Tag: "score"

Gratis gids voor ouders over de eindtoets

Gratis gids voor ouders over de eindtoets

15 februari 2017 | Reacties (0)

Zit je kind in groep 8? Dan maakt je zoon of dochter dit voorjaar de verplichte eindtoets. Speciaal voor ouders heeft Thuisinonderwijs.nl het informatieve boekje Alles over de eindtoets samengesteld , dat antwoord geeft op al je vragen. Het boekje is gratis te lezen en downloaden.

Wat houdt de eindtoets in groep 8 in?

De verplichte eindtoets wordt afgenomen tussen half april en half mei. Er zijn zes officiële eindtoetsen die de school mag gebruiken. Op de meeste scholen worden de Centrale Eindtoets (Cito-toets) afgenomen, maar steeds meer scholen kiezen voor een van de andere toetsen.

Veel ouders weten niet precies wat ze zich moeten voorstellen bij de verplichte eindtoets en zitten vol vragen. Hoe gaat zo’n eindtoets in zijn werk? Wat voor soort vragen worden er gesteld? Wat zijn de verschillen tussen de zes toetsen. Waarom is de ene toets ‘adaptief’ en de ander niet en hoe werkt zo’n ‘adaptieve toets’ eigenlijk? Wanneer komt de uitslag en wat vertelt die je precies? Hoe vergelijk je de Cito-score met de scores van Route8 , IEP of de andere eindtoetsen? Heeft de uitslag gevolgen voor het schooladvies? En heeft het zin om nog wat te oefenen voor de eindtoets?

Informatief boekje voor ouders

Het antwoord op al die vragen vind je in het inforamtieve e-boek Alles over de eindtoets. Handige gids voor ouders dat Thuisinonderwijs.nl heeft opgesteld. Daarin wordt in heldere taal verteld wat de verschillen zijn tussen de zes eindtoetsen, zowel inhoudelijk als wat betreft de manier van afnemen. Je kunt precies vinden wanneer de uitslag komt, hoe de scores worden gepresenteerd en hoe je die moet interpreteren. En er wordt uitgelegd hoe er wordt omgegaan met kinderen die bijvoorbeeld dyslectisch of kleurenblind zijn. Natuurlijk krijg je ook tips over hoe je kind zich het beste kan voorbereiden op de eindtoets en wat je als ouder kunt doen.

 

Lees of download Alles over de eindtoets

Alles over de eindtoets – Thuis in onderwijs

Handige gids voor ouders groep 8. Een uitgave van Thuisinonderwijs.nl.

Verder lezen

Woordjes lezen in de drieminutentoets

Woordjes lezen in de drieminutentoets

9 januari 2017 | Reacties (7)

Vaste prik op het programma van de Cito-toetsen is – vanaf groep 3 – de ‘drieminutentoets’ (DMT). De drieminutentoets meet hoe nauwkeurig en hoe snel je kind kan lezen door vast te stellen hoeveel losse woorden je kind in drie minuten tijd kan lezen. Maar hoe gaat de DMT nu precies in zijn werk?

Zo veel mogelijk woordjes lezen

De drieminutentoets wordt bij ieder kind individueel afgenomen door de leerkracht, de onderwijsassistent of de intern begeleider. Samen zoeken ze een rustig plekje op voor de test. Dat kan op de gang zijn of in een aparte kamer, maar soms wordt de toets ook gewoon in de klas afgenomen terwijl de andere kinderen bezig zijn met zelfstandig werken. Dat laatste lijkt misschien een wat onrustige setting, maar de ervaring leert dat sommige kinderen het in de klas juist beter doen dan in een aparte ruimte. Misschien komt dat omdat het dan minder officieel lijkt en daardoor minder spannend is.

De leerling krijgt een kaart waarop vijf of vier rijen van dertig losse woorden staan. Het kind moet proberen om in één minuut zo veel mogelijk van die woorden hardop te lezen. De woorden moeten per rij, van boven naar beneden, worden gelezen. Tijdens het lezen noteert de leerkracht op een scoreformulier welke woorden fout gelezen worden. Als de tijd om is, wordt gekeken hoeveel woorden je kind heeft gelezen. Fout gelezen woorden worden van de score afgetrokken. Een verkeerde klemtoon geldt niet als een fout, maar andere uitspraakfouten wel. Woorden die klank voor klank worden gelezen (s-a-p [of beter sss-ah-puh] in plaats van sap) worden foutgerekend, behalve als daarna het woord alsnog helemaal wordt uitgesproken. Als je kind tijdens het lezen uit zichzelf een fout verbetert, wordt dit woord ook goed gerekend.

Drie leeskaarten – steeds een beetje moeilijker

Per drieminutentoets kan je kind drie verschillende kaarten te lezen krijgen, waarvoor steeds één minuut leestijd is. Eigenlijk zou drie-keer-één-minuut-toets dus een betere naam zijn voor de DMT! De leeskaarten worden steeds een beetje moelijker. Het niveau van de drie kaarten is als volgt:

  • Leeskaart 1: vijf rijen van dertig ´klankzuivere´ woorden van één lettergreep. Het gaar hier om woorden die bestaan uit klinker-medeklinker (KM, bijvoorbeeld: as en oom); medeklinker-klinker (MK: fee, bui) en medeklinker-klinker-medeklinker (MKM: vak, wit). Klankzuiver betekent dat het woord wordt geschreven zoals je het uitspreekt.
  • Leeskaart 2: vijf rijen van dertig andere eenlettergrepige woorden. Deze woorden zijn nog steeds kort, maar al wel wat lastiger om te lezen. Het gaat om woorden van het type MMK (plooi, vlaai), MMKM (smid, bloem), MKMM (tand, jurk), MMKMM (grond, vlecht), MMMKM (strik, spreeuw) en MKMMM (barst, dienst).
  • Leeskaart 3: vier rijen van dertig woorden met twee lettergrepen (banden, geluid), drie lettergrepen (dromerig, aarzelen) of vier lettergrepen (keukentafel, puntenslijper).

Van elke kaart zijn er drie versies die afwisselend worden gebruikt om te voorkomen dat een leerling de woorden gaat onthouden. In ons artikel Oefenen voor de drieminutentoets (DMT), heeft dat zin? kun je voorbeelden vinden van de drie woordkaarten.

 

Welke kaart in welk groep?

Zoals aangeven wordt de DMT afgenomen in groep 3 tot en met groep 8. Dat gebeurt twee keer per jaar: halverwege (januari/februari) en – behalve in groep 8 – aan het einde (mei/juni) van het schooljaar. Hoe verder je kind komt op de basisschool, hoe meer en hoe moeilijker woorden het zal kunnen lezen.

De drieminutentoets wordt voor het eerst afgenomen halverwege groep 3. De meeste leerlingen kunnen dan nog geen woorden lezen die langer zijn dan één lettergreep. Leeskaart 3 wordt deze eerste keer dan ook nog niet gebruikt (tenzij een kind echt een grote leesvoorsprong heeft). Sommige scholen kiezen ervoor om bij de eerste DMT in groep 3 ook de tweede leeskaart nog niet te gebruiken. In groep 4 leest je kind elke keer alle kaarten. In groep 5 tot en met 8 begint elk kind met het lezen van kaart 3. Wordt hier een voldoende score behaald, dan is het niet nodig ook kaart 1 en 2 te lezen. Is de score op kaart 3 onvoldoende dan worden beide andere kaarten wel gelezen.

Hoeveel woorden moet je kind kunnen lezen?

Sommige kinderen lezen sneller dan andere, net zoals dat bij volwassenen het geval is. Alleen de supersnelle lezers zal het lukken om in groep 8 alle woorden van een kaart binnen een minuut te lezen. Stel je kind dan ook gerust door te vertellen dat absoluut niet van hem wordt verwacht dat hij alle woorden leest! Het Cito heeft tabellen opgesteld waarin de leerkracht precies kan aflezen welke Cito-niveaus (I, II, III, IV, V of A, B, C, D, E) bij welke scores horen. Om je een beetje een idee te geven, kun je in onderstaand overzichtje zien welke score per groep als ondergrens wordt beschouwd:

Groep 3
midden groep 3: 21 woorden
eind groep 3: 33 woorden
Groep 4
midden groep 4: 48 woorden
eind groep 4: 56 woorden
Groep 5
midden groep 5: 66 woorden
eind groep 5: 71 woorden
Groep 6
midden groep 6: 78 woorden
eind groep 6: 83 woorden
Groep 7
midden groep 7: 85 woorden
eind groep 7: 90 woorden
Groep 8
midden groep 8: 93 woorden

Waarom losse woorden lezen?

Bij de drieminutentoets moet je kind zo veel mogelijk losse woorden zien te lezen binnen een beperkte tijd. Dat is natuurlijk een wat rare, onnatuurlijke manier van lezen, want wanneer lees je in het dagelijks leven nu losse woorden? En ook nog eens met een stopwatch in de hand… En is het niet veel belangrijker dat een kind een tekst kan lezen én begrijpen (en dat het plezier beleeft aan lezen!) dan dat het in hoog tempo woorden opdreunt? Toch zit er wel een gedachte achter deze manier van toetsen.

Een van de doelen van de DMT is om eventuele leesproblemen vast te stellen en daarvoor is het lezen van losse woorden heel geschikt. Bij het lezen van losse woorden kan je kind namelijk geen gebruik maken van de context om een woord te voorspellen. Dat is iets wat vooral zwakkere lezers doen om te compenseren als het ‘decoderen’ van letters tot woorden nog niet zo goed lukt. Goede lezers ontsleutelen woorden bijna altijd zonder gebruik te maken van de context. Door de test uit te voeren met losse woorden, wordt dus gelijk duidelijk of je kind de context nodig heeft bij het lezen of niet. Deze informatie kan de leerkracht vervolgens gebruiken om je kind beter te leren lezen.

De twee andere doelstellingen van de DMT zijn het bepalen van het niveau van technisch lezen en het vaststellen van de progressie van je kind. Ook daarbij is het lezen van losse woorden handig; het levert een gemakkelijk te turven score op.

Hoe belangrijk is de drieminutentoets?

Het toetsen van losse woorden geeft informatie over de vraag of je kind de elementaire leeshandeling al beheerst. Dat is vooral belangrijk in groep 3 en groep 4. De meeste kinderen hebben het decoderen van letters tot woorden vanaf dat moment goed onder de knie. Vanaf dat moment wordt het veel belangrijker dat een tékst vlot wordt gelezen en goed begrepen.

Voor dyslectische kinderen en zwakke lezers blijft het echter belangrijk om van tijd tot tijd na te gaan of zij al in staat zijn om woorden te lezen zonder context. Niet met ‘snel losse woorden kunnen lezen’ als doel op zich, maar als hulpmiddel om leesproblemen in kaart te brengen. Herhaalde toetsing met de DMT is bijvoorbeeld een belangrijke component in het proces om tot een dyslexieverklaring te kunnen komen.

Lees ook: Oefenen voor de drieminutentoets (DMT), heeft dat zin?

Verder lezen

De entreetoets in groep 7: onderdelen en uitslag

De entreetoets in groep 7: onderdelen en uitslag

9 mei 2016 | Reacties (0)

De Entreetoets is een toets van Cito die in de laatste maanden van het schooljaar wordt afgenomen. Op sommige scholen is in groep 5 of 6 ook al een Entreetoets geweest. De meeste scholen laten hun leerlingen echter alleen in de groep 7 de Entreetoets maken.  De Entreetoets in groep 7 levert alvast een adviesrichting op voor het voortgezet onderwijs. Een belangrijke toets dus.

entreetoets groep 7

Modulaire toets

De Entreetoets is opgebouwd uit drie modules. De basistoets bevat 180 vragen, verdeeld over de onderdelen rekenen, lezen en taalverzorging. De scores op de basistoets geven de school inzicht in het niveau van de leerlingen in vergelijking met landelijke gemiddeldes. De tweede module, Verdieping, bevat 130 extra opgaven van rekenen, lezen en taalverzorging. Doordat er meer opgaven worden gemaakt, krijgt de school nauwkeuriger inzicht in hoe goed kinderen verschillende deelonderwerpen beheersen. Door de module Verdieping af te nemen, is het niet meer nodig dat de kinderen ook nog eens de reguliere Cito-toetsen van groep 7 maken. Dat scheelt dus ‘toetsdruk’, zoals dat in onderwijsjargon heet.

In de derde module, Verbreding, is ruimte voor andere vaardigheden. Hierin komen bijvoorbeeld de extra taalonderdelen luisteren, schrijven en woordenschat aan bod. Sinds 2016 bevat de Entreetoets (in de module Verbreding) ook het onderdeel wereldoriëntatie. Daarin staan vragen over aardrijkskunde, geschiedenis en natuur en techniek.

Entreetoets, een pittig weekje

De opbouw in modules betekent dat de Entreetoets in groep 7 van school tot school kan verschillen. Scholen kunnen zelf kiezen of de leerlingen naast de basistoets ook de modules Verdieping en Verbreding moeten maken. Bij de module Verbreding mag de school ook nog eens zelf bepalen welke onderdelen ze wil toetsen. Kinderen die alle modules van de Entreetoets in groep 7 maken, zijn daarmee acht dagdelen bezig. Een pittig weekje dus!

