ begint. Sommige kinderen twijfelen of ze daar wel aan toe zijn. Of raken aan het eind van de zomervakantie in paniek omdat ze nog niet kunnen lezen: hoe moet dat nou in groep 3?

Gelukkig gebeurt er die eerste dag zo veel dat de aandacht opslokt, dat de zorgen al snel naar de achtergrond verdwijnen. Als je kind ’s middags naar buiten komt, heeft het zijn eerste woordje leren lezen. Een mijlpaal die het begin markeert van een nieuwe fase: je kind kan lezen.

Zie ook Leren lezen in groep 3, zó help je je kind

“Lot had het moeilijk aan het begin van het schooljaar. Ze vond het heerlijk dat ze nu in groep 3 zat en leerde lezen, maar tegelijkertijd miste ze het spelen ook heel erg. We twijfelden of ze wel toe was aan groep 3. Gelukkig wist de juf een oplossing: Lot deed ’s ochtends mee met groep 3, maar als zij dat wilde mocht ze ’s middags nog meedoen in groep 2. Uiteindelijk heeft ze daar maar een paar keer voor gekozen, maar alleen het idee dat het kón, gaf haar al rust.”

Jaap, vader van Lot (7), Tessa (6) en Ruben (9)

Het zelfvertrouwen groeit

Aan het begin van groep 3 zijn de kinderen nog maar net kleuter-af. Ze kunnen zich nog niet zo lang concentreren: 15 à 20 minuten is wel zo’n beetje het maximum. De leerkracht houdt daar rekening mee en zorgt voor voldoende afwisseling tussen de lessen en de werkjes. Ook is er op de meeste scholen nog volop gelegenheid om te spelen, al is dat wel beduidend minder dan bij in de kleutergroepen.

Gaandeweg kunnen kinderen langer achter elkaar geconcentreerd werken. Ze leren steeds beter taken te plannen en die zelfstandig uit te voeren. In de loop van groep 3 en 4 schudden ze hun schuchterheid en onwennigheid van zich af en groeien over het algemeen uit tot zelfbewuste schoolkinderen, die vol zelfvertrouwen in het leven staan.

Ook uiterlijk veranderen kinderen sterk in deze periode. Ze worden langer en dunner en krijgen een steeds soepeler motoriek. Op een dag zul je naar je kind kijken en – misschien verbaasd of zelfs een beetje weemoedig – vaststellen dat ook de laatste restjes kleuter nu echt zijn verdwenen.

Een handig overzicht van wat je kind precies leert in groep 3 vind je hier.

Tip!

Koop samen een mooie etui voor een pen, potlood en gum. Op de meeste scholen schrijven de kinderen in groep 3 met een potlood en in groep 4 met een (vul)pen. Er zijn speciale pennen en potloden voor kinderen die net leren schrijven op de markt, van diverse merken. Door hun vormgeving helpen deze je kind hun pen of potlood op de juiste manier vast te houden.

Op sommige scholen krijgen alle kinderen zo’n pen of potlood. Als dat op de school van jouw kind niet zo is, kun je overwegen er zelf eentje te kopen. Overigens zijn er ook scholen waar de kinderen zelf geen schrijfmateriaal mogen meenemen. Vraag dit dus even na op school als je het niet weet. Onthoud welke pen of potlood je kind op school gebruikt; veel kinderen vinden het fijn om thuis net zo’n pen of potlood te hebben als op school.

 

Verder lezen

Moet je doen: proefjes voor thuis

Moet je doen: proefjes voor thuis

21 augustus 2017 | Reacties (0)

Thuisinonderwijs.nl brengt ook deze vakantieperiode volop zomer-inspiratie in de rubriek Moet je doen!Vandaag aflevering 14: Proefjes voor thuis.

Kinderen leren zichzelf en de wereld kennen door te spelen, te observeren en met alles te experimenteren. Ze verkennen hun omgeving en de dingen om hen heen, stellen vragen, toetsen hun ervaringen in nieuwe situaties en leren zo beetje bij beetje hoe dingen werken. In het onderwijs heet dit ‘ontdekkend leren’, een term die de tegenwoordig erg in zwang is. Een goede manier om thuis actief in te spelen op ontdekkend leren is door proefjes te doen – en dat is ook nog eens een superleuke vakantie-activiteit.

Ontdekken = leren op je eigen manier

‘Ontdekkend leren’ sluit aan bij het concept van meervoudige intelligenties (MI), ontwikkeld door de Amerikaanse psycholoog Howard Gardner. Het uitgangspunt is dat kinderen op verschillende manieren ‘knap’ zijn. De één houdt meer van taal, de ander is liever met rekenen bezig, of met muziek of bewegen. Garder onderscheidt acht soorten van intelligentie of knap-zijn. 

 

Bouw een raket of maak slijm

Thema: scheikunde
Leeftijd: 4-12 jaar
Om thuis scheikundige proefjes te doen, hoef je echt geen laboratorium aan huis te hebben of een scheikundedoos te kopen. Scheikunde is namelijk overal. En je kunt er superleuke proefjes meedoen (geen zorgen, ze zijn echt veilig!). Wat dacht je van zelf een echte, werkende raket maken, shampoo omtoveren tot slijm, je eigen frisdrank maken, of deegballen laten groeien?

