• Waarom tafels leren een blijvertje is

    Waarom tafels leren een blijvertje is

    | 18 september 2017 | Reacties (1)

    Binnen drieënhalve minuut honderd keersommen van een tafelblad maken. Dat moeten kinderen kunnen om hun tafeldiploma te halen. Oftewel, om te voldoen aan de norm die aan het eind van groep 5 gehaald moet zijn. Voordat dat niveau is bereikt, gaat er heel wat aan vooraf. In welke groep worden de tafels geleerd? Het aanleren van de […]

Schoolkinderen met laptop

Zijn de gegevens van je kind veilig?

25 september 2017 | Reacties (0)

Steeds meer leermateriaal op school is digitaal. Je kind moet inloggen en wordt ‘persoonlijk’ herkend. Hartstikke handig natuurlijk, maar hoe zit het met de bescherming van de persoonsgegevens van je kind?

Schoolkinderen met laptop

Het is een terechte vraag. Want niet alleen de school weet nu van alles over je kind, maar ook de uitgeverij van het digitale lesmateriaal. Voor- en achternaam, geboortedatum en soms moeten ook het Cito-niveau en andere gegevens worden ingevoerd. Al met al wordt er zo een interessant datapakketje over je kind samengesteld.

Waarom is dat eigenlijk nodig? Digitale leermiddelen houden de vorderingen van je kind bij, passen eventueel het niveau en de oefenstof aan en slaan die op in een leerlingvolgsysteem voor de leerkracht. Zo sluit het leermateriaal precies aan bij de onderwijsbehoefte van je kind en profiteert de docent optimaal van de voordelen van het leerlingvolgsysteem. Dat is een groot voordeel van digitale leermiddelen. Maar je wilt natuurlijk wel dat de gegevens van je kind veilig zijn.

Uit onderzoek van het Nederlands Instituut van Psychologen bleek twee jaar geleden dat scholen te makkelijk omgingen met privé-gegevens van leerlingen. Gegevens werden zonder toestemming gedeeld en ouders werden niet goed geïnformeerd. Dit onderzoek ging niet zo zeer over digitale leermiddelen, maar het geeft wel aan dat een blind vertrouwen ‘dat de school het wel goed zal doen’ misschien niet altijd op zijn plaats is.

Goed om te weten

Scholen zijn verantwoordelijk voor de zorgvuldige omgang met de persoonsgegevens van de leerlingen. De school moet hierover goede afspraken maken met educatieve uitgevers en leveranciers van software. Een speciaal convenant, dat de Wet bescherming persoonsgegevens vertaalt naar de onderwijswereld, geeft hiervoor handvatten. Dit convenant bestaat al een paar jaar, maar is in 2016 aangescherpt omdat de digitale ontwikkelingen in het onderwijs razendsnel gaan.

Goed om te weten: educatieve uitgeverijen die gegevens van je kind hebben, geven deze niet door aan derden. Behalve als ze daartoe wettelijk verplicht zijn of als de school dit vraagt. Dat laatste kan bijvoorbeeld als de gegevens weer worden uitgewisseld met een digitaal leerlingadministratiesysteem. De school blijft altijd zeggenschap houden over de gegevens van de leerlingen.

Wat kun je als ouder zelf doen?

Weet jij als ouder hoe de school van je kind omgaat met persoonsgegevens? Waarschijnlijk niet. Toch moet je dit, als het goed is, wel ergens kunnen terugvinden op de schoolwebsite of in de schoolgids, of misschien heb je er een brief over ontvangen. De school is namelijk verplicht om ouders in begrijpelijke taal en vooraf te informeren over het gebruik van persoonsgegevens. Is dit niet gebeurd? Trek aan de bel!

Als je precies wilt weten welke gegevens van je kind zijn vastgelegd buiten de school, kun je dat bij de school opvragen. De school moet dan een volledig overzicht geven, met daarbij een duidelijk omschrijving welke gegevens met wie zijn gedeeld en waarom. Zo houdt je zicht op wat er met de gegevens van je kind gebeurt. Ben je het niet eens met de gang van zaken? Geef dit bij de school aan. Betrek zo nodig ook de medezeggenschapsraad erbij.

Verder lezen

Waarom tafels leren een blijvertje is

Waarom tafels leren een blijvertje is

18 september 2017 | Reacties (1)

Binnen drieënhalve minuut honderd keersommen van een tafelblad maken. Dat moeten kinderen kunnen om hun tafeldiploma te halen. Oftewel, om te voldoen aan de norm die aan het eind van groep 5 gehaald moet zijn. Voordat dat niveau is bereikt, gaat er heel wat aan vooraf.

In welke groep worden de tafels geleerd?

Het aanleren van de tafels speelt zich hoofdzakelijk af in groep 4 en 5. Op de meeste scholen wordt in groep 4 begonnen met inzicht geven in hoe de tafels werken en wat er eigenlijk gebeurt bij keersommen. Ook leren de leerlingen in de groep 4 hun eerste tafels uit het hoofd (‘automatiseren’ heet dat in onderwijsjargon). In groep 5 volgen de overige tafels en wordt hard aan het tempo gewerkt. Aan het eind groep 5 moet de norm gehaald zijn, maar in de praktijk blijkt dat dit veel leerlingen niet lukt of dat de kennis van de tafels in de zomervakantie weer is weggezakt. Kijk dus niet vreemd op als je zoon of dochter in groep 6 nog steeds tafels moet oefenen.