In de basis is de Entreetoets bedoeld om inzichtelijk te maken waar je kind staat eind groep 7. Waar is je dochter of zoon goed in en welke onderdelen hebben nog wat extra aandacht nodig. De Entreetoets als een hulpmiddel voor de school dus. De laatste jaren wordt er echter steeds meer waarde aan de Entreetoets gehecht. En dat is niet zo vreemd. Niet alleen in opzet – één toets die een totaalplaatje van het niveau oplevert – maar ook in de manier waarop de score tot uiting komt – een (voorlopig) schooladvies van een externe instantie – is de Entreetoets behoorlijk officieel.

IJkpunt voor het schooladvies

Sinds de eindtoets in groep 8 niet meer in februari maar pas in april wordt afgenomen, is de score van de Entreetoets het laatste grote ijkpunt voor de formulering van het schooladvies. Cito voorziet de school per leerling van een rapport (het rapport Vooruitzicht) dat voorspelt welk brugklastype het beste bij de leerling past, op basis van zijn totaalscore op de Entreetoets groep 7. De toetsinstantie geeft aan dat scholen dit rapport kunnen gebruiken bij het opstellen van het schooladvies en aan ouders kunnen meegeven. Het onderdeel Verbreding telt niet mee voor het rapport Vooruitzicht. De school kan wel zelf beslissen om ze de scores op deze module te laten meewegen in het schooladvies; scholen bepalen zelf waarop ze het schooladvies baseren.

Scholen zijn overigens helemaal vrij om te beslissen of ze de Entreetoets überhaupt laten meewegen voor het schooladvies. Het kán een hulpmiddel, maar het hoeft niet! (Net zoals afname van de Entreetoets niet verplicht is.) Het is de school die het schooladvies bepaalt, niet Cito. De regels voor het schooladvies bepalen dat scholen voor voortgezet onderwijs de uitslagen op de Entreetoets niet mogen opvragen om over toelating te beslissen.

Uitleg bij het uitslagformulier van de Entreetoets

Drie weken na het maken de Entreetoets krijgt de school de uitslagen toegestuurd. Het uitslagformulier van de Entreetoets is voor ouders vaak erg onduidelijk te lezen en interpreteren. Het formulier staat vol met cijfers, sterretjes, percentielen en termen die je als ouder meestal weinig tot niets zeggen. Op de website van Cito is speciaal voor ouders een document te downloaden waarin wordt uitgelegd hoe je het leerlingprofiel moet lezen. Daar vind je ook een ouderfolder over Entreetoets, waarin je ook voorbeeldvragen kunt bekijken.

Verder lezen

Oefenen voor de DMT, heeft dat zin?

Oefenen voor de DMT, heeft dat zin?

6 januari 2016 | Reacties (0)

Veel ouders willen hun kind thuis laten oefenen voor de drieminutentoets (DMT). Ook op sommige scholen wordt er veel geoefend opdat de leerlingen in de DMT zo veel mogelijk woordjes zullen lezen. De vraag is echter: heeft oefenen voor de DMT zin?

In dit artikel lees je het verrassende antwoord op die vraag. En beantwoorden we nog meer vragen die te maken hebben met (oefenen voor) de DMT. Ook vind je aan het eind van het artikel voorbeelden van de drie leeskaarten van de drieminutentoets. Deze kaarten geven je een idee van hoe de woordenlijsten op de DMT eruit zien.

Wat is de drieminutentoets ook alweer voor een toets?

De drieminutentoets is een toets uit het leerlingvolgsysteem van Cito. De DMT wordt twee keer per jaar wordt afgenomen, in januari/februari en in mei/juni. De DMT meet hoe nauwkeurig en hoe snel je kind kan lezen door vast te stellen hoeveel losse woorden je kind in drie minuten (drie keer één minuut) tijd hardop kan lezen. Hoe de toets precies in zijn werk gaat, lees je in ons artikel Woordjes lezen in de drieminutentoets.

Het komt vaak voor dat kinderen die goede progressie boeken in de leestoetsen waarin ze een gewone tekst lezen, minder goede resultaten halen bij het lezen van losse woordjes in de drieminutentoets.

Wordt er echt zo veel geoefend voor de DMT?

Ja, oefenen in snel losse woordjes lezen is een wijdverbreid fenomeen. Sommige scholen geven de leerlingen oefenkaarten mee naar huis om thuis te trainen in het snel woordjes leren voor de drieminutentoets. Of de school koopt een duur oefenpakket om de DMT-resultaten op te krikken.

Ouders zijn al net zo hard op zoek naar oefenmaterialen voor de drieminutentoets. Even googlen op internet en de zoekresultaten leveren talloze oefensites op. Op sommige van deze sites kun je zelfs dure oefentoetskaarten bestellen waarmee je als ouder met je kind kunt gaan oefenen voor de Cito-DMT.

Is het erg als de score op de DMT lager uitvalt?

Nou, dat valt vaak wel mee. Als je kind verder goed leest en begrijpt wat hij of zij leest, is er meestal niet zo veel aan de hand. Sommige kinderen kunnen zich nu eenmaal slecht concentreren op losse woordjes, of articuleren niet zo snel, of er zijn andere factoren die de lagere score verklaren. Je zou het zelfs nog om kunnen draaien: als je kind goed is in het lezen van teksten, maar een slechte DMT-score heeft, lukt het je zoon of dochter dus om ondanks enige moeite met losse woorden tóch goed te lezen. Dat is knap.

Dat scholen en ouders schrikken van slechtere resultaten in de drieminutentoets, heeft onder meer te maken met het feit dat de DMT een toets is uit het (Cito-)leerlingvolgsysteem. Dan worden we met z’n allen zenuwachtig. Want wat zal de Onderwijsinspectie ervan vinden? En welke gevolgen kan het hebben voor de schooladvies in groep 8?

Is de drieminutentoets dan een onzintoets?

Nee, dat zeker niet. De DMT helpt om het technisch leesniveau vast te stellen. Doordat de toets twee keer per schooljaar wordt afgenomen, valt de ontwikkeling van je kind goed te meten. Is je kind vooruit gegaan of niet?

De drieminutentoets maakt duidelijk bij welke leerlingen de technische leesvaardigheid nog niet voldoende is ontwikkeld: het ontsleutelen van de letters naar woorden kost bij hen te veel moeite en/of tijd, of kinderen leunen te zwaar op de context om een tekst te kunnen lezen. De uitslag attendeert de school op zwakkere lezers.

Dus als mijn kind een zwakke lezer is, is het wel verstandig om te oefenen voor de DMT?

Zwakke lezers moeten zo veel mogelijk oefenen met lezen. Maar het oefenen van tempolezen met losse woorden heeft niet of nauwelijks zin. Je kunt kinderen eindeloos laten oefenen met woordrijtjes lezen, maar dat heeft amper effect op de uitslag van de drieminutentoets. Uit onderzoek is gebleken dat kinderen van oefenen wel de geoefende woorden sneller gaan lezen, maar ongetrainde woorden niet.

Het snel kunnen lezen van losse woorden, zoals tijdens de DMT, wordt bepaald door twee factoren. Namelijk: hoe vaak heeft je kind het te lezen woord al eerder gezien en ontsleuteld en hoe vaak moet je kind het woord eerder gezien hebben om het goed en snel te kunnen lezen. Die tweede factor heeft te maken met een erfelijke aanleg om een zwakke lezer te zijn. Zwakkere lezers moeten een woord veel vaker zien om het te kunnen lezen dan goede lezers, waardoor hun leestempo achterblijft.

Een en ander wordt helder uitgelegd in het artikel Voortgezet lezen: Losse woorden oefenen of tekst? van Anneke Smits en Erna van Koeven. Beiden zijn als hoofddocent verbonden aan hogeschool Windesheim en de leerkring ‘Geletterdheid en schoolsucces’. In dat artikel vind je ook een uitgebreide wetenschappelijke onderbouwing van zaken die we hier aanstippen.

Mijn kind zit in groep 3 en moet elke week thuis oefenen met het lezen van rijtjes woorden. Heeft dat ook geen zin?

Volgens Smits en Van Koeven is het lezen van woordrijtjes in de eerste helft van groep 3 heel nuttig. Veel scholen gebruiken daarvoor de methode Veilig en vlot. Beginnende lezers krijgen hiermee de elementaire leeshandeling onder de knie: ze leren letters (klanken) om te zetten in woorden en maken steeds minder fouten in dat proces. Maar zodra kinderen in groep 3 erin slagen van de meeste woorden uit te goochelen wat er staat (tweede helft schooljaar), ook al gaat dat nog niet zo snel, heeft het oefenen van losse woorden al niet meer zo veel zin.

Hoe kan ik mijn kind wél helpen om sneller te gaan lezen?

Focus niet te veel op die DMT-score maar laat je kind zo veel mogelijk lezen – boeken, strips, ondertiteling. Het maakt niet uit wát je kind thuis leest, als je kind maar leest. Hoe meer leeskilometers, hoe beter. En vooral: zorg dat je kind je kind plezier krijgt in lezen (of in elk geval geen (grotere) hekel). Stimuleer je kind om teksten te lezen die hem of haar interesseren en focus daarbij niet te veel op het AVI-niveau. Kinderen die geïnteresseerd zijn in een onderwerp kunnen verhalen lezen die wel drie niveaus hoger liggen dan hun ‘eigen’ AVI-niveau.

Dat is ook de achterliggende gedachte van de door Anneke Smits ontworden Ralfi-methode, die veel scholen gebruiken om zwakke (langzame) lezers vooruit te helpen in hun leestempo. Dezelfde korte, maar relatief moeilijke tekst wordt in één week meerdere keren voorgelezen en – met hulp – zelf gelezen. Zie de website ralfilezen.nl voor meer uitleg. Daar is ook een schat aan geschikte teksten te vinden.

Als oefenen voor de DMT geen zin heeft, waarom biedt Thuisinonderwijs.nl bij dit artikel dan voorbeeldkaarten aan van de drieminutentoets?

We bieden deze voorbeeldkaarten niet aan als oefenmateriaal, maar ze zijn bedoeld om ouders een beeld te geven van wat zo’n drieminutentoets inhoudt. Bestaat de drieminutentoets echt alleen maar uit rijtjes woorden? Ja, het zijn echt alleen maar rijtjes woorden. De eerste leeskaart heeft alleen korte, makkelijk te lezen woordjes. Op kaart twee staan iets moeilijker woorden (één lettergreep) en op de derde kaart staan langere woorden. In het eerder genoemde artikel Woordjes lezen in de drieminutentoets kun je lezen in welke groep welke leeskaart(en) worden afgenomen en hoeveel woorden je kind moet lezen voor een bepaalde score op de drieminutentoets.

Hoewel de woordkaarten dus nadrukkelijk niet zijn bedoeld als oefenmateriaal, zou je ze eventueel wel kunnen gebruiken om je kind een beetje voor te bereiden op de DMT. We formuleren dit bewust héél voorzichtig. Als het goed is, krijgt je kind op school voldoende uitleg over hoe de drieminutentoets in zijn werk gaat en wat precies de bedoeling is. Doordat kinderen de DMT vanaf groep 3 twee keer per schooljaar doen,  raken ze goed vertrouwd met de toets. Extra voorbereiding thuis is normaal gesproken dus echt niet nodig. Sterker nog: het kan averechts werken, bijvoorbeeld bij kinderen met faalangst, omdat kinderen spanning of druk gaan voelen.

Is je kind zelf heel onzeker over de DMT en vraagt je zoon of dochter om voorbereiding, of heb je goede aanwijzingen dat de school ergens tekort schiet, dan kun je onze voorbeeldkaarten op de volgende manier gebruiken. Vraag je zoon of dochter eens om in een minuut tijd zo veel mogelijk woordjes te lezen (maak er een soort spelletje van, leg er geen druk op) en kijk hoe hij of zij te werk gaat. Probeert je zoon té snel te lezen en struikelt hij over zijn eigen tong? Schiet je dochter steeds in de lach omdat ze associatief een soort verhaal vormt van de woordenopsomming? Probeert je kind mooi op toon te lezen? Is hij steeds kwijt bij welk woord hij ook alweer is?

Dat soort dingen zijn zaken waarin je kind zou kunnen bijsturen. Lees snel, maar niet té snel. Probeer er geen verhaal in te zien, maar lees écht alleen maar losse woorden. Houd een vinger bij het woord dat je leest. Probeer in een lekker leesritme te komen. Beaam dat het best een beetje mal is om zo maar een rij willekeurige woorden voor te lezen. Lees zelf ook eens kaart en ervaar welke problemen je zelf tegenkomt. Voor een kind kan het heel relativerend werken om erachter te komen dat zijn vader of zijn moeder zich ook steeds verspreekt of woorden verhaspeld. Voor jezelf trouwens ook 😉

Je kind kan baat hebben bij dit soort tips, maar het is een illusie om te denkten dat ze ineens zullen leiden tot een heel veel hogere DMT-score. Als je kind een zwakkere of langzame lezer is, kan de leerkracht het beste inschatten wat er precies aan de hand, of je kind ondersteuning nodig heeft en hoe dat dan moet worden aangepakt.

Voor thuis geldt – zeker zo lang je geen ander bericht krijgt van de school: gewoon lekker lezen omdat het leuk is!

Voorbeeld leeskaarten drieminutentoets 

Via onderstaande links kun je voorbeeld-leeskaarten van de drieminutentoets downloaden:

De leeskaarten bevatten hetzelfde type en hetzelfde aantal woorden als de leeskaarten van de officiële drieminutentoets. Uiteraard staan er niet dezelfde woorden op!

Klik hier voor uitleg over de drieminutentoets.

Verder lezen

Citoscorejongens

Groep 8 krijgt score Cito-toets te horen

6 maart 2014 | Reacties (14)

Het zijn spannende dagen voor leerlingen van groep 8. Deze week (de week van 10 maart 2014) krijgen zij de uitslag van de Cito-toets, die in februari is gemaakt. Die uitslag, die je ontvangt via de school, bestaat uit de behaalde standaardscore (het befaamde getal tussen 501 en 550) en de zogenoemde poppetjesgrafiek. Maar wat vertellen die je nou eigenlijk?

EindtoetsGroep8Hoe wordt de Cito-score berekend?

De Cito-toetsen die in februari zijn gemaakt, zijn nagekeken door het Cito. Dat is niet handmatig gebeurd; de antwoorden zijn ingelezen door een machine (of in geval een digitale toets: verwerkt door de computer). Het aantal goede antwoorden wordt vermenigvuldigd met een bepaald getal; de uitkomst is de score. Had je kind alle vragen fout, dan rolt er een score van 501 uit. Bij alles goed is de score 550. Voor de Cito-score telt het (facultatieve) onderdeel Wereldoriëntatie niet mee. Het landelijk gemiddelde ligt rond de score 535. Cito maakt de landelijke uitslag bekend op woensdag 12 maart 2014.

‘Moeilijke’ en ‘makkelijke’ eindtoetsen

Voor alle eindscores tussen 501 en 550 geldt dat het van jaar tot jaar verschilt hoeveel vragen een leerling goed moet hebben om een bepaalde score te behalen (overigens: kinderen met slechts een paar fouten kunnen ook de maximale score halen). De Cito-eindtoets is het ene jaar moeilijker dan het andere. Bij het berekenen van de scores houdt Cito rekening met de moeilijkheid van de toets. “In een ‘makkelijk’ jaar moet je een paar opgaven méér goed hebben dan in een ‘moeilijk’ jaar om dezelfde standaardscore te halen.”

Voor de eindscores maakt dat volgens Cito niet uit: “Omdat de eindtoets elk jaar volledig uit nieuwe opgaven bestaat, kan de moeilijkheid van de toets van jaar tot jaar iets variëren. Deze variaties in moeilijkheid zijn echter zeer klein. Alle opgaven hebben twee keer in een proefafname meegedraaid voor ze in de eindtoets terechtkomen. We weten dus al vooraf hoe moeilijk elke opgave is en we zorgen ervoor dat de toets elk jaar ongeveer evenveel makkelijke als moeilijke opgaven bevat.”

De Cito-score geeft een algemene indicatie van het best passende onderwijstype:

  • 501 – 522 – Basisberoepsgerichte leerweg
  • 522 – 527 – Basis- en Kaderberoepsgerichte leerweg
  • 524 – 528 – Kaderberoepsgerichte leerweg
  • 528 – 532 – Kaderberoepsgerichte leerweg en gemengde/theoretische leerweg (het voormalige mavo)
  • 530 – 535 – Gemengde/ theoretische leerweg
  • 533 – 536 – Gemengde/theoretische leerweg en havo
  • 538 – 541 – havo
  • 538 – 545 – havo/vwo brugklas
  • 545 – 550 – vwo (atheneum / gymnasium / Tweetalig onderwijs / Tvwo)

Wat is de poppetjesgrafiek?

Poppetjesgrafiek Cito

De poppetjesgrafiek op de Cito-uitslag geeft aan hoe je kind zou scoren op een bepaald schooltype

Op het Leerlingrapport van de Cito-uitslag is een ook zogenoemde poppetjesgrafiek afgebeeld. Deze grafiek geeft grafisch weer wat de betekenis is van de standaardscore voor de keuze van een brugklastype. Achter elke schoolrichting staat een rij poppetjes. Op elke rij is één poppetje gekleurd; die stelt het kind voor. Daarnaast wordt een percentage vermeld. Dat geeft aan hoeveel procent van de leerlingen op deze schoolrichting beter zullen scoren dan jouw kind. De schoolrichting met het percentage rond de vijftig procent (je kind is daarop een gemiddelde leerling) wordt als het meest geschikt beschouwd.

Resultaten worden niet bewaard

Van alle kinderen die jaarlijks de Cito-eindtoets maken, heeft Cito de uitslagen in het bestand. Dat is echter maar van tijdelijke duur. Zodra de toelatings- en doorstroomgegevens zijn verzameld en gekoppeld zijn aan de resultaten op de eindtoets, worden alle namen uit de Cito-computerbestanden verwijderd, zo geeft Cito aan.

 

Gepubliceerd op: 6 maart 2012
Bijgewerkt op: 6 maart 2013

Verder lezen

Eindtoets in groep 8 voortaan verplicht

Eindtoets in groep 8 voortaan verplicht

22 maart 2013 | Reacties (0)

Alle leerlingen op de basisschool maken voortaan in groep 8 verplichte een eindtoets voor taal en rekenen. Dat kan de bekende Cito-toets zijn, maar scholen mogen ook een andere eindtoets kiezen. De toets wordt in april of mei gehouden, waardoor de uitslag een minder grote rol speelt bij de toelating tot het voortgezet onderwijs. Dat is de uitkomst van het debat in de Tweede Kamer over invoering van de verplichte Cito-toets.

Schooladvies wordt leidend

Staatssecretaris Sander Dekker ging akkoord met de wens van de Kamer om het schooladvies leidend te laten zijn. Scholen kennen hun leerlingen na acht jaar door en door en hebben een beter beeld van de kinderen dan een momentopname van een eindtoets oplevert, is overtuiging. Doordat scholen nu verplicht een leerlingvolgsysteem moeten hebben, kunnen de vorderingen van acht jaar basisschool goed worden vastgelegd. Overigens werken de meeste scholen al met zo’n leerlingvolgsysteem.

Hogere toetsscore: advies aanpassen

De uitslag van de eindtoets kan voor scholen wel aanleiding zijn om hun advies aan te passen. Als een leerling hoger scoort op de Cito-toets of andere eindtoets dan het advies van de leerkracht, dan is de school verplicht het advies te heroverwegen. Als de school als de school het advies niet aanpast, kun je als ouder in beroep.

Makkelijke toets blijft nog even

Ook is afgesproken dat de makkelijke versie van de  Cito-toets, die scholen aanbieden aan leerlingen die waarschijnlijk naar het vmbo gaan, nog 3 jaar gebruikt mag worden. Daarna moet er een zogeheten adaptieve test zijn. Dat is een toets die digitaal wordt afgenomen en zich automatisch aanpast aan het niveau van de leerling.

Cito-score is meestal gelijk aan schooladvies

Als de Cito-score aangeeft dat de leerling een hoger schoolniveau aankan dan de leerkracht bij het schooladvies had ingeschat, moet de school het advies heroverwegen. Maar hoe vaak komt zo’n situatie eigenlijk voor? PvdA-Kamerlid Loes Ypma noemde in het debat de volgende cijfers:

  • Cito-score gelijk aan schooladvies: 86 procent
  • Cito-score hoger dan schooladvies: 10 procent
  • Cito-score lager dan schooladvies: 4 procent

Overigens is een lagere Cito-score géén reden om het schooladvies te heroverwegen.

Verder lezen

Kamer zet streep door light-versie Cito-toets

Kamer zet streep door light-versie Cito-toets

18 december 2012 | Reacties (0)

De Tweede Kamer heeft de aparte Cito eindtoets voor de zwakste leerlingen in groep 8 van tafel geveegd. Een meerderheid stemde dinsdag in met een motie van PVV-Kamerlid Harm Beertema tegen de makkelijke Cito-toets.

Dit najaar maakte Cito bekend dat de eindtoets in groep 8 dit schooljaar op twee niveaus zou worden afgenomen, met een speciale gemakkelijkere variant voor de leerlingen van wie de leerkracht denkt dat zij het best op hun plaats zijn in de basisberoepsgerichte of kaderberoepsgerichte leerweg van vmbo. Volgens Cito is een toets die beter aansluit bij het niveau beter voor het zelfvertrouwen en zijn de scores betrouwbaarder.

De afgezwakte Cito-toets kreeg veel kritiek. In opiniestuk in de Volkskrant betoogde Jaap Dronkers, hoogleraar onderwijsonderzoek aan de Universiteit van Maastricht, dat de splitsing van de Cito-toets in twee niveaus de sociale ongelijkheid van de jaren vijftig laat herleven. Volgens hem zouden vooral allochtone kinderen gedupeerd worden. De toets zou een soort ‘allochtonentoets’ worden.

PVV-Kamerlid Harm Beerta vindt dat de makkelijke Citotoets toe geeft aan ‘een soort zieligheid’. “Dat moet je niet willen. Daag die leerlingen uit om het beter te doen.” De PVV’er vindt de makkelijkere test stigmatiserend. Zijn motie tegen de light-versie van de eindtoets kreeg in de Kamer steun van regeringspartijen PvdA en VVD en van de ChristenUnie en de SGP.

Verder lezen