Dit is slechts een kleine greep uit de scheikundige proefjes die je kunt vinden op de website Expeditie Chemistry, waarop ruim honderd chemieproefjes staan. Met een handig filter kun je gemakkelijk proefjes vinden die geschikt voor thuis en die passen bij de leeftijd van je kind. Zelfs voor kleuters zijn er al leuke experimentjes te vinden.

No Title

Met kinderen proeven of experimenten doen? Ga samen met kinderen op ontdekking thuis, op school, op de opvang of tijdens een open dag van je bedrijf. Vind hier gratis tips, ideeën en materiaal voor een (gast)les, activiteit of kinderfeest over wetenschap en scheikunde. Zoek je materialen voor natuur en techniek in het primair onderwijs?

Dansende wasknijpers en vliegende vuilniszakken

Thema: natuurkunde
Leeftijd: 4-12 jaar
Zeg je ‘natuurkunde’, dan breekt bij sommige mensen het zweet uit. Formules, middelpuntvliedende kracht… ellende! Maar vergeet die middelbareschooltrauma’s nou maar, want natuurkundeproefjes zijn tof! (Bijkomend voordeel: je kind ontdekt zo hoe leuk natuurkunde kan zijn. En zo’n positieve eerste indruk kan later dan weer helpen om te voorkomen dat je zoon of dochter óók een natuurkundetrauma oploopt ?)

De website Slimme handen is bedoeld als inspiratiebron voor leerkrachten in het basisonderwijs, maar je kunt er als ouder ook allerlei natuurkundige proefjes vinden die je thuis kunt doen. Met een elastiek en drie wasknijpers kun je bijvoorbeeld ontdekken dat wasknijpers elkaars gedrag na-apen. Leuk voor kinderen van alle leeftijden (en voor ouders met een natuurkundetrauma). Op dit filmpje zie je hoe dat werkt:

YouTube

No Description

Ook leuk is het werkblad waarop beschreven staat hoe je een vuilniszak of een theezakje kunt laten vliegen. Struin vooral ook zelf door de site om inspirerende experimenten te vinden die je samen met kind kunt doen.

Bouw een bom (van ijslolliestokjes)

Thema: kinetische energie
Leeftijd: 5-12 jaar
Stick bombs heten ze in het Engels en ze zijn zeer spectaculair: ‘bommen’ die je maakt door ijslolliestokjes in een speciaal patroon neer te leggen. Kijk maar hoe dat er uitziet:

Stickbomb.gif

En dat is nog maar een relatief simpele stick bomb. Het kan er ook zo uitzien:

13,654 stick bomb

This is an unofficial world record & personal world record! I wish i could have made it all cobra weave but as i have learned from the past i need more room thats why its mostly ortho weave. I counted the sticks 3 times to make sure i was correct there are exactly 13,654 sticks!

Om zo’n stick bomb als hierboven te maken, is de zomervakantie waarschijnlijk te kort (en je moet er ook wel héél veel ijsjes voor eten om aan voldoende stokjes te komen. O nee, toch niet. Die kun je ook kopen).

Maar eenvoudiger experimentjes met dansende stokjes zijn natuurlijk goed te doen. In zijn simpelste vorm kunnen ook kleuters ze al maken. Een beetje hulp zul je misschien wel moeten bieden, als de fijne motoriek van jouw kleuter nog niet goed genoeg is om de stokjes goed neer te leggen. Een beschrijving van een stick bomb van vijf stokjes vind je hier. Van andere patronen kun je tal van voorbeelden vinden op YouTube.

Zelf bliksem maken

Thema: elektriciteit
Leeftijd: 4-10
Elektriciteit klinkt ingewikkeld en misschien gevaarlijk, maar statische elektriciteit kennen we allemaal. Trek maar eens een trui over je hoofd in een droge kamer en de vonken springen eraf. Dat is eigenlijk niets anders dan een kleine bliksem. Met twee ballonnen en je eigen haar, kunnen kinderen ontdekken hoe dit werkt. Op de websites Proefjes.nl (een aanrader!) staat een beschrijving van hoe je dit verschijnsel met je kind kunt onderzoeken. Laat je niet misleiden door het woord ‘werkbladen’. Die zijn natuurlijk bedoeld voor schoolse situaties, maar de vragen zijn uitstekende uitgangspunten om thuis over te praten.

proefjes.nl – proefje bliksemballon

Ben je bang voor onweer? Of vind je de bliksem en de donder juist heel spannend? Je kunt de bliksem wel zien, maar niet van dichtbij bekijken. Dat zou erg gevaarlijk zijn. Toch kun je een kleine bliksem wel van dichtbij zien.

Naar het museum

Hebben jij en je kind de smaak van het proefjes doen te pakken? Plak er dan eens een dagje naar het museum aan vast. Er zijn diverse musea waar kinderen kunnen experimenteren en proefjes kunnen doen. Om er een paar te noemen

 

Zomer 2017: Moet je doen!

Hieronder vind je alle eerder verschenen artikelen van Moet je doen!

Moet je doen: coderen en programmeren

Moet je doen: naar buiten!

Moet je doen: creatief

Moet je doen: breinbrekers

Moet je doen: minute to win it

Moet je doen: ontdekken!

Moet je doen: naald en draad

Moet je doen: denksporten

Moet je doen: allemaal beestjes

Moet je doen: daar zit muziek in!

Moet je doen: maak ’t zelf

Moet je doen: leer iets nieuws

Verder lezen

Moet je doen: daar zit muziek in!

Moet je doen: daar zit muziek in!

10 augustus 2017 | Reacties (0)

Thuisinonderwijs.nl brengt ook deze vakantieperiode volop zomer-inspiratie in de rubriek Moet je doen! Vandaag aflevering 10: Daar zit muziek in.

Kinderen houden van muziek

Bijna alle kinderen zijn gek op muziek. Ze beluisteren hun favoriete hits of kinder-cd’s of spelen misschien zelf wel een instrument. Bezig zijn met muziek is dan ook een geweldige vakantie-activiteit. En wist je dat muziek heel goed is voor de ontwikkeling van je kind?

Muziek maken met kinderen (c) Cécile GraatInstrumenten knutselen met kleuters

In alles zit muziek. Een omgekeerde emmer is een trommel, een wc-rolletje gevuld met rijst doet dienst als sambabal, een sleutelbos rinkelt als een tamboerijn en postbode-elastieken om een schoenendoos gespannen maken een perfect snaarinstrument. Loop met je kind door het huis en verzamel materialen om zelf muziekinstrumenten van te knutselen. En daarna: muziek maken maar!

Muziek maken met Bennie Briljant

Bennie Briljant is een Nederlandse website waarmee kinderen vanaf 6 jaar muziek leren maken. Als ouder kun je meekijken, maar het is niet nodig, want er wordt precies vertelt wat er moet gebeuren. Als je kind nog niet zo goed kan lezen, is het wel handig om in de buurt te blijven om te helpen.
Op de website staan drie films van ongeveer een half uur. Ze bestaan uit verschillende delen, die afzonderlijk of alle na elkaar bekeken kunnen worden. In die delen leert je kind eerst de liedjes zingen, daarna ritmes klappen en tot slot kan het zelf meespelen met een slagwerkinstrument. Op de website worden een trommel, tamboerijn, sambabal en rasp gebruikt, maar met zelfgemaakte huis-tuin-en-keuken-instrumenten gaat het net zo goed.

Maak je eigen tophit met Garageband

Voor alles is een app, dus ook om muziek te maken. Er zijn apps die je smartphone of tablet omtoveren in een drumstel, een gitaar of een piano, óf je haalt gewoon een complete muziekstudio in huis. Want dat laatste is Garageband, de meest uitdagende app voor kinderen die echt met muziek aan de slag willen. In Garageband kun je zelf een instrument (piano, bas, strings, gitaar of drum) spelen of instrumenten automatisch laten spelen op basis van akkoorden die je ingeeft. Je kunt werken met versterkers, verschillende sporen, meerdere instrumenten, opname- en testmogelijkheden enzovoort, enzovoort. Tot slot het nummer inzingen en klaar is je tophit.
Garageband is beschikbaar als app voor de iPad en iPhone en draait ook als programma op Apple-computers. Er is geen Windows-versie van Garageband, maar er bestaan wel alternatieven voor Garageband voor Windows.

Zomer 2017: Moet je doen!

Hieronder vind je alle eerder verschenen artikelen van Moet je doen!

Moet je doen: coderen en programmeren

Moet je doen: naar buiten!

Moet je doen: creatief

Moet je doen: breinbrekers

Moet je doen: minute to win it

Moet je doen: ontdekken!

Moet je doen: naald en draad

Moet je doen: denksporten

Moet je doen: allemaal beestjes

Verder lezen

Moet je doen: allemaal beestjes

Moet je doen: allemaal beestjes

8 augustus 2017 | Reacties (0)

Thuisinonderwijs.nl brengt ook deze vakantieperiode volop zomer-inspiratie in de rubriek Moet je doen! Vandaag aflevering 9: Allemaal beestjes.

Als je je kind een beetje wilt sarren, moet je bij deze activiteit zeggen dat jullie naar de dierentuin gaan. Om vervolgens de achtertuin in te stappen en te zeggen: Zo, we zijn er! Flauw natuurlijk. Maar wel hartstikke waar. Want zelfs de kleinste achtertuin of het parkje om de hoek zit tjokvol dieren. Toegegeven, niet van het formaat olifant, maar het zijn vaak best bijzondere dieren. Een middagje dieren zoeken is dan ook een spannende vakantie-activiteit.

Hoeveel dieren zitten er in de tuin?

Sommige kinderen zijn er meteen voor te porren om bloempotten om te draaien en in donkere hoekjes te kijken op zoek naar beestjes. Andere vinden het maar eng. Of vies. Kijkt je kind nog een beetje bedenkelijk? Prikkel je zoon of dochter dan door te vragen hoeveel verschillende dieren hij of zij denkt dat er in jullie tuin te vinden zijn. Vlinders, de poes van de buren, het konijn, mieren en een vogel. Een stuk of vijf?

Plak daar maar gerust een nul of misschien wel twee nullen aan vast. In Nederlandse tuinen komen duizenden dierensoorten voor, van piepklein en met het blote oog bijna niet te zien tot dieren die je veel gemakkelijker kunt ontdekken, als vogels, padden en egels. Ter vergelijking: in Wildlands Emmen wonen maar honderd verschillende soorten dieren. Dus je hebt echt niets te veel gezegd met je ‘dierentuin’.

Speuren naar tuindieren

Op zoek naar alles wat kruipt, vliegt, loopt, fladdert, zoemt, piept en zingt. Als een mini-Freek Vonk op tuinsafari. Een glazen pot om kleine diertjes in te verzamelen is handig. Of een speciaal insectenbakje met een vergrootglas in het deksel. Maar ‘verzamelen’ met een fototoestel gaat ook prima. Dat is ook wel zo veilig als je kind allergisch is voor insectenbeten of -steken.

Laat je kind lekker zijn eigen gang gaan. Sommige kinderen lopen een vlug rondje door de tuin, kijken wat omhoog en omlaag en zeggen dat er maar twee dieren te vinden zijn. Anderen duiken gelijk bovenop een mierennest en proberen zo veel mogelijk mieren in hun bakje te doen. Het is leuk om te zien hoe je kind zoiets aanpakt. De snelle zoeker kun je verleiden om eens onder een tak of een tegel te kijken, de mierenverzamelaar kun je erop wijzen dat de tuin nog véél groter is en dat er ook nog andere dieren dan mieren te verzamelen zijn.

Jonge kinderen kun je zelf op weg helpen door een afstreepkaart te maken met bijvoorbeeld een vlinder, een slak, een vogel, een spin en een lieveheersbeestje. Lukt het je kleuter om alle dieren te vinden?

Ook Het Klokhuis vorig jaar op tuinsafari en maakt een documentaire over pissebedden:

YouTube

No Description

Welk dier heb ik gevonden?

Hoeveel dieren heeft je kind kunnen vinden in de tuin? Tien, twintig, zestig? Super! Maar… wat zijn dat nou eigenlijk precies voor dieren? Een mier en een slak zal je kind nog wel kunnen benoemen, maar een honderdpoot of een duizendpoot (weet jij het verschil; moet je echt pootjes tellen?) wordt al lastiger. Om nog maar te zwijgen van de groene struiksnuittor en de springkever. Dan biedt de website of app Dierenzoeker een uitkomst. Die kun je gebruiken om de meestvoorkomende dieren in de tuin te determineren. Dierenzoeker is ontwikkeld door tv-programma Het Klokhuis en natuurmuseum Naturalis.

Ook ’s nachts en ’s avonds op pad

Laat je kind ook eens ’s avonds als het donker is in de tuin op zoek gaan naar dieren (het is toch vakantie, dus een keertje laat opblijven kan best). Dan zijn er weer heel andere dieren actief dan overdag. Nachtvlinders bijvoorbeeld. Maar misschien zien jullie ook wel een vleermuis (in de schemering) of scharrelt er een egeltje rond!

Let op: controleer je kind na het dieren zoeken op teken. In het hoge gras of in de struiken kan je kind er gemakkelijk eentje oplopen. Teken moet je snel verwijderen om te voorkomen dat ze ziektes overbrengen.

Zomer 2017: Moet je doen!

Hieronder vind je alle eerder verschenen artikelen van Moet je doen!

Moet je doen: coderen en programmeren

Moet je doen: naar buiten!

Moet je doen: creatief

Moet je doen: breinbrekers

Moet je doen: minute to win it

Moet je doen: ontdekken!

Moet je doen: naald en draad

Moet je doen: denksporten

Verder lezen

Moet je doen: denksporten

Moet je doen: denksporten

3 augustus 2017 | Reacties (0)

Thuisinonderwijs.nl brengt ook deze vakantieperiode volop zomer-inspiratie in de rubriek Moet je doen! Vandaag aflevering 8: Denksporten.

Jarenlang moest je een beetje een nerd zijn om van denksporten als schaken, dammen en Go te houden. Maar dat is tegenwoordig wel anders. Steeds meer kinderen ontdekken hoe leuk denksporten zijn. En wist je dat ze ook nog eens heel goed zijn voor de ontwikkeling van kinderen? Niet voor niets worden schaken en dammen en soms ook de Oosterse denksport Go op scholen voor hoogbegaafde kinderen aangeboden als extra vak. Veel belangrijk nog: kinderen vinden denksporten leuk, zelfs sommige kleuters al!

Wat kunnen kinderen leren van denksporten?

  • beter concentreren
  • ruimtelijk inzicht
  • denken vanuit het perspectief van een ander
  • keuzes maken en consequenties daarvan accepteren
  • fouten durven maken
  • planmatig en methodisch denken (en nadenken over denken)
  • abstract denken
  • impulsen beheersen
  • prioriteiten stellen

Kortom: kinderen leren ontzettend veel denksporten. Naar de effecten van schaken op schoolprestaties is internationaal volop onderzoek gedaan. De uitkomsten zijn eigenlijk steeds hetzelfde: schaken stimuleert het denkvermogen en de prestaties op andere gebieden, zelfs de leesvaardigheid.

Hoe leer je een denksport?

Het Oosterse bordspel Go is in Nederland minder gangbaar, maar een dam- en schaakbord plus damschijven en schaakstukken zijn in bijna elke spellendoos te vinden. Grote kans dus dat ze het al wel in huis hebt. Of misschien heb je nog wel een echt houten bord in de kast liggen. Als je zelf kunnen dammen of schaken, kun je je kind zelf de spelregels leren. Of anders kan opa of oma dat vast wel. Is er niemand in je omgeving die de spelregels kent? Dan biedt – zoals altijd – internet een uitkomst.

Dammen

dammenDammen is waarschijnlijk de makkelijkste denksport om aan te leren, omdat de spelregels redelijk eenvoudig zijn. Dat wil overigens niet zeggen dat dammen daardoor makkelijker is dan schaken of Go, want dat is niet zo. Op hoog niveau is dammen minstens zo gecompliceerd als de andere denksporten.

Om te leren dammen is voor kinderen de website DamMentor.nl een goede start. De site is bedoeld voor kinderen die op een damclub zitten, maar je kunt er op prima zelf mee aan de slag. Je kind kan er gratis een complete damcursus voor beginners volgen.

 

Schaken

schaken kinderenHet grootste aanbod is er in websites om te leren schaken. Veel websites zien er echter nogal saai en weinig kindvriendelijk uit, of zijn in het Engels. Een leuke Nederlandstalige website voor kinderen om online te leren schaken is Chessity, een methode die ook veel bij schaaklessen op basisscholen wordt gebruikt. Je kind leert hier schaken door middel van allerlei games en spelletjes. Met een gratis account kan je kind kennismaken met de spelregels. Krijgt je kind de smaak te pakken, dan biedt een betaalde account meer games en lessen, tot aan vergevorderd niveau aan toe..

Een andere geschikte website voor kinderen om kennis te maken met schaken is de Schaak Maar Raak-Academy. Niet interactief, maar wel met een duidelijke uitleg en leuk vormgegeven.

Go

goNet als dammen is ook Go niet moeilijk om te leren, maar dan begint het pas: er wordt wel gezegd dat dit van alle denksporten de moeilijkste is… Een speciale website voor kinderen om Go te leren (al laat de vormgeving te wensen over) is 321go.org. Je kind kan het spel hier gratis leren, maar er moet wel een account worden aangemaakt. Vervolgens is er een hele cursus beschikbaar, gebaseerd op de methode van de Nederlandse Go Bond.

En dan… spelen!

Als je kind de regels van een denksport kent, heeft hij een spel geleerd waar hij de rest van zijn leven plezier aan kan beleven, waar ook ter wereld. Er is altijd wel iemand te vinden die kan schaken of dammen (Go in het Westen wat minder). Elke partij is anders en je wordt steeds beter. Op sommige scholen is een echte schaak- of damcultuur, waarin schoolteams meedoen aan toernooien en wedstrijden. Zodra kinderen de spelregels kennen, kunnen ze meestal al meedoen aan dit soort toernooien.

Het leuke aan denksporten als schaken en dammen is ook dat ze een brug slaan over de generaties. Opa of oma zal waarschijnlijk niet met je kind aan de Pokémon Go willen, maar voor een partijtje dammen of een potje schaken zijn ze vaak wel te porren.

Zomer 2017: Moet je doen!

Hieronder vind je alle eerder verschenen artikelen van Moet je doen!

Moet je doen: coderen en programmeren

Moet je doen: naar buiten!

Moet je doen: creatief

Moet je doen: breinbrekers

Moet je doen: minute to win it

Moet je doen: ontdekken!

Moet je doen: naald en draad

Verder lezen

Moet je doen: coderen en programmeren

Moet je doen: coderen en programmeren

11 juli 2017 | Reacties (0)

Thuisinonderwijs.nl brengt ook deze zomer volop vakantie-inspiratie in de rubriek Moet je doen! Zeven weken lang tweemaal per week de leukste activiteiten voor je kind. Vandaag aflevering 1: spelenderwijs leren coderen en programmeren.

 

Zomervakantie? Dat is eindeloos lang buiten spelen. Denk je. Of hoop je, als ouder. Maar dan regent het buiten. Of het is prachtig weer, maar is je kind is met nog geen tien paarden naar buiten te krijgen. Want binnen lonkt het beeldscherm…

Je herkent het misschien niet, als je zoon ondersteboven op de bank hangt met een schermpje voor zijn snufferd, maar eigenlijk is hij best goed bezig. Hij is namelijk druk in de weer om zijn 21st century skills te ontwikkelen. Klinkt best goed hè?

 

jongens smartphone

Wat zijn 21st century skills?

Door digitalisering en technologie verandert de maatschappij continu. We kunnen nu nog niet voorspellen welke beroepen er zijn als je kind later volwassen is. Daarom krijgt het onderwijs steeds meer oog voor 21st century skills. Dat zijn de vaardigheden die kinderen van nu moeten opdoen om zich later te kunnen redden in de beroepen van de beroepen van de toekomst.

Hoe wordt een game gemaakt? Coderen!

Vertrouwdheid met computers en ict is een 21st century skill. Dat hebben je kinderen met hun schermpjes al wel onder de knie. Digitale geletterdheid, heet dat ook wel. Maar weet je kind ook hoe het spelletje dat hij speelt ‘aan de achterkant’ werkt? Hoe wordt zo’n game ontworpen, hoe gaat programmeren in zijn werk?

Misschien heeft je kind er op school al eens iets over gehoord. En anders gaat dat beslist gebeuren. Want programmeren is hot op school. Het is niet bedoeld om alle meisjes en jongens op te leiden tot kleine programmeurtjes, maar om ze iets te leren wat ze later in elk beroep nodig gaan hebben. Hartstikke belangrijk dus, misschien wel net zo belangrijk als rekenen, taal en goed Engels kunnen spreken. En het is nog eens superleuk ook – ideaal dus als vakantie-activiteit! (O ja, het kan – soms – ook buiten!)
robot thuis programmeren

Is leren programmeren moeilijk?

Is dat niet moeilijk, programmeren? Welnee, het is niet moeilijker dan leren lezen of een nieuwe taal leren. Het leuke van coderen is dat je kind meteen ziet of het goed of fout gegaan is. Als je zoon programmeert dat een tekst rood moet worden, ziet hij direct of dat is gelukt. Als de tekst rood is, heeft hij goed gecodeerd. Is de tekst niet rood, dan kan hij het gewoon nog een keer proberen. Deze manier van leren sluit aan bij hoe kinderen het liefste leren.

Programmeren een verplicht vak op school?

In Nederland is programmeren (nog) geen verplicht vak op school.Landelijk is er nog een discussie gaande of het vak programmeren een verplicht lesonderdeel moet worden. Maar veel scholen willen aandacht besteden aan programmeren en besteden er soms al lestijd aan

Bliep, bliep – ik ben een robot

Coderen is een onderdeel van programmeren, maar beide termen worden vaak door elkaar heen gebruikt. Coderen is feitelijk niets anders dan het geven van een serie logische opdrachten. Daar heb je in beginsel geen computer bij nodig. Hup, naar buiten dus! Een robot is wel leuk om erbij te hebben, maar die ben je zelf (of je kind). Klinkt simpel? Is het ook. Zelfs al voor kleuters. Knip papieren pijlen en uit en laat je kind een route uitstippen. Loop dan zelf als ‘robot’ de route die je kind heeft uitgestippeld. Het is leuk om een paar obstakels te hebben waar je kind de ‘robot’ omheen moet laten lopen.

Op dezelfde manier kun je je een (menselijke) robot ook een boterham laten smeren, zoals je op dit filmpje kunt zien:

Olaf de Robot

Uploaded by kennisnet on 2014-09-04.

Deze activiteit is afkomstig van de website Codekinderen, waar je nog veel meer leuke programmeeractiviteiten kunt vinden, zowel met als zonder computers en voor kinderen van groep 3 tot en met groep 8. Ze zijn bedoeld voor in de klas, maar ook heel geschikt om thuis te gebruiken.

Coderen met Minecraft, Starwars of Frozen

Leren programmeren met je favoriete game- of filmfiguren, hoe leuk is dat? Het kan bij Code Studio. Daar vind je superleuke codeercursussen voor alle leeftijden van de basisschool en daarna. Kinderen kunnen coderen met Minecraft, StarWars, Frozen, Angry Bird, enzovoort. Zelfs kleuters kunnen er al een leuke codeercursus doen, die nagenoeg taalloos is. Hoewel de begeleidende filmpjes in het Engels zijn, is veel cursusmateriaal ook beschikbaar in het Nederlands.

Is je kind gek op Minecraft? Dan biedt Computercraft nog veel meer mogelijkheden. ComputerCraft is een (gratis) module voor Minecraft waarmee je een computer kunt bouwen in de Minecraft-wereld, die je zelf kunt programmeren. Je kunt bijvoorbeeld een robot aansturen die monsters doodt of tunnels graaft. Computercraft gebruikt een eigen programmeertaal, die gemakkelijk is om te leren.

3D-printen zonder 3D-printer

3D-printers worden weliswaar steeds goedkoper, maar voor thuis zijn ze toch nog steeds pittig duur. Grote kans dus dat er bij jullie thuis niet eentje staat. Maar wist je dat je dan toch 3D kunt ‘printen’? Een 3D-printer print in laagjes. Als je een vorm in laagjes opstapelt maak je dus eigenlijk een 3D-print. Dat kun je thuis ook doen: met karton! Hoe dit precies in zijn werk gaat, lees je in de stap-voor-stap-beschrijving op Codestarter, een website met heel veel leuke, speelse programmeeractiviteiten die je thuis kunt doen. Een leuke is ‘programmeer elkaar‘ (een variant op het robotspel hierboven). Garantie voor een geslaagde vakantiemiddag!

Nog véél meer mogelijkheden!

Er zijn nog veel meer manieren waarop je thuis samen met je kind bezig kunt gaan met coderen en programmeren. Een handig startpunt is de website Gamewizards. Daarop staan 82 verschillende apps en websites waarmee je aan de slag kunt. Je kunt het aanbod filteren op onder andere leeftijd, taal en platform (online, Android app, iOS app).

Websites om te leren programmeren:

  • Met Scratch kunnen kinderen (van 8-16 jaar) leren programmeren. Ben je op zoek naar uitleg, kijk dan eens op Scratchweb.nl. De app Scratch jr. is een Engelstalig app bij deze website.
  • GameKit is een programma van Het Klokhuis waarin je kind leert zelf een game te bouwen.
  • Programmeren voor kinderen is een lessenpakket voor basisscholen dat kinderen leert programmeren in de programmertaal Phyton. Je kunt er ook prima thuis mee aan de slag.
  • Robomind is een eenvoudig Nederlandstalige programmeeromgeving waarmee je een virtuele robot kunt programmeren. Je kunt het 30 dagen gratis uitproberen.
  • Code Monster is in het Engels, maar in de praktijk blijkt dat voor kinderen vanaf pak ‘m beet groep 5 geen onoverkoombaar obstakel. Al is het wel handig als er een ouder in de buurt is om af en toe te vertalen wat het grappige blauwe monstertje zegt. Het gaat om eenvoudige opdrachten in JavaScript en is gericht op actie en leren door <em>trial and error</em>: wat je kind invoert, zie het direct toegepast.

Apps om te leren programmeren:

  • Kodable is een app waarmee kinderen op een speelse manier kennismaken met programmeren. De app is bedoeld voor kleuters, maar ook kinderen van zeven of acht spelenn nog graag met Kodable. Het doel is om een gestrand ruimtewezentje naar de uitgang van een doolhof te krijgen, via een  van tevoren gecodeerde route.
  • Cargobot is een mooi vormgegeven puzzelspel voor de iPad waarin je een robot moet leren kratten te verplaatsen door de programmeren. Best pittig, maar het lukt kinderen lukt het wel.
  • Daisy the Dinosaur is een leuke app om de basisprincipes van volgorde, objecten, loops en acties te leren. Doel van de app is om de grappige dinosaurus Daisy over het scherm te laten lopen, springen en dansen. De app Hopscotch is van dezelfde makers en heeft meer toepassingen en gebruiksmogelijkheden.
  • Move The Turtle is ook een leuke programmeer-app voor kinderen. Het begint met een schildpad op een groen scherm. Door te coderen kan je kind de schildpad van alles laten doen.

Verder lezen

Woordjes lezen in de drieminutentoets

Woordjes lezen in de drieminutentoets

18 mei 2017 | Reacties (8)

Vaste prik op het programma van de Cito-toetsen is – vanaf groep 3 – de ‘drieminutentoets’ (DMT). De drieminutentoets meet hoe nauwkeurig en hoe snel je kind kan lezen door vast te stellen hoeveel losse woorden je kind in drie minuten tijd kan lezen. Maar hoe gaat de DMT nu precies in zijn werk?

Zo veel mogelijk woordjes lezen

De drieminutentoets wordt bij ieder kind individueel afgenomen door de leerkracht, de onderwijsassistent of de intern begeleider. Samen zoeken ze een rustig plekje op voor de test. Dat kan op de gang zijn of in een aparte kamer, maar soms wordt de toets ook gewoon in de klas afgenomen terwijl de andere kinderen bezig zijn met zelfstandig werken. Dat laatste lijkt misschien een wat onrustige setting, maar de ervaring leert dat sommige kinderen het in de klas juist beter doen dan in een aparte ruimte. Misschien komt dat omdat het dan minder officieel lijkt en daardoor minder spannend is.

De leerling krijgt een kaart waarop vijf of vier rijen van dertig losse woorden staan. Het kind moet proberen om in één minuut zo veel mogelijk van die woorden hardop te lezen. De woorden moeten per rij, van boven naar beneden, worden gelezen. Tijdens het lezen noteert de leerkracht op een scoreformulier welke woorden fout gelezen worden. Als de tijd om is, wordt gekeken hoeveel woorden je kind heeft gelezen. Fout gelezen woorden worden van de score afgetrokken. Een verkeerde klemtoon geldt niet als een fout, maar andere uitspraakfouten wel. Woorden die klank voor klank worden gelezen (s-a-p [of beter sss-ah-puh] in plaats van sap) worden foutgerekend, behalve als daarna het woord alsnog helemaal wordt uitgesproken. Als je kind tijdens het lezen uit zichzelf een fout verbetert, wordt dit woord ook goed gerekend.

Drie leeskaarten – steeds een beetje moeilijker

Per drieminutentoets kan je kind drie verschillende kaarten te lezen krijgen, waarvoor steeds één minuut leestijd is. Eigenlijk zou drie-keer-één-minuut-toets dus een betere naam zijn voor de DMT! De leeskaarten worden steeds een beetje moelijker. Het niveau van de drie kaarten is als volgt:

  • Leeskaart 1: vijf rijen van dertig ´klankzuivere´ woorden van één lettergreep. Het gaar hier om woorden die bestaan uit klinker-medeklinker (KM, bijvoorbeeld: as en oom); medeklinker-klinker (MK: fee, bui) en medeklinker-klinker-medeklinker (MKM: vak, wit). Klankzuiver betekent dat het woord wordt geschreven zoals je het uitspreekt.
  • Leeskaart 2: vijf rijen van dertig andere eenlettergrepige woorden. Deze woorden zijn nog steeds kort, maar al wel wat lastiger om te lezen. Het gaat om woorden van het type MMK (plooi, vlaai), MMKM (smid, bloem), MKMM (tand, jurk), MMKMM (grond, vlecht), MMMKM (strik, spreeuw) en MKMMM (barst, dienst).
  • Leeskaart 3: vier rijen van dertig woorden met twee lettergrepen (banden, geluid), drie lettergrepen (dromerig, aarzelen) of vier lettergrepen (keukentafel, puntenslijper).

Van elke kaart zijn er drie versies die afwisselend worden gebruikt om te voorkomen dat een leerling de woorden gaat onthouden. In ons artikel Oefenen voor de drieminutentoets (DMT), heeft dat zin? kun je voorbeelden vinden van de drie woordkaarten.

 

Welke kaart in welk groep?

Zoals aangeven wordt de DMT afgenomen in groep 3 tot en met groep 8. Dat gebeurt twee keer per jaar: halverwege (januari/februari) en – behalve in groep 8 – aan het einde (mei/juni) van het schooljaar. Hoe verder je kind komt op de basisschool, hoe meer en hoe moeilijker woorden het zal kunnen lezen.

De drieminutentoets wordt voor het eerst afgenomen halverwege groep 3. De meeste leerlingen kunnen dan nog geen woorden lezen die langer zijn dan één lettergreep. Leeskaart 3 wordt deze eerste keer dan ook nog niet gebruikt (tenzij een kind echt een grote leesvoorsprong heeft). Sommige scholen kiezen ervoor om bij de eerste DMT in groep 3 ook de tweede leeskaart nog niet te gebruiken. In groep 4 leest je kind elke keer alle kaarten. In groep 5 tot en met 8 begint elk kind met het lezen van kaart 3. Wordt hier een voldoende score behaald, dan is het niet nodig ook kaart 1 en 2 te lezen. Is de score op kaart 3 onvoldoende dan worden beide andere kaarten wel gelezen.

Hoeveel woorden moet je kind kunnen lezen?

Sommige kinderen lezen sneller dan andere, net zoals dat bij volwassenen het geval is. Alleen de supersnelle lezers zal het lukken om in groep 8 alle woorden van een kaart binnen een minuut te lezen. Stel je kind dan ook gerust door te vertellen dat absoluut niet van hem wordt verwacht dat hij alle woorden leest! Het Cito heeft tabellen opgesteld waarin de leerkracht precies kan aflezen welke Cito-niveaus (I, II, III, IV, V of A, B, C, D, E) bij welke scores horen. Om je een beetje een idee te geven, kun je in onderstaand overzichtje zien welke score per groep als ondergrens wordt beschouwd:

Groep 3
midden groep 3: 21 woorden
eind groep 3: 33 woorden
Groep 4
midden groep 4: 48 woorden
eind groep 4: 56 woorden
Groep 5
midden groep 5: 66 woorden
eind groep 5: 71 woorden
Groep 6
midden groep 6: 78 woorden
eind groep 6: 83 woorden
Groep 7
midden groep 7: 85 woorden
eind groep 7: 90 woorden
Groep 8
midden groep 8: 93 woorden

Waarom losse woorden lezen?

Bij de drieminutentoets moet je kind zo veel mogelijk losse woorden zien te lezen binnen een beperkte tijd. Dat is natuurlijk een wat rare, onnatuurlijke manier van lezen, want wanneer lees je in het dagelijks leven nu losse woorden? En ook nog eens met een stopwatch in de hand… En is het niet veel belangrijker dat een kind een tekst kan lezen én begrijpen (en dat het plezier beleeft aan lezen!) dan dat het in hoog tempo woorden opdreunt? Toch zit er wel een gedachte achter deze manier van toetsen.

Een van de doelen van de DMT is om eventuele leesproblemen vast te stellen en daarvoor is het lezen van losse woorden heel geschikt. Bij het lezen van losse woorden kan je kind namelijk geen gebruik maken van de context om een woord te voorspellen. Dat is iets wat vooral zwakkere lezers doen om te compenseren als het ‘decoderen’ van letters tot woorden nog niet zo goed lukt. Goede lezers ontsleutelen woorden bijna altijd zonder gebruik te maken van de context. Door de test uit te voeren met losse woorden, wordt dus gelijk duidelijk of je kind de context nodig heeft bij het lezen of niet. Deze informatie kan de leerkracht vervolgens gebruiken om je kind beter te leren lezen.

De twee andere doelstellingen van de DMT zijn het bepalen van het niveau van technisch lezen en het vaststellen van de progressie van je kind. Ook daarbij is het lezen van losse woorden handig; het levert een gemakkelijk te turven score op.

Hoe belangrijk is de drieminutentoets?

Het toetsen van losse woorden geeft informatie over de vraag of je kind de elementaire leeshandeling al beheerst. Dat is vooral belangrijk in groep 3 en groep 4. De meeste kinderen hebben het decoderen van letters tot woorden vanaf dat moment goed onder de knie. Vanaf dat moment wordt het veel belangrijker dat een tékst vlot wordt gelezen en goed begrepen.

Voor dyslectische kinderen en zwakke lezers blijft het echter belangrijk om van tijd tot tijd na te gaan of zij al in staat zijn om woorden te lezen zonder context. Niet met ‘snel losse woorden kunnen lezen’ als doel op zich, maar als hulpmiddel om leesproblemen in kaart te brengen. Herhaalde toetsing met de DMT is bijvoorbeeld een belangrijke component in het proces om tot een dyslexieverklaring te kunnen komen.

Lees ook: Oefenen voor de drieminutentoets (DMT), heeft dat zin?

Verder lezen