Volgorde waarin de tafels worden geleerd

Er is geen standaardvolgorde waarin de kinderen de tafels aanleren. De volgorde verschilt van methode tot methode. Meestal wordt begonnen met de tafels van 1, 2, 5 en 10 (of 10 en 5) in groep 4 en volgen in groep 5 de tafels van 3, 4, 6, 7, 8 en 9 (de volgorde kan wisselen). Sommige scholen voegen hier de tafels van 11, 12, 15 en 20 nog aan toe.

Tafels stampen is geen doel op zich

De tafels van vermenigvuldiging vormen de basis voor vrijwel alle rekenhandelingen in de bovenbouw. Daarom is het ook zo belangrijk dat kinderen ze goed kennen. Hoe belangrijk het aanleren van tafels ook is, tafels stampen zonder dat je kind weet wat het aan het doen is, is een vrij zinloze bezigheid.  Voor veel kinderen is het ook ondoenlijk om alleen via memoriseren tot beheersing van de tafels te komen. Daarom vindt uitbreiding van de kennis van tafels plaats door het leggen van relaties (denkstrategieën) tussen gekende en nieuw te leren tafels. Als je thuis met je kind gaat oefenen, is het goed om hier ook aandacht voor te hebben.

Een paar voorbeelden:

  • Je dochter moet het antwoord geven op 7 x 8 maar weet dat niet. Ze begint de tafel van 8 op te zeggen in de hoop dat ze zo op het goede antwoord komt. Je hebt eerder gemerkt dat ze bij 8 x 8 direct het goede antwoord (64) kon noemen. Wijs haar erop dat 7 x 8 eigenlijk gewoon ‘8’ minder is dan het antwoord op ‘8 x 8’; ze komt sneller op het juiste antwoord door 64 – 8 uit te rekenen dan door de bijna de hele tafel van 8 op te dreunen. Als ze op deze manier het antwoord een aantal keren heeft uitgevogeld, zal ze het vanzelf onthouden en dus alsnog automatiseren.
  • Je dochter weet niet hoeveel 5 x 4 is. Vraag eens of ze misschien wel weet hoeveel 4 x 5 is (omkering)
  • Je dochter heeft moeite om 6 x 7 te onthouden, maar 3 x 7 vindt ze makkelijk. Wijs haar erop dat 6 x 7  het dubbele is van 3 x 7. Voor haar is misschien makkelijker om 21 + 21 op te tellen dan heel lang na te denken over de som 6 x 7. Als ze dit trucje vaker toepast, volgt automatisering vanzelf.

Uit het hoofd leren of niet?

Sommige rekenmethodes gaan zo ver dat ze aangeven dat de kinderen de tafels niet meer hoeven te leren, maar dat ze moeten weten hoe ze ze kunnen uitrekenen. Kennis van de tafels is dan niet meer het resultaat van stampen, maar het resultaat van een proces van steeds verdergaande verkorting van handig rekenen. De meeste leerkrachten kiezen er echter toch voor om de tafels te laten leren; voor de meeste kinderen is dat nu eenmaal een stuk makkelijker en voor alle kinderen geldt dat er later veel tijdwinst mee gehaald kan worden.

‘Dom dreunen in rijen van twee’

“Vroeger ging het bij tafels leren om dom stampen. Ik zie ons nog zitten in de derde klas bij meester Bakker. In rijen van twee en dreunen maar”, herinnert Minke Visser (47) zich uit haar eigen schooltijd. Visser is groepsleerkracht in groep 5. Volgens haar is het uit het hoofd leren van tafels nog altijd ontzettend belangrijk. “Het grote verschil met vroeger is dat we tegenwoordig de kinderen wijzen op de relaties tussen de tafelsommen. Op die manier begrijpen ze beter wat ze leren en onthouden ze de uitkomsten beter. Maar dat onthouden is nog steeds ontzettend belangrijk”, vindtVisser.

Maak van je hoofd een rekenmachine

Er komen wel eens ouders bij haar die het ‘tafelen’ maar onzin vinden. Iedereen gebruikt toch rekenmachines tegenwoordig, zeggen die. “Ik stel dan altijd een tegenvraag”, vertelt Visser. “Vind je zo’n rekenmachine handig? Als ze dan ‘ja’ zeggen, leg ik uit dat je door tafels te oefenen van je eigen hoofd een soort rekenmachine maakt. Je voert een som in en – hup –  het antwoord rolt eruit. Als je het zo vertelt, begrijpt iedereen de meerwaarde. Zo leg ik het ook uit aan mijn leerlingen. Die vinden dat supercool, hun eigen hoofd als rekenmachine.”

 

Lees ook de overige artikelen in dit dossier:

 

Verder lezen

Praten over je kind, niet over de cijfers

Praten over je kind, niet over de cijfers

15 september 2017 | Reacties (0)

Ken je dat? Je komt net terug van een oudergesprek op school. De leerkracht heeft van alles verteld. Je hebt grafieken gezien met Cito-scores. Je weet nu precies welke cijfers je kind heeft gehaald voor welke toetsen. Of dat het nog niet zo vlot met die ‘ontluikende geletterheid’ van je kleuter. Een bomvol gesprek. Maar voor je gevoel ging het nauwelijks over je kind.

omgekeerde-oudergesprekken

Niet over je zoon zoals jij hem kent van thuis: gevoelig, grappig en gek op het bedenken en uitvoeren van de meest fantastische timmerprojecten. En dan je dochter, die druk aan het rappen is en inspiratie put uit de dood van haar konijn, waar ze nog steeds erg verdrietig over is. En zou de juf eigenlijk wel beseffen dat je kind na drie jaar nog steeds moeite heeft met de scheiding van jou en je ex? Dat is toch ook belangrijk?

Ja, dat is het zeker. Maar in de traditionele oudergesprekken is vaak amper tijd voor dat soort zaken. Het is eenrichtingsverkeer vanuit de leerkracht die ouders bijpraat over de cognitieve ontwikkeling van hun kind: wat heeft je kind geleerd en hoe zijn de cijfers. En dat dan in tien minuten – die gesprekken heten niet voor niets tienminutengesprekken. Voor ouders, maar ook voor de school, zijn ze niet altijd even bevredigend…

Omgekeerde oudergesprekken: jij vertelt over je kind

Daarom gaan steeds meer scholen over op het houden van ‘omgekeerde oudergesprekken’ bij de start van het schooljaar. Tijdens die gesprekken staan niet de resultaten van je kind centraal – dat kan ook niet, want je kind is nog maar een paar weken bezig – maar het welbevinden van je kind. Welk karakter je kind heeft, waar hij of zij warm voor loopt, wie zijn vrienden zijn. Alles, kortom, wat je kind nodig heeft en wat de leerkracht moet weten om het schooljaar tot een succes te maken.

De opmars van het fenomeen omgekeerde oudergesprekken laat zien dat scholen ouders steeds meer serieus zijn gaan nemen als gesprekspartners. Dat is een goede zaak, want kinderen leren beter en gaan met plezier naar school wanneer hun ouders zich betrokken voelen bij de school. Als ouders krijg je zo de gelegenheid om samen met school op te trekken in het belang van je kind.

Bereid het gesprek goed voor

Net zoals een tienminutengesprek wat voorbereiding van je vraagt, is het verstandig om je ook goed voor te bereiden op een omgekeerd oudergesprek. Want ook daarin is de tijd beperkt. Door een goede voorbereiding zorg je dat je ook daadwerkelijk kunt vertellen wat jij belangrijk vindt. Het voorkomt bovendien dat je tijdens het gesprek niet goed weet wat je moet vertellen (en eenmaal thuis dan natuurlijk weer wel…).

Veel scholen geven vragenlijsten mee om het je als ouder wat gemakkelijker te maken. Zo’n vragenlijst kan een handig hulpmiddel zijn, maar voel je vrij om ervan af te wijken. Voor je het weet zit je uitsluitend de punten van de vragenlijst te bespreken en kom je er weer niet aan toe om te vertellen wat jíj echt belangrijk vindt en hoe jij je kind ziet.

Denk bijvoorbeeld na over:

  • Welk karakter heeft je kind? Probeer je kind te omschrijven in enkele kernwoorden als spontaan, behoedzaam, driftig, onrustig, verlegen, enzovoort.
  • Wat vind je kind makkelijk op school en wat juist moeilijk?
  • Waar ziet je kind tegenop en waar heeft hij/zij juist veel zin in?
  • Wat heeft je kind nodig om lekker in zijn vel te zitten?
  • Waar liggen de interesses van je kind, waar loopt je kind echt voor warm?
  • Wat heeft je kind nodig van de leerkracht om zich prettig te voelen?
  • Heeft je kind zich de afgelopen periode opvallend ontwikkeld? Nieuwe dingen geleerd, nieuwe interesses, ander gedrag?

Vergeet vooral ook niet om met je kind over het nieuwe schooljaar te praten. Vraag om input voor het gesprek. Of misschien mag je kind wel mee (op sommige scholen mag dat, afhankelijk van de leeftijd van het kind).

 

Verder lezen

Jongen leest boek, huiswerk

7 tips voor het helpen met huiswerk

12 september 2017 | Reacties (0)

Een A4-tje met topografie, een lijst moeilijke woorden, de tafel van 6, de eerste boekbespreking, een spreekbeurt over huisdieren. Op de meeste basisscholen krijgen kinderen huiswerk mee naar huis. Voor een deel omdat er geleerd moet worden voor en toets, maar ook om te wennen aan het fenomeen huiswerk maken. Door als ouder thuis actief betrokken te zijn bij het schoolwerk, stimuleer je de ontwikkeling van je kind enorm. Maar hoe pak je dat precies aan?

Jongen leest boek, huiswerk

Het is niet niet jóúw huiswerk

Vooropgesteld: het is niet jóúw huiswerk. Je kind is zelf verantwoordelijk voor het maken (of niet maken) van huiswerk. Je zult niet de eerste ouder zijn die vol goede bedoelingen zijn kind gaat helpen om er aan het eind van de middag achter te komen dat jij eigenlijk die hele spreekbeurt hebt geschreven, in plaats van je kind. Dat wil niet zeggen dat je je kind helemaal in zijn sop moet laten gaarkoken. De meeste kinderen kunnen echt wel wat hulp gebruiken bij hun huiswerk. Een goed uitgangspunt is dan ook: help je kind het zelf te kunnen doen.

 

Tips voor het helpen met huiswerk

1. Toon belangstelling

Vraag je kind wat het moet doen en bekijk het huiswerk.

2. Help je kind met het maken van een planning

Wat ga je eerst doen, hoe kun je het werk in overzichtelijke stukken opdelen, wat is een goede manier om een werkstuk te maken? Een goede planning kunnen maken, is misschien wel het allerlastigste onderdeel van huiswerk. Als je kind dit op de basisschool al leert, zal de overgang naar de middelbare school een stuk soepeler verlopen. Een volleerd planner zal je kind overigens nog lang niet zijn. Dat kan simpelweg niet. Het deel in de hersenen dat je gebruikt om te plannen, de frontale kwab, is pas rond het twintigste jaar uitontwikkeld.

3. Zorg voor een geschikte plek in huis waar je kind huiswerk kan doen

Dat hoeft niet de eigen slaapkamer van je kind te zijn. Vooral jongere kinderen vinden het vaak veel fijner om gewoon in de woonkamer met hun huiswerk bezig te gaan. Het hoeft niet muisstil te zijn, maar je kind moet wel ongestoord kunnen werken. Sommige kinderen vinden het prettig als er muziek aanstaat. De tv kun je echter beter uitzetten, want die leidt over het algemeen erg af.

4. Bepaal samen wat voor jouw kind de beste tijd is voor huiswerk

De persoonlijke voorkeur speelt hierbij een belangrijke rol. Wijs je kind erop dat je beter leert onthouden door herhaling: liever zes dagen achter elkaar tien minuten leren dan één dag een uur lang.

5. Overhoor je kind

Overhoren is niet alleen een manier om te testen of je kind de stof voldoende beheerst. Door te overhoren stimuleer je ook het zelfvertrouwen van je kind. Het geeft jou inzicht in de manier waarop je kind leert en de effectiviteit daarvan. Zo nodig kun je samen op zoek gaan naar nog betere manieren van werken. Tot slot is overhoren ook gewoon een extra herhaling van het geleerde.

6. Help het kind met praktische zaken

Laat je kind zien hoe je informatie op internet opzoekt en ga samen naar de bibliotheek. Zorg dat er inkt is voor de printer en help met het e-mailen van presentaties. Bezoek ook eens een museum dat aansluit bij de stof die je kind moet leren.

7. Moedig je kind aan

en zorg voor een positieve sfeer rond huiswerk.

Verder lezen

Hakken en plakken, zoemen en zingen

Hakken en plakken, zoemen en zingen

7 september 2017 | Reacties (2)

Wat moet je doen om een woord te kunnen lezen? De letters herkennen, weten welke klank erbij hoort en daarmee het woord vormen. Dat is een heel proces voor iets wat later – als het goed is – vanzelf gaat. Om het aan te leren, oefenen kinderen in groep 3 met ‘hakken en plakken’ of met ‘zoemend lezen’ of ‘zingend lezen’.

Welke manier er op de school van jouw kind wordt gebruikt, hangt af van de lesmethode en ook nog van de versie van die lesmethode. De meeste scholen gebruiken de methode Veilig Leren Lezen van Zwijsen. In de Maan-versie (tot 2014 te koop) wordt hakken en plakken gebruikt. In 2014 is een nieuwe versie van Veilig Leren Lezen op de markt gekomen. In deze zogeheten Kim-versie leren de kinderen woorden lezen door middel van zoemend lezen. Als jullie school net een nieuwe leesmethode heeft aangeschaft, kan het dus zijn dan je kind hiermee aan de slag gaat. Ook vrij nieuw is de leesmethode Lijn 3. Die pakt het leren lezen weer net een beetje ander aan en heeft het over zingend lezen.

Wat is hakken en plakken?

Hakken en plakken is eigenlijk precies wat het begrip al aangeeft: het woord wordt eerst in stukjes (klanken) gehakt en daarna weer aan elkaar geplakt. Dit gaat het makkelijkst bij zogeheten ‘klankzuivere’ woorden. Dat zijn woorden waarbij de letterklanken zonder vervorming van de klanken worden uitgesproken. Een woord als tak is klankzuiver (t-a-k, maar peer niet omdat de ee-klank een beetje vervormt naar een i-klank. Op de meeste scholen wordt in groep 2 al een begin gemaakt met hakken en plakken.

Bij het hakken en plakken horen vaste handgebaren. Bij het hakken maken de leerlingen met twee platte handen tegen elkaar een hakbeweging; de kinderen spreken de klanken één voor één uit. Bij het plakken worden de klanken met een veegbeweging (soms een klapbeweging) van beide handen bij elkaar gevoegd en wordt het woord in zijn geheel uitgesproken. Op dit YouTube-filmpje oefenen twee meisjes met maan hakken en plakken:

maan roos vis 1

No Description

Hakken en plakken wordt vrijwel overal gebruikt en is ook onderdeel van het lesmateriaal. Bij de filmpjes van de methode Veilig leren lezen (maan-roos-vis) wordt het nieuwe woord bijvoorbeeld standaard gehakt en geplakt. Zoals op dit filmpje bij het woordje maan. Na een maand of drie leesonderwijs verdwijnt hakken en plakken naar de achtergrond en gaan kinderen steeds meer vloeiend lezen.

Zoemend lezen en zingend lezen

Bij zoemend lezen en zingend lezen worden de klanken lang aangehouden. In die tijd kan het kind vooruitkijken naar de volgende klank. Bij ‘zoemen’  en ‘zingend lezen’ worden de klanken van het woord uitgesproken zonder ze op te breken in aparte stukjes. De eerste letterklank wordt lang aangehouden, waarna de volgende eraan vastgeplakt word: mmmaaaan (maan) of sssssiiiiiiip (sip).

In dit filmje wordt uitgelegd hoe zoemend lezen werkt:

Veilig leren lezen – zoemend lezen

Uploaded by Uitgeverij Zwijsen on 2015-02-02.

Het zingend lezen is eigenlijk een andere manier van ‘plakken’. Onderwijskundige José Schraven, auteur van de methode Zo leer je kinderen lezen en spellen, is er een voorstander van om het hakken van woorden (de auditieve analyse) los te koppelen van de het plakken (de auditieve synthese) en ook in de kleutergroepen al te oefenen met zingend lezen in plaats van met hakken en plakken. Dat zou veel verwarring bij kinderen voorkomen.

Meer weten over lezen? Zie ook:

Verder lezen

Hoofdluis steekt de kop op na zomervakantie

Hoofdluis steekt de kop op na zomervakantie

4 september 2017 | Reacties (0)

Luizenmoeders en -vaders kunnen zich opmaken voor drukke tijden. Na elke zomervakantie is er sprake van een flinke uitbraak van hoofdluis, doordat de meeste ouders in de vakantie niet zo alert zijn op hoofdluis bij hun kinderen. Op vrijwel alle basisscholen staan na de zomervakantie dan ook luizencontroles op het programma.

Landelijke Hoofdluismeting

Luizenmoeders pluizen het haar van de kinderen tijdens de luizencontrole. Foto: RIVM

Om in kaart te brengen hoe groot de hoofdluisbesmetting precies is, wordt in augustus en september een Landelijke Hoofdluismeting gehouden. Het resultaat van de meting wordt (anoniem) verwerkt op de website Luizenradar.nl, waarop je kunt zien in welke gebieden hoofdluis heerst. De Landelijke Hoofdluismeting is een initiatief van Prioderm, fabrikant van luizenbestrijdingsmiddelen

Het RIVM adviseert ouders wekelijks te controleren op hoofdluis door het haar met een stof- of luizenkam door te kammen. Regelmatige controle is de beste preventie tegen hoofdluis, maar het werkt natuurlijk alleen als alle ouders hun kinderen controleren. Daar blijkt het nog wel eens aan te schorten. Volgens basisscholen treft maar eenvijfde van de ouders voldoende maatregelen tegen hoofdluis treft, zo bleek eerder uit een enquête van Prioderm. Tweederde van de scholen meent dat ouders en de school het hoofdluisprobleem samen moeten aanpakken, maar slechts vier procent van de scholen lukt het tijd in te ruimen voor een wekelijkse controle. Op de meeste scholen (88%) staan alleen na de schoolvakanties luizencontroles op het programma.

Tips om hoofdluis te voorkomen of bestrijden

Heeft jouw kind hoofdluis of wil je weten wat je kunt doen om hoofdluis te voorkomen? Thuisinonderwijs.nl heeft de beste tips voor een effectieve luizenbestrijding voor je op een rijtje gezet  voor je op een rijtje gezet in dit artikel:

>>   De beste tips tegen hoofdluis >>

Verder lezen

Tips voor een goede start van het schooljaar

Tips voor een goede start van het schooljaar

28 augustus 2017 | Reacties (0)

Een nieuw schooljaar, nieuwe kansen. Zeker als het op school niet ‘vanzelf’ gaat met je kind, kan een nieuw schooljaar echt voelen als een frisse start. Daarom is het belangrijk dat die start geen valse start wordt.

Als je kind je je zorgen maakt of denkt dat je kind extra hulp of begeleiding nodig heeft, is het verstandig om al snel even met de leerkracht te overleggen.

Veel ouders hebben de neiging om het eerst een tijdje aan te kijken. Misschien loopt het dit jaar allemaal wel vanzelf met je kind. Of ziet de nieuwe leerkracht zelf al wat er nodig is. Tenslotte wil je niet gelijk als ‘zeurende ouder’ in de eerste week bij de juf of meester aan het bureau staan.

Toch is het verstandiger om gewoon wel al snel even een praatje te maken. Niet meteen in de eerste week inderdaad, maar in de tweede of derde week kan het wel.

Sterker nog, steeds meer scholen zelf al het initiatief al in de eerste schoolweken gespreken met álle ouders in te roosteren. Om kennis te maken met de ouders, om de kinderen snel te leren kennen dankzij de informatie van de ouders. Op de ene school heten dit ‘omgekeerde oudergesprekken’, andere scholen hebben het over ‘startgesprekken’ of ‘intake-gesprekken’.

(Meer informatie over deze gesprekken lees je het artikel Praten over je kind, niet over cijfers)

Vaak gebruikt de leerkracht de periode tot de herfstvakantie om de groep te leren kennen en om er achter te komen of een kind extra hulp of begeleiding nodig heeft. Als dat laatste het geval is, wordt er actie ondernomen.

Het punt is alleen: dan duurt het nog een hele poos voordat je kind daadwerkelijk die extra hulp krijgt. Want eerst moet er een plan van aanpak worden gemaakt. Met een beetje pech zal pas rond de kerstvakantie werkelijk begonnen worden met hulp voor je kind. Dan is het schooljaar al halverwege!

Wat kun je als ouder doen om het schooljaar goed te beginnen?

Als je voor het schooljaar begint al vermoedt dat je kind wellicht extra begeleiding nodig gaat hebben, is het slim om je als ouder alvast voor te bereiden op het nieuwe schooljaar.

  • Schrijf op waarom je je zorgen maakt. Wat kwam er naar voren in het vorige tienminutengesprek? Welke aanbevelingen deed de vorige leerkracht?
  • Zijn er dingen onduidelijk voor je? Zet dan ook deze op papier.
  • Wat heeft de afgelopen jaren goed gewerkt voor je kind en wat juist niet? Maak een lijstje.
  • Misschien ben je vóór de vakantie al een keer wezen praten over je kind. Weet je nog wat er toen is afgesproken? Is handig om dat voor het gesprek even weer helder op een rijtje te krijgen.

Door een lijstje te maken met punten die je wilt bespreken tijdens het eerste oudersprek, of dat nu een officieel gesprek is of een afspraak die je op eigen initiatief hebt gemaakt, krijg je overzicht.

Veel scholen geven ouders vragenlijsten mee naar huis om in te vullen voor de startgesprekken. Dat kan handig zijn voor wat houvast in het gesprek, maar als je zelf al heel goed weet wat je wilt bespreken en welke problemen je wilt aankaarten, is het verstandiger om je eígen lijstje aan te houden.

Ga open het gesprek in

Je kunt maar een keer een eerste indruk maken. Dat geldt ook in het contact met de leerkracht, zelfs al ken je de meester of juf misschien al langer. Probeer het gesprek daarom zo prettig mogelijk te laten verlopen. Laat blijken dat je samenwerking zoekt voor je kind. Samen kun je meer bereiken dan alleen. 

Er kunnen redenen zijn om regelmatig  contact te hebben met de leerkracht. Zeker als er zorgen zijn over de ontwikkeling van je kind. Dan is het fijn als de verstandhouding goed is en beide partijen elkaar vertrouwen. 

Praat altijd vanuit de zorgen die je hebt over je kind. Vraag ook aan de leerkracht of je zelf iets kunt doen om je kind te helpen. Het belangrijkste is immers dat je kind op tijd de hulp krijgt die het nodig heeft. Dat wil de leerkracht ook.

Als in het gesprek met de leerkracht naar voren komt dat je kind extra ondersteuning nodig heeft, is het goed om helder te krijgen wat die hulp precies inhoudt. Wat gaat de school doen (en wie en wanneer), wat kun je zelf doen, hoe worden jullie als ouders op de hoogte gehouden?

Zorg dat de afspraken op papier komen te staan en maak alvast een vervolgafspraak om na een tijdje samen te evalueren. Zo blijf je tijdens het schooljaar in gesprek.

 

Verder lezen

De eerste schooldag in groep 3: best spannend...

De eerste schooldag in groep 3: best spannend…

21 augustus 2017 | Reacties (0)

Schuchter stapt Laura (6) aan de hand van haar moeder het schoolplein op. Met grote ogen kijkt ze naar de oudere kinderen op het plein, die elkaar met high fives begroeten na de lange zomervakantie. Wat zijn ze gróót! Precies hetzelfde denkt haar moeder ook op deze eerste schooldag na de zomervakantie, waarop Laura in groep 3 start. “Het voelt bijna alsof Laura weer voor het eerst naar school gaat, zo onwennig allemaal.”

the-little-girl-277697_640

De eerste schooldag in groep 3 staat voor bijna alle kinderen én hun ouders synoniem aan wennen. Basisscholen proberen de overgang tussen de kleutergroepen en groep 3 zo soepel mogelijk te laten verlopen. Toch kun je er bijna niet omheen: groep 3 is anders. Naar binnen via de ingang van de ‘grote kinderen’ (als ouder mag je vaak niet meer mee de klas in, of alleen de eerste weken), minder speelgoed in de klas, minder of geen hoeken meer, zitten aan een tafeltje met een vak vol boeken en schriften en wennen aan een geheel nieuwe schoolroutine. Ga er maar aan staan.

De eerste schooldag in groep is vaak spannend

De start in groep 3 is vaak dan ook best spannend. Ook doordat er door de buitenwacht de nadruk op wordt gelegd dat nu het spelen voorbij is en het ‘echte werk’ begint. Sommige kinderen twijfelen of ze daar wel aan toe zijn. Of raken aan het eind van de zomervakantie in paniek omdat ze nog niet kunnen lezen: hoe moet dat nou in groep 3?

Gelukkig gebeurt er die eerste dag zo veel dat de aandacht opslokt, dat de zorgen al snel naar de achtergrond verdwijnen. Als je kind ’s middags naar buiten komt, heeft het zijn eerste woordje leren lezen. Een mijlpaal die het begin markeert van een nieuwe fase: je kind kan lezen.

Zie ook Leren lezen in groep 3, zó help je je kind

“Lot had het moeilijk aan het begin van het schooljaar. Ze vond het heerlijk dat ze nu in groep 3 zat en leerde lezen, maar tegelijkertijd miste ze het spelen ook heel erg. We twijfelden of ze wel toe was aan groep 3. Gelukkig wist de juf een oplossing: Lot deed ’s ochtends mee met groep 3, maar als zij dat wilde mocht ze ’s middags nog meedoen in groep 2. Uiteindelijk heeft ze daar maar een paar keer voor gekozen, maar alleen het idee dat het kón, gaf haar al rust.”

Jaap, vader van Lot (7), Tessa (6) en Ruben (9)

Het zelfvertrouwen groeit

Aan het begin van groep 3 zijn de kinderen nog maar net kleuter-af. Ze kunnen zich nog niet zo lang concentreren: 15 à 20 minuten is wel zo’n beetje het maximum. De leerkracht houdt daar rekening mee en zorgt voor voldoende afwisseling tussen de lessen en de werkjes. Ook is er op de meeste scholen nog volop gelegenheid om te spelen, al is dat wel beduidend minder dan bij in de kleutergroepen.

Gaandeweg kunnen kinderen langer achter elkaar geconcentreerd werken. Ze leren steeds beter taken te plannen en die zelfstandig uit te voeren. In de loop van groep 3 en 4 schudden ze hun schuchterheid en onwennigheid van zich af en groeien over het algemeen uit tot zelfbewuste schoolkinderen, die vol zelfvertrouwen in het leven staan.

Ook uiterlijk veranderen kinderen sterk in deze periode. Ze worden langer en dunner en krijgen een steeds soepeler motoriek. Op een dag zul je naar je kind kijken en – misschien verbaasd of zelfs een beetje weemoedig – vaststellen dat ook de laatste restjes kleuter nu echt zijn verdwenen.

Een handig overzicht van wat je kind precies leert in groep 3 vind je hier.

Tip!

Koop samen een mooie etui voor een pen, potlood en gum. Op de meeste scholen schrijven de kinderen in groep 3 met een potlood en in groep 4 met een (vul)pen. Er zijn speciale pennen en potloden voor kinderen die net leren schrijven op de markt, van diverse merken. Door hun vormgeving helpen deze je kind hun pen of potlood op de juiste manier vast te houden.

Op sommige scholen krijgen alle kinderen zo’n pen of potlood. Als dat op de school van jouw kind niet zo is, kun je overwegen er zelf eentje te kopen. Overigens zijn er ook scholen waar de kinderen zelf geen schrijfmateriaal mogen meenemen. Vraag dit dus even na op school als je het niet weet. Onthoud welke pen of potlood je kind op school gebruikt; veel kinderen vinden het fijn om thuis net zo’n pen of potlood te hebben als op school.

 

Verder lezen

Back to school

Relaxed terug naar het schoolritme

16 augustus 2017 | Reacties (1)

Hoe eindeloos die lange zomervakantie van tevoren ook leek, na zes weken is de pret voorbij en moet je weer in het ritme zien te komen. Dat valt niet altijd mee… Zo zorg je voor een soepele omschakeling, zowel voor jezelf als voor je kinderen.

Lekker laat naar bed, ’s ochtends rustig een uurtje in de pyjama blijven rondlopen, geen gehaast, geen gedoe, geen gestres. Zomervakantie is het ultieme onthaasten. De keerzijde is echter dat het voor veel ouders en kinderen ook weer behoorlijk wennen is als na de vakantie het gewone leven weer begint.

Back to school

In sommige gezinnen is de omschakeling van vakantie naar school een niet-bestaand probleem. De kinderen hebben weer zin om naar school te gaan, om hun vriendjes weer te zien, hun clubs te bezoeken en de ouders snakken naar regelmaat. “De eerste schooldag is altijd nog een beetje onwennig. Dan sta ik extra vroeg op om te zorgen dat we zonder stress naar school toe kunnen”, vertelt Sandra, moeder van Bo (11) en Tygo (5). “Maar zodra het dinsdag is, hebben we het ritme al helemaal weer te pakken. Bij ons is de eerste schoolweek vaak meer relaxed dan de laatste vakantieweek, wanneer bij de kinderen de verveling toeslaat, ze een beetje zenuwachtig beginnen te worden voor het nieuwe schooljaar en wij zelf nog druk bezig zijn vakantiewassen te draaien en spullen op te ruimen.”

Stiekem genieten van post-vakantiechaos

In het gezin van Marcel en Luna, ouders van Tom (10), Puck (6) en Rik (4), verloopt de overgang van vakantie naar school meestal chaotisch. “Wij zitten met ons hoofd en hart nog in la douce France, de kinderen krijgen we met geen stok op tijd naar bed en de eerste paar weken vergeten we álles: broodtrommels, gymkleren, voetbaltraining. Volgens mij zijn wij als gezin in een soort collectieve denial dat de vakantie weer voorbij is”, zegt Marcel. “We nemen ons steevast voor om het volgend jaar anders aan te pakken, maar als ik heel eerlijk ben, hoort die ‘post-vakantiechaos’ voor mij nog echt een beetje bij het vakantiegevoel.”

Schoolspullen kopen

“Onze jongens moeten echt omschakelen”, is de ervaring van Petra, moeder van de tweeling Joris en Tijl (9), die beiden licht autistisch zijn. “Zowel aan het begin van de vakantie als aan het eind van de vakantie lopen ze wat met hun ziel onder de arm. We gaan daarom ook expres altijd de middelste twee weken van de zomervakantie weg. Dan hebben ze lekker een paar rommelweken om de overgang van het ene naar het andere ritme te maken.”

Petra is daar heel bewust mee bezig. “De eerste dagen plan ik vaak een activiteit in om Joris en Tijl te laten wennen aan de overgang van de structuur van school naar de vrijheid van de vakantie. Dat doe ik aan het einde van de vakantie weer. Meestal gaan we dan iets doen wat alvast met school te maken heeft, zoals de stad in om een nieuwe etui, drinkbeker of andere schoolspullen te kopen. Niet dat ze die echt nodig hebben, maar het helpt hen om de wereld van school weer binnen te laten in hun gedachten. Dat maakt de overgang minder abrupt. En het is ook nog eens heel gezellig!”

Pannenkoeken en een goed gesprek

Stapel pannenkoeken“Pannenkoeken.” Voor Martin, vader van Tim (8), zijn pannenkoeken de sleutel. “Elke schoolvakantie begint voor ons met pannenkoeken bakken op de laatste schooldag en eindigt met pannenkoeken bakken op de laatste vakantiedag. Dat was bij ons thuis vroeger al traditie en mijn drie broers en ik hebben dat bij onze kinderen ook zo overgenomen. Tijdens het pannenkoeken eten bespreken we de periode die achter ons ligt en kijken we vooruit naar de periode die gaat komen. Wat vonden we moeilijk, waar hebben we van genoten, waar hebben we zin in, wat verwachten we? Ik denk dat het heel goed is om van tijd tot tijd met kinderen te reflecteren over het leven. Heel bewust hebben we het tijdens die pannenkoekensessies niet alleen over Tim, maar ook over onszelf en over onze onderlinge relaties. Heel waardevol.”

Praktische tips

  • Breng in de laatste vakantieweek de bedtijd stapje voor stapje terug tot de normale tijd. De start van het schooljaar – met een nieuwe juf, een nieuw lokaal, misschien andere kinderen in de groep en andere regels – vreten energie; daar kan je dus maar beter zonder slaaptekort aan beginnen.
  • Kies je eigen einde-vakantie-ritueel.
  • Maak een schema of weekplanner om het nieuwe ritme onder de knie te krijgen: wie heeft wanneer gymles, schoolzwemmen, voetbaltraining, vioolles etc. Hang het op een zichtbare plek op.
  • Maak zo nodig nieuwe afspraken. Een nieuw schooljaar is hét tijdstip om nieuwe regels vast te stellen: wie smeert de boterhammen, hoe vaak mag er afgesproken worden met vriendjes, wat zijn de nieuwe bedtijden, wie kiest de kleding uit.
  • Doe in eerste schoolweek (maar ook daarna!) nog eens iets onverwachts. Pak een terrasje, ga uit eten, ga naar het zwembad, maak tussen de middag een fietstochtje met picknick, stop een typische vakantielekkernij in de broodtrommel. Zo houd je het vakantiegevoel nog een beetje vast.
  • Smeer de avond tevoren alvast het brood voor de broodtrommels en zet de ontbijtspullen klaar, dat scheelt ’s ochtends veel werk. Nog verder vooruit werken: smeer op zondagavond alvast de lunchpakketten voor de hele week en leg ze in de vriezer.

Verder lezen