Tag: "tips"

Waarom tafels leren een blijvertje is

Waarom tafels leren een blijvertje is

18 september 2017 | Reacties (1)

Binnen drieënhalve minuut honderd keersommen van een tafelblad maken. Dat moeten kinderen kunnen om hun tafeldiploma te halen. Oftewel, om te voldoen aan de norm die aan het eind van groep 5 gehaald moet zijn. Voordat dat niveau is bereikt, gaat er heel wat aan vooraf.

In welke groep worden de tafels geleerd?

Het aanleren van de tafels speelt zich hoofdzakelijk af in groep 4 en 5. Op de meeste scholen wordt in groep 4 begonnen met inzicht geven in hoe de tafels werken en wat er eigenlijk gebeurt bij keersommen. Ook leren de leerlingen in de groep 4 hun eerste tafels uit het hoofd (‘automatiseren’ heet dat in onderwijsjargon). In groep 5 volgen de overige tafels en wordt hard aan het tempo gewerkt. Aan het eind groep 5 moet de norm gehaald zijn, maar in de praktijk blijkt dat dit veel leerlingen niet lukt of dat de kennis van de tafels in de zomervakantie weer is weggezakt. Kijk dus niet vreemd op als je zoon of dochter in groep 6 nog steeds tafels moet oefenen.

Volgorde waarin de tafels worden geleerd

Er is geen standaardvolgorde waarin de kinderen de tafels aanleren. De volgorde verschilt van methode tot methode. Meestal wordt begonnen met de tafels van 1, 2, 5 en 10 (of 10 en 5) in groep 4 en volgen in groep 5 de tafels van 3, 4, 6, 7, 8 en 9 (de volgorde kan wisselen). Sommige scholen voegen hier de tafels van 11, 12, 15 en 20 nog aan toe.

Tafels stampen is geen doel op zich

De tafels van vermenigvuldiging vormen de basis voor vrijwel alle rekenhandelingen in de bovenbouw. Daarom is het ook zo belangrijk dat kinderen ze goed kennen. Hoe belangrijk het aanleren van tafels ook is, tafels stampen zonder dat je kind weet wat het aan het doen is, is een vrij zinloze bezigheid.  Voor veel kinderen is het ook ondoenlijk om alleen via memoriseren tot beheersing van de tafels te komen. Daarom vindt uitbreiding van de kennis van tafels plaats door het leggen van relaties (denkstrategieën) tussen gekende en nieuw te leren tafels. Als je thuis met je kind gaat oefenen, is het goed om hier ook aandacht voor te hebben.

Een paar voorbeelden:

  • Je dochter moet het antwoord geven op 7 x 8 maar weet dat niet. Ze begint de tafel van 8 op te zeggen in de hoop dat ze zo op het goede antwoord komt. Je hebt eerder gemerkt dat ze bij 8 x 8 direct het goede antwoord (64) kon noemen. Wijs haar erop dat 7 x 8 eigenlijk gewoon ‘8’ minder is dan het antwoord op ‘8 x 8’; ze komt sneller op het juiste antwoord door 64 – 8 uit te rekenen dan door de bijna de hele tafel van 8 op te dreunen. Als ze op deze manier het antwoord een aantal keren heeft uitgevogeld, zal ze het vanzelf onthouden en dus alsnog automatiseren.
  • Je dochter weet niet hoeveel 5 x 4 is. Vraag eens of ze misschien wel weet hoeveel 4 x 5 is (omkering)
  • Je dochter heeft moeite om 6 x 7 te onthouden, maar 3 x 7 vindt ze makkelijk. Wijs haar erop dat 6 x 7  het dubbele is van 3 x 7. Voor haar is misschien makkelijker om 21 + 21 op te tellen dan heel lang na te denken over de som 6 x 7. Als ze dit trucje vaker toepast, volgt automatisering vanzelf.

Uit het hoofd leren of niet?

Sommige rekenmethodes gaan zo ver dat ze aangeven dat de kinderen de tafels niet meer hoeven te leren, maar dat ze moeten weten hoe ze ze kunnen uitrekenen. Kennis van de tafels is dan niet meer het resultaat van stampen, maar het resultaat van een proces van steeds verdergaande verkorting van handig rekenen. De meeste leerkrachten kiezen er echter toch voor om de tafels te laten leren; voor de meeste kinderen is dat nu eenmaal een stuk makkelijker en voor alle kinderen geldt dat er later veel tijdwinst mee gehaald kan worden.

‘Dom dreunen in rijen van twee’

“Vroeger ging het bij tafels leren om dom stampen. Ik zie ons nog zitten in de derde klas bij meester Bakker. In rijen van twee en dreunen maar”, herinnert Minke Visser (47) zich uit haar eigen schooltijd. Visser is groepsleerkracht in groep 5. Volgens haar is het uit het hoofd leren van tafels nog altijd ontzettend belangrijk. “Het grote verschil met vroeger is dat we tegenwoordig de kinderen wijzen op de relaties tussen de tafelsommen. Op die manier begrijpen ze beter wat ze leren en onthouden ze de uitkomsten beter. Maar dat onthouden is nog steeds ontzettend belangrijk”, vindtVisser.

Maak van je hoofd een rekenmachine

Er komen wel eens ouders bij haar die het ‘tafelen’ maar onzin vinden. Iedereen gebruikt toch rekenmachines tegenwoordig, zeggen die. “Ik stel dan altijd een tegenvraag”, vertelt Visser. “Vind je zo’n rekenmachine handig? Als ze dan ‘ja’ zeggen, leg ik uit dat je door tafels te oefenen van je eigen hoofd een soort rekenmachine maakt. Je voert een som in en – hup –  het antwoord rolt eruit. Als je het zo vertelt, begrijpt iedereen de meerwaarde. Zo leg ik het ook uit aan mijn leerlingen. Die vinden dat supercool, hun eigen hoofd als rekenmachine.”

 

Lees ook de overige artikelen in dit dossier:

 

Verder lezen

Moet je doen: leer iets nieuws

Moet je doen: leer iets nieuws

17 augustus 2017 | Reacties (0)

Thuisinonderwijs.nl brengt ook deze vakantieperiode volop zomer-inspiratie in de rubriek Moet je doen!Vandaag aflevering 13: Leer iets nieuws.

Alle kinderen zijn leergierig

Leren? Tijdens de vakantie? Zeker weten! Het is gek dat we ‘leren’ beschouwen als iets dat op school thuishoort. Kinderen zijn van nature leergierig, ze leren en ontwikkelen zich de hele dag. Veel ouders valt op dat juist in de langere schoolvakanties hun kind de grootste ontwikkelingssprongen maakt en zelfs fysiek vaak een groeispurt heeft.

Een boost voor het zelfvertrouwen

Het alledaagse, ontdekkenderwijs leren gaat in de zomervakantie gewoon door. Sterker nog: dat spontane leren speelt zich af in de hoogste versnelling. Kinderen die op school moeite hebben om mee te komen, kunnen soms het gevoel krijgen dat ze niet goed genoeg zijn om iets te leren. Een succeservaring met iets leren in de vakantie – het maakt niet uit wat! – geeft hun zelfvertrouwen een enorme boost! Kinderen die ervaren hoe opwindend het kan zijn om iets nieuws te leren, zullen hun hele leven lang open staan om te blijven leren.

Wat wil je leren?

Het is beslist niet nodig om als een veredelde schooljuf thuis alvast aan de slag te gaan met de lesstof van het komende schooljaar. Laat dat maar aan de leerkracht over na de vakantie. Tenzij je kind er natuurlijk zelf om vraagt. Zo staan kinderen die naar groep 3 gaan vaak te trappelen om alvast wat met leren lezen aan de slag te gaan. In dat geval kun je bijvoorbeeld een leuke app downloaden spelenderwijs alvast een beetje kennis te maken met leren lezen.

Maar kijk vooral ook verder dan de schoolvakken. Er zijn zo veel andere dingen die je kind – en jij? – misschien wel wil leren! Denk maar eens aan:

  • leren schaken
  • leren koken
  • leren portretschilderen
  • leren blokfluitspelen
  • de volgorde van de planeten leren
  • een vreemde taal leren
  • vogelgeluiden leren herkennen
  • leren hoepelen
  • het allerbeste papieren vliegtuigje leren vouwen
  • leren programmeren
  • leren goochelen
  • leren breien
  • de was leren vouwen
  • een kompas leren gebruiken
  • het weer leren voorspellen
  • voetbaltrucjes leren
  • leren zeilen
  • leren vliegeren
  • een fietsband leren plakken
  • leren fotograferen
  • zelfverdediging leren
  • een muurtje leren metselen
  • leren figuurzagen
  • leren openhaardhout klieven
  • leren een tent opzetten
  • een nieuwe dans leren
  • leren vissen
  • leren onkruid wieden
  • leren kaartlezen
  • leren steltlopen
  • leren rappen
  • op een éénwieler leren fietsen
  • leren broodbakken

Zomer 2017: Moet je doen!

Hieronder vind je alle eerder verschenen artikelen van Moet je doen!

Moet je doen: coderen en programmeren

Moet je doen: naar buiten!

Moet je doen: creatief

Moet je doen: breinbrekers

Moet je doen: minute to win it

Moet je doen: ontdekken!

Moet je doen: naald en draad

Moet je doen: denksporten

Moet je doen: allemaal beestjes

Moet je doen: daar zit muziek in!

Moet je doen: maak ’t zelf

Verder lezen

Moet je doen: maak ’t zelf

Moet je doen: maak ’t zelf

15 augustus 2017 | Reacties (0)

Thuisinonderwijs.nl brengt ook deze vakantieperiode volop zomer-inspiratie in de rubriek Moet je doen!Vandaag aflevering 11: Maak ‘t zelf.

Kijk ‘ns, zelf gemaakt!

Niets te doen? Schrijf een boek, bak een pizza of ga foto’s maken voor de familiefotowedstrijd! Inspireer je kind om zelf iets te maken (en doe zelf vooral mee, als je daar zin in hebt!)

Schrijf een boek of een verhaal

Veel kinderen vinden schrijven leuk en dromen ervan een boek te maken. Dat kan heel gemakkelijk met Kinderschrijflab. Je kind kan schrijven, tekenen, knutselen en fotograferen om zijn of haar eigen boek te maken. Als het boek af is, kun je het echt in boekvorm thuis laten bezorgen. Hoe stoer is dat?
Voor kleuters zijn de website en app van Brikki erg leuk. Ze kunnen daar zelf verhaaltjes verzinnen met het leeuwtje Brikki in de hoofdrol, die ook nog echt eens worden gepubliceerd!

Fotowedstrijd

Organiseer een fotowedstrijd voor het hele gezin. Iedereen mag foto’s maken in diverse categorieën, bijvoorbeeld (huis)dieren, bloemen, licht, van dichtbij, enzovoort. Hang alle foto’s op en vraag opa, oma of de buurvrouw om als jurylid op te treden. Zelfs kleuters kunnen al prima meedoen aan zo’n fotowedstrijd. Door hun lage perspectief en vaak schuine camerastand zijn kleuterfoto’s meestal heel verrassend. Foto bewogen? Geen probleem, dat kan een heel artistiek effect geven!

Bakken en koken

Koekiemonster-CupcakeTv-programma’s als de CupCakeCup, Kokkies en Junior Master Chef bewijzen het: kinderen kunnen prima uit de voeten in de keuken en vinden koken en bakken ontzettend leuk. Tijdens drukke schoolweken is het soms lastig om je kind te laten koken of een taart te laten maken, maar in de zomervakantie is die tijd er wel. Laat je kind dus lekker experimenteren met allerlei recepten. Kijk bijvoorbeeld op Allerhandekids.
In steeds meer plaatsen zijn ook kinderkookcafé’s, waar kinderen onder leiding van een echte kok zelf mogen koken en bedienen.

Pimp je outfit

Houd je kind van mode en kleding? Ga dan eens een middagje kleren ‘pimpen’. Maak van oude kledingstukken nieuwe door mouwen af te knippen, rafelt te maken, glitters te plakken, enzovoort. Inspiratie nodig? In het boek Hoe overleef ik… doe-het-zelf modeboek van Francine Oomen staan ontzettend veel leuke ideeën om voor weinig geld kledingstukken te veranderen of zelf te maken.

Brei een beer, haak een armband

Ik leer hakenBreien en haken is helemaal hip, ook voor kinderen. Nee, geen grote projecten als een trui of een vest, maar brei- of haakwerkjes die snel klaar zijn en waar ze gelijk iets mee kunnen. Dus: grote naalden, dikke wol en breien of haken maar. Kun je zelf niet breien of haken, dan zijn deze gratis online brei– en haakcursussen handig.

In het boekje Ik leer breien leren kinderen vanaf ongeveer zes jaar aan de hand van eenvoudige tekst met vrolijke tekeningen de beginselen van het breien. Wolf Bob en de muisjes Pien en Pepijn leggen uit hoe het breien in z’n werk gaat. Ook staan er leuke breiwerkjes in het boekje, die je kind al zelf kan maken. Vergelijkbaar is het boekje Ik leer haken. Ook op YouTube zijn allerhande tutorials te vinden om leren breien of haken.

Zagen en timmeren

In de zomervakantie worden op tal van plekken huttendorpen en bouwdorpen gehouden. Kinderen kunnen zich daar een week lang onder begeleiding uitleven op het zelf bouwen van een hut. Inclusief zagen en timmeren én bedenken hoe de hut eruit moet komen te zien natuurlijk. Voor veel kinderen is dit de enige keer in het jaar dat mogen zagen en timmeren. Dat is jammer, want ze vinden het vaak erg leuk om te doen. En wist je dat timmeren heel goed voor de ontwikkeling van kinderen?

Timmeren en zagen gaan namelijk nog een stapje verder dan bouwen met blokken of legobouwwerken construeren. Je kind moet fysiek met het materiaal aan de slag. Dat vergt aandacht, kracht en voorzichtigheid. Hoofd, hart en handen moeten met elkaar in verbinding staan.

Lijkt het je eng, je kind zijn gang laten gaan met een hamer of zaag? Dat is wel te begrijpen, maar niet nodig. Kinderen van vier, vijf jaar kunnen dit al prima. Leg wel uit hoe ze het gereedschap veilig moeten gebruiken en laat ze het te zagen hout altijd goed vastzetten in een bankschroef. Natuurlijk zal je kind wel eens op zijn duim slaan of een splinter in zijn vinger krijgen. Dat hoort erbij. Uiteraard blijf je zelf in de buurt om erop toe te zien dat je kind geen gevaarlijke dingen doet met het gereedschap.

Begin met een voorraad resten hout aan te leggen (vraag erom bij buren, familie of ga langs bij de bouwmarkt). Het mag geen hard hout zijn, anders is het moeilijk om er een spijker in te slaan of het door te zagen. Heb je voldoende hout en spijkers, laat je kind dan zijn eigen ideeën volgens om iets te maken. Kinderen hebben fantasie genoeg: een zwaard, een vliegtuig, een auto, een bedje voor de knuffel? Alles kan!

Zomer 2017: Moet je doen!

Hieronder vind je alle eerder verschenen artikelen van Moet je doen!

Moet je doen: coderen en programmeren

Moet je doen: naar buiten!

Moet je doen: creatief

Moet je doen: breinbrekers

Moet je doen: minute to win it

Moet je doen: ontdekken!

Moet je doen: naald en draad

Moet je doen: denksporten

Moet je doen: allemaal beestjes

Moet je doen: daar zit muziek in!

Verder lezen

Moet je doen: ontdekken!

Moet je doen: ontdekken!

27 juli 2017 | Reacties (1)

Thuisinonderwijs.nl brengt ook deze vakantieperiode volop zomer-inspiratie in de rubriek Moet je doen! Vandaag aflevering 6: Ontdekken.

Experimenteren is kinderspel

Kinderen zijn geboren ontdekkers en onderzoekers. Door te experimenteren en te observeren leren ze stukje bij beetje hoe dingen werken. De meeste kinderen vinden het dan ook leuk om proefjes te doen. Hieronder vind je de proefjes top-vijf van Thuisinonderwijs.nl:

1. Drijf ’t of zinkt ‘t?

Dit is een leuk spel voor kleuters. Vul het bad, de wasbak of een zwembadje buiten met (lauw) water en verzamel allerlei objecten, zoals keukengerei, speelgoed, pastaschelpjes, een appel, een koffiekopje, kiezelsteentjes, enzovoort. Leg de voorwerpen één voor één in het water en bekijk of ze blijven drijven of naar de bodem zinken. Vraag je kind eens om van tevoren te voorspellen of iets blijft drijven of niet en waarom. “Een potlood drijft omdat het rood is”, kan je kleuter stellig verklaren. Oudere kinderen weten wel dat zware dingen zinken en lichte dingen blijven drijven, maar waarom zinkt een zwaar vrachtschip dan niet naar de bodem?

2. Megabellen!

Bellen blazen is leuk, maar megabellen maken is superleuk. Je kent ze misschien wel van Nemo Science Center in Amsterdam (ook leuk om een dagje naartoe te gaan in de vakantie!): supergrote bellenblaasbellen, waar je zelfs zelf in kunt staan. Je kunt een megabellenblaasset kopen, maar wist je dat het helemaal niet moeilijk is om zulke grote bellen zelf te maken?
Dit heb je nodig:

  • 50 gram suiker
  • 75 ml afwasmiddel (Dreft, geel)
  • 750 ml demineraliseerd en gedestilleerd water (supermarkt)
  • 6 ml glycerine (drogist of apotheek)
  • 2 ronde houten stokjes van 60-100 cm lang
  • 2 katoenen touwtjes, 3 mm dik, 60 cm en 120 cm

Maak het water warm en los de suiker erin op. Laat het afkoelen, voeg het afwasmiddel en de glycerine toe en laat het mengsel enige uren (het liefst tot de volgende dag) staan. Knoop de touwtjes tussen de twee stokjes door ze aan de uiteinden vast te maken. Het korte touwtje komt boven, het langere touwtje er direct onder (dit hangt in een lus naar beneden). De andere uiteinden van de stokjes zijn de handvatten. Doop de touwtjes helemaal onder in het sop en haal ze langzaam omhoog. Breng de stokjes uit elkaar zodat het bovenste touwtje strak staat. Tussen de touwtjes staat nu een driehoekig zeepvlies. Door achteruit te lopen ontstaat een bel.

3. Groei een zoutkristal

Al zes jaar lang trekt de Rijksuniversiteit Groningen met een speciale Zout Express langs basisscholen in het hele land om kinderen te leren over zout. Jaarlijks wordt ook een wedstrijd gehouden wie het mooiste zoutkristal kan laten groeien. Maar je hoeft niet natuurlijk niet te wachten tot de Zout Express langskomt om zelf een zoutkristal te laten groeien. Ga gewoon meteen aan de slag. In dit filmpje legt wetenschapper Theo Jurriëns uit hoe je dat doet:

4. Magische m&m’s

Vul een diep bord met een laagje water uit de kraan. Leg vier m&m’s van verschillende kleuren in het water, gelijk verdeeld over het bord. Wat gebeurt er? De kleuren van de m&m’s verspreiden door het water, maar mengen onderling niet!

5. Dansende rozijnen

Vul een glas met 7Up of Sprite en leg er 10 rozijnen in. Eerst zinken de rozijnen naar de bodem, maar na een minuut of wat dansen ze door het glas. Op dit filmpje kun je zien hoe dat eruit ziet:

Nog veel meer proefjes voor thuis

ProefjesBovenstaande is slecht een heel kleine greep uit leuke proefjes die je thuis met je kind kunt doen. Hoe maak je zelf een regenboog? Hoe blijft je vinger droog in het water? Hoe stuitert een tennisbal op een basketbal? Het antwoord op deze en nog veel meer vragen krijgen kinderen door het zelf proefondervindelijk te ontdekken. Op de website Proefjes.nl, die je kinderen misschien wel kennen van school, staan tientallen leuke proefjes voor kinderen vanaf ongeveer 8 jaar. Er wordt gebruikt maakt van eenvoudige materialen, die in ieder huis wel te vinden zijn.

 

Zomer 2017: Moet je doen!

Hieronder vind je alle eerder verschenen artikelen van Moet je doen!

Moet je doen: coderen en programmeren

Moet je doen: naar buiten!

Moet je doen: creatief

Moet je doen: breinbrekers

Moet je doen: minute to win it

Verder lezen

Moet je doen: minute to win it

Moet je doen: minute to win it

25 juli 2017 | Reacties (0)

Thuisinonderwijs.nl brengt ook deze vakantieperiode volop zomer-inspiratie in de rubriek Moet je doen! Vandaag aflevering 5: Minute to win it.

Maffe spelletjes die 1 minuut duren

Natuurlijk wil je best een spelletje spelen met je kind, maar om nou elke dag urenlang te gaan zitten Monopoly spelen…
Voor de korte spelletjes van Minute to win it kun je echter vast wel even tijd vrijmaken. Minute to win it is een Amerikaans tv-programma dat een paar geleden in een Nederlandse versie werd uitgezonden door RTL4. Het zijn korte, maffe uitdagingen die 1 minuut duren en waarvoor je alleen maar huis-tuin-en-keuken dingen nodig hebt. Leuk als spelletje tussendoor, of houd deze vakantie je eigen Minute to win it -competitie met het hele gezin of met de andere campinggasten!

Welke spelletjes zijn er bij Minute to win it?

Er zijn honderden verschillende spelletjes die geschikt zijn voor Minute to win it. Sommige ken je misschien wel van kinderfeestjes, zoals M&M’s van het ene naar het ander bord overbrengen met een rietje of pingpongballetjes opvangen met een emmer die je op je hoofd houdt.

pinterest minute to win itAndere spelletjes zijn minder bekend (maar overigens ook allemaal heel geschikt voor kinderfeestjes!). Bijvoorbeeld het spelletje waarbij je binnen één minuut een piramide moet bouwen van 36 plastic bekertjes én weer afbreken. Of met een stappenteller om je hoofd binnen een minuut zo vaak knikken dat er na 60 seconden 125 ‘stappen’ op de teller staan. Of met een plantenspuit een ballon in een vuilnisbak spuiten.

Op de website van RTL kun je Nederlandse beschrijvingen (en filmpes) vinden van Minute to win it– spelletjes. Op YouTube vind je een heleboel filmpjes ter inspiratie als je zoekt op Minute tot win it. En ook op Pinterest staan geweldige verzamelingen, zoals hier.

Zomer 2017: Moet je doen!

Hieronder vind je alle eerder verschenen artikelen van Moet je doen!

Moet je doen: coderen en programmeren

Moet je doen: naar buiten!

Moet je doen: creatief

Moet je doen: breinbrekers

Verder lezen

Moet je doen: creatief

Moet je doen: creatief

18 juli 2017 | Reacties (1)

Thuisinonderwijs.nl brengt ook deze vakantieperiode volop zomer-inspiratie in de rubriek Moet je doen! Vandaag aflevering 3: Creatief.

Knutselen: leuk en constructief

Iets maken, je fantasie gebruiken – bijna alle kinderen vinden het heerlijk om te knutselen en creatief bezig te zijn. En wist je dat het ook nog eens goed is voor de fijne motoriek en de concentratie? Een betere manier om de vakantieverveling te verdrijven is er niet. Inspiratie nodig? Probeer dan eens één van onderstaande creatieve tips:

1. To loom or not to loom…

Weet je het nog? Drie jaar geleden was het de zomerhype onder de schooljeugd: loomen, armbandjes en figuurtjes maken door gekleurde elastiekjes aan elkaar te knopen. Was jouw kind toen ook verslingerd aan loomen, dan is de kans groot dat je nog wel ergens wat elastiekjes hebt liggen. Een hernieuwde kennismaking zal het oude enthousiasme weer aanwakkeren. Was je kind tijdens de hype nog te jong, dan is loomen een leuke activiteit om deze zomer te introduceren. De elastiekjes en weefplankjes zijn nog steeds te koop (en kosten tegenwoordig een stuk minder dan drie jaar geleden). Waar armbandjes knopen vrij rechttoe-rechtaan is, is het maken van bijvoorbeeld dierfiguren weer net wat uitdagender. YouTube puilt uit van de instructiefilmpjes waarin precies wordt voorgedaan hoe je allerlei figuren moet knopen.
Geen zin om te inversteren in loom-spulletjes? Haal dan de ouderwetse punnikset eens tevoorschijn, of probeer vingerhaken of vingerbreien. Wedden dat die ook aanslaan?

2. Tekenen met scheerschuim

Een combinatie van tekenen, vingerverven en lekker kliederen. Dat krijg je door te gaan tekenen met scheerschuim. Het is ontzettend leuk om te doen en het geeft geen smeerboel. Spuit scheerschuim op de tafel (gebruik eventueel een plastic tafelkleed) of op de achterkant van een inloopmat (dan kan je kind op de grond werken) en smeer het uit tot een gladde laag. Gebruik je vinger(s) om een mooie tekening te maken. Mislukt, of toe aan een nieuwe? Wis de tekening uit, spuit er eventueel wat schuim bij en begin weer opnieuw.
Scheerschuim wordt ook wel gebruikt bij het schrijfonderwijs in de kleutergroepen. Werken met scheerschuim is heel goed voor de fijne motoriek van jonge kinderen. Je kunt je kleuter figuren laten maken in het schuim, bijvoorbeeld allemaal krullen of lussen achter elkaar. Veel kinderen hebben eerst even tijd nodig om er aan te wennen, maar als ze eenmaal ‘durven’ vinden ze het heerlijk.

3. Schrijf een doorgeefverhaal

Een doorgeefverhaal schrijven is een spel dat je met meerdere personen doet. Het kan prima gespeeld worden met spelers van verschillende leeftijden, de enige voorwaarde is dat je kind zinnen moet kunnen schrijven (vanaf groep 3). Geef elke speler een pen en een stuk papier en spreek samen een setting voor het verhaal af en een woord dat in het verhaal moet voorkomen. Bijvoorbeeld ‘in de supermarkt’ en ‘reuzenbaby’. Nu schrijft iedereen een verhaal in tien zinnen, maar na elke zin wordt het papier doorgegeven. Vouw daarbij het papier om, zodat de zin(nen) die al geschreven zijn, niet zichtbaar zijn. Na tien zinnen is het tijd om de verhalen voor te lezen. Iedere speler vouwt zijn papier open en om de beurt worden de verhalen , die steevast hilarisch zijn, voorgelezen. Dikke pret op een regenachtige middag in de tent (en stiekem ook nog een leuke schrijf- en leesoefening voor je kind).

4. Kras een geheime tekening

“Alweer tekenen?” Niet met dit coole idee. Maak een tekening voor iemand, gooi er een laag kaarsvet over en geef hem cadeau aan iemand. Door met een muntstuk te krassen ontdekt hij wat je voor hem hebt gemaakt.
Hoe? Maak eerst een mooie tekening op papier. Ga daarna met een kaars over je blad. Zo komt er een heel dun laagjes was over de tekening. Pak nu zwarte verf en schilder de tekening helemaal over. Door met munt alle zwarte verf weg te krassen, komt de tekening weer tevoorschijn. Verrassing!

5. Poppentheater

Poppenkast spelen is altijd leuk. Kruip zelf in de kast of laat je kinderen een leuke voorstelling bedenken die ze dan voor jou als publiek opvoeren. Heb je geen poppenkast en ook geen handpoppen? Geen probleem. Gebruik knuffels als poppen en de rugleuning van de bank als toneelvloer. Of maak er een groot project van door zelf poppen te maken te maken en je eigen poppenkast te creëren in de deuropening.

DIY – How to make Paper Bag Puppet

VES (teacher training institute)teaches how to make easy paper bag puppets and various other teaching aids used in preschools to its trainees through its teacher training courses.like Early Childhood Care and Education, Montessori Training, Nursery Teacher Training, Pre Primary Teacher Training

6. IJssculpturen maken

Vul een beslagkom met water en zet die in de vriezer. De volgende dag heb je één groot blok ijs. Met een hamer en beitel (een schroevendraaier is ook prima) kan je kind zich uitleven om zijn eigen ijssculptuur te maken. Let op: er vliegen wel wat stukken ijs af, doe dit dus op een plek waar de vloer nat mag worden.

7. Maak een ketting van macaroni

Doe verschillende holle pastavormen (ongekookt) in bakjes en geef je kind een stevig touwtje . Door de pasta aan het touwtje te rijgen, ontstaat een leuke ketting. Voor een kleurrijk effect kan de pasta ook eerst geverfd worden (of beplakt met glitters). Dit is een leuke activiteit voor kleuters, die ook nog eens goed is om de fijne motoriek te oefenen.

8. Steentjes verven

Ga buiten op zoek naar steentjes, was ze goed schoon en laat ze drogen. Beschilder de steentjes vervolgens met plakkaatverf, of teken erop met watervaste stiften. Maak een mooie collage op een schaaltje of leg ze fraai gesorteerd in de vensterbank. Ook leuk als cadeautje voor opa of oma, verpakt in doorzichtig folie met een gekleurd lintje erom.

Zomer 2017: Moet je doen!

Hieronder vind je de eerder verschenen artikelen van Moet je doen!

Moet je doen: coderen en programmeren

Moet je doen: naar buiten!

Verder lezen

Moet je doen: naar buiten

Moet je doen: naar buiten

13 juli 2017 | Reacties (0)

Thuisinonderwijs.nl brengt ook deze vakantieperiode volop zomer-inspiratie in de rubriek Moet je doen! Vandaag aflevering 2: Naar buiten!

Zonlicht bijtaken!

De zomer is de tijd bij uitstek om lekker buitenshuis dingen te doen. Frisse lucht en zonlicht ‘bijtanken’, daar kikkert iedereen van op. Inspireer je kinderen om in de tuin te spelen, de buurt in te gaan of trek samen de natuur in. Sommige kinderen kiezen uit zichzelf al voor hele dagen buiten spelen. Die hebben meeestal geen tips nodig om zich te vermaken. Maar vind jouw kind het lastig om te bedenken wat het buiten kan doen, dan geeft Thuisinonderwijs.nl hieronder een aantal leuke suggesties:

1. Water gieten

Een leuk spel voor kleuters dat waterpret combineert met motoriek oefenen. Zet plastic bekertjes neer en geef je kind een kan met water. Laat je kind de bekertjes zo netjes mogelijk volschenken, zonder dat de bekertjes omvallen of overstromen en zonder dat er veel water naast het bekertje terechtkomt. Kan je kind ook netjes schenken als het de kan met één hand vasthoudt?

2. Maak een parachute

Om zelf uit een vliegtuig te springen, daarvoor zijn kinderen in de basisschoolleeftijd toch echt nog te jong. Maar ze zijn nooit te jong om met een parachute te spelen. Die kun je zelf maken van een (stoffen) zakdoek en vier koortjes. Bind de koortjes aan de hoeken van de zakdoek, knoop er een steentje of takje (of nog leuker: een Playmobil-poppetje) aan en klaar is de parachute.

Vouw de zakdoek op en gooi hem zo hoog mogelijk in de lucht (nog mooier is het als je van enige hoogte, zoals een speeltoestel of keukentrap gooit). In de lucht gaat de zakdoek open, waarna hij langzaam naar beneden zweeft.

Stort de parachute neer, dan is het steentje of takje te zwaar. Blijf hij niet mooi zweven, dan is de ballast te licht. Zorg dat er voldoende ruimte is om de parachute omhoog te gooien zonder gevaar voor andere mensen of voor de ramen.

 3. Bouw een insectenhotel

Ook insecten kunnen wel een beetje hulp van de mens gebruiken. In tuincentra en bouwmarkten zie je dan ook steeds meer kant-en-klare insectenhotels in het assortiment. Maar wist je je dat je ook heel eenvoudig je eigen insectenhotel kunt maken? Een leuk klusje voor je kinderen. Je hebt nodig:

  • een plastic fles (of leeg conservenblikje)
  • stokjes (bamboe is fijn, maar andere takjes kunnen ook)
  • stukjes boomschors
  • een paar dennenappels
  • of andere natuurlijke materialen die je geschikt lijken

Knip de bodem en de hals uit de fles en knip de overgebleven cilinder in twee stukken. Vul beide omhulsels op met takjes van ongeveer dezelfde lengte als de huls, stukjes boomschors en stukjes dennenappel. Prop het er zo stevig, dat het er niet uitvalt. Voilà, een insectenhotel. Simpel hè? Als je het insectenhotel wilt ophangen, kun je een touwtje om het omhulsel knopen. Het insectenhotel mag in de zon hangen. Hang je insectenhotel minimaal één meter boven de grond, maar niet hoger dan drie meter.

4. Wolkenvormen

Ga op je rug in het gras liggen en kijk naar de wolken. Wat valt er allemaal te zien in de lucht? Ziet iedereen hetzelfde? Sluit een halve minuut je ogen en kijk dan weer: kun je de vormen van zonet nog terugvinden of je heeft je wolk alweer een nieuwe vorm?

 5. Maak een zonnewijzer

Weten hoe laat het is zonder op de klok te kijken: dat kan met een zonnewijzer. Om de tijd te meten, werd zo’n 5500 jaar geleden de zonnewijzer uitgevonden. Het is niet moeilijk om er zelf eentje te maken. Het enige wat je nodig hebt is een stokje van ongeveer 25 centimeter, twaalf steentjes (of een krijtje) en een zonnige dag. Zet het stokje rechtop in de grond en kijk elk uur waar de schaduw van het stokje valt. Markeer dat punt met een steentje of zet een streepje op de grond. Als je opschrijft welke tijd bij welke markering hoort, kun je de volgende dag aan de schaduw aflezen hoe laat het is. Natuurlijk kun je de zonnewijzer ook uitvoeren met een echte ‘wijzerplaat’ (bijvoorbeeld van een rond stuk karton)

 6. Zaklopen

Ouderwetse spelletjes als zaklopen zijn niet voorbehouden aan feestjes. Sterker nog: de meeste kinderen van tegenwoordig hebben nog nooit zakgelopen! Hoog tijd om daar verandering in te brengen. Waarschijnlijk heb je geen ouderwetse jutezak liggen, maar dat is geen probleem. Met oude kussenslopen als zak lukt het ook prima (blijf wel op het gras, anders slijt de zak erg snel). Ook zijn er speciale, slijtvaste zakloopzakken (‘springzakken’) te koop, vanaf een paar euro per stuk.

 7. Vuur maken met een vergrootglas

Spelen met vuur is gevaarlijk, maar voor deze keer mag het. Uiteraard zorg je ervoor dat er geen brandbare dingen in de buurt zijn. Geef je kind op een zonnige dag een vergrootglas en laat het droge takjes, blaadjes of grassprietjes verzamelen of gebruik een stukje (kranten)papier. Door het vergrootglas boven de takjes te houden, kun je vuur maken. Dat lukt alleen door het glas precies zo te houden dat de  zon er in een bepaalde hoek doorheen schijnt. Hoe kleiner het brandpuntje van de zon, hoe groter de kans dat het brandstapeltje vlam vat (het begint met een beetje zwart worden en roken). Waarschuw je kind om niet zijn of haar hand onder het vergrootglas te houden en laat het alleen met samengeknepen ogen (of door een zonnebril) naar het brandpuntje kijken.

8. Spons gooien

Iedere speler heeft een emmer water voor zich op de grond staan. Eén van de spelers heeft een spons. Hij maakt de spons nat en probeert hem in de emmer van zijn tegenstander te gooien. Als dat lukt, heeft hij een punt. Weet de tegenstander de spons te vangen, dan hij heeft die een punt. Je kunt het spel ook met meerdere sponzen spelen. Hoe meer sponzen, hoe natter de deelnemers en hoe groter de pret.

9. Schatjutten

Laat je kind op zoek gaan naar ‘schatten’ in de tuin of in de buurt. Stel bijvoorbeeld een lijstje op van dingen die je kind moet vinden: een ronde steen, een eikenblad, een huisjesslak, een wit bloempje, een driehoekig verkeersbord, huisnummer 38, enzovoort, enzovoort. Je kunt het zo moeilijk of makkelijk maken als je zelf wilt en als passend is bij de leeftijd van je kind. Laat je kind de gevonden schatten verzamelen of fotograferen. Natuurlijk kun je ook zelf dingen verstoppen in de tuin die je kind dan moet zien terug te vinden (vergelijkbaar met paaseieren verstoppen en zoeken). Of geef je kind de opdracht zo veel mogelijk dingen te verzamelen die beginnen met een bepaalde letter. Bij de S kan je kind dan terugkomen met een steentje, een slak, een stok, enzovoort. Of vraag allemaal ronde voorwerpen of allemaal gele dingen.

Zomer 2017: Moet je doen!

Hieronder vind je eerste aflevering Moet je doen!

Moet je doen: coderen en programmeren

Verder lezen

5 tips om tekeningen leuk ten toon te stellen

5 tips om tekeningen leuk ten toon te stellen

4 juli 2017 | Reacties (0)

Je kent het vast wel, je kind komt vol trots met een hele stapel (knutsel)werkjes en tekeningen uit school. Vooral aan het eind van het schooljaar of als een thema afgelopen is, is het vaak veel in één keer. Daar moet je als ouder iets mee, maar wat? Het prikbord is al snel gauw vol en om nu de hele kamer vol te hangen, gaat te ver. Hieronder 5 tips om een leuke, in elk huis passende ‘tentoonstelling’ te maken. Trotse kinderen en een opgeruimd huis!

tips kindertekeningen ophangen 2

  1. Knip van alle werkjes en tekeningen het allermooiste stukje af, plak ze op een A3 of A4 en doe ze in een wissellijst.
  2. Koop doorzichtig tafelzeil voor op de eettafel (voor enkele euro’s per meter te koop bij woonwarenhuizen) en leg de tekeningen eronder. Als placemat voor ieder gezinslid of kris kras door elkaar.
  3. Doe de tekeningen in posterkokers, laat de kokers versieren door je kind(eren) en leg ze op een plank. Neemt niet veel ruimte in en ziet er erg leuk en uitnodigend uit om ze nog eens te bekijken.
  4. Doe de werkjes en tekeningen in een mandje en zet het mandje op de w.c. Kan je ze in alle rust nog eens bekijken.
  5. Maak van de tekeningen en werkjes een foto voor thuis en deel ze uit in het bejaardenhuis om de hoek. Leer je je kind ook meteen goed burgerschap.

Verder lezen

De leukste spelletjes voor onderweg

De leukste spelletjes voor onderweg

3 juli 2017 | Reacties (3)

Je zit nog geen uurtje in de auto of het klinkt al van de achterbank: “Mam, hoe ver is het nog? Zijn we er al bijna?” De autorit naar de vakantiebestemming kan voor kinderen erg lang duren. Wat moet je doen als alle puzzels in het nieuwe vakantie-doeboek zijn opgelost, als de pionnetjes van de reiseditie van Mens-erger-je-niet tussen de stoelen en bagage zijn gevallen en als je wagenziek wordt van een boek lezen of een spelletje op de smartphone spelen? In vrijwel elke auto klinkt dan ook vroeg of laat: <em>Zijn we er al bijna? Ik verveel me!</em>

Dan kun je zuchten en steunen of naar de achterbank snauwen dat we er nog láng niet zijn. Of je realiseert je: de vakantie is nu echt begonnen! Oké, het is even omdenken, maar dan heb je ook wat 😉 Verveling tijdens de reis is namelijk het begin van samen leuke spelletjes spelen, van dingen doen die je in het dagelijks leven niet doet, van naar buiten kijken en de wereld ontdekken – véél leuker dan naar een schermpje turen! Van quality time met je gezin!

Meer dan 30 spelletjes voor onderweg

Gelukkig zijn er good old auto-spelletjes: eenvoudige spelletjes die je met elkaar speelt en waar je weinig tot niets voor nodig hebt. We hebben er meer dan dertig voor je verzameld. Doe vooral zelf als ouder ook mee (tenzij je achter het stuur zit en het spelletje afleidt). Voor je het weet zijn jullie op de plek van bestemming.

gratis download kentekenspel landen onderweg vakantieKlik & print: Kentekens spotten

Leeftijd: 6-12 jaar
Een ‘gouwe ouwe’ voor op de achterbank is kentekens spotten. Het leuke van verre autoreizen is dat je onderweg een heleboel auto’s tegenkomt die niet uit Nederland komen. Aan de code op het nummerbord kun je zien uit welk land een auto of vrachtwagen komt. Download en print ons scoreformulier voor kentenkens spotten. Daarop kun je precies zien welke code bij welk land hoort én je kind kan erop bijhouden welke landen hij of zij al heeft gezien.

Route intekenen

Leeftijd: 8-12 jaar
Zitten je kinderen al in de bovenbouw van de basisschool? Dan is het leuk om een overzichtskaart van jullie vakantieroute te printen. Laat je kinderen zelf intekenen welk stuk al is afgelegd. Zo zien ze in één oogopslag hoe ver het nog is en het is nog goed voor hun topografie ook! Kan je zoon of dochter al echt goed kaartlezen? Zet je navigatie dan gewoons een tijdje uit en laat je kind je vertellen welke afslag je moet nemen. Veel kinderen vinden het heel leuk om zo’n verantwoordelijke taak toegewezen te krijgen.

Achterbankbingo voor jong en oud

Leeftijd: 4-12 jaar
Een klassieker onder de onderwegspelletjes is achterbankbingo. Iedereen (behalve de chauffeur) krijgt een bingokaart met dingen die onderweg te zien zijn. Wie als eerste alles op zijn kaart heeft gezien, heeft bingo. Een aanrader zijn de achterbankbingokaarten van de ANWB. Die kun je gratis downloaden. Er zijn vereenvoudigde kaarten voor kleuters, zodat ook zij leuk mee kunnen spelen. Ga je op vakantie naar Duitsland, Frankrijk, Italië of reis je met het vliegtuig? Dan kun je ook de speciale editie van achterbankbingo downloaden, die helemaal is toegesneden op jullie situatie.

Galgje

Leeftijd: 6-10 jaar
Al generaties lang een hit onder kinderen: galgje. De ene speler bedenkt een woord en geeft met streepjes op een papier aan uit hoeveel letters het bestaan. De andere moet letters raden. Elke letter die niet voorkomt in het woord is goed voor een onderdeel van de galg en het poppetje dat wordt opgehangen. Het woord moet geraden zijn voordat de galg en het poppetje af zijn.

Rustpunt-spelletjes

Leeftijd: iedereen!
Niet alleen de auto moet van tijd tot tijd worden bijgetankt, ook de inzittenden moeten tijdens een lange rit bijtanken. Weersta de verleiding om zo snel mogelijk weer verder te rijden, maar neem even de tijd om de benen te strekken, te picknicken en te spelen. Koop voor vertrek een paar busjes bellenblaas of een doosje stoepkrijt of neem een zakje knikkers mee. Even een balletje trappen of overgooien met een frisbee doen het ook altijd goed. En waarom niet een potje jeu-de-boules spelen onderweg? Dan zit het met het vakantiegevoel wel snor!
Stoepkrijttekening van een auto

Verspringen

Leeftijd: iedereen!
Ook op de parkeerplaats: een spelletje verspringen. Teken met een stuk stoepkrijt zeven lijnen op de parkeerplaats, met ongeveer 50 centimeter tussenafstand (maak bij kleuters de afstand wat kleiner). Nummer de lijnen van 1 tot en met 7. Neem een aanloop en probeer zo ver mogelijk te springen. Als je kinderen dat leuk vinden, kun je er een wedstrijdje van maken: wie haalt in vijf sprongen de meeste punten?

Bananenspel

Leeftijd: 3-5 jaar
Iedere keer wanneer iemand een gele auto ziet, roept hij ‘Banaan!’ en krijgt een punt. Degene die aan het eind van de rit (of tot de volgende pauze) de meeste punten heeft, wint. Je kunt natuurlijk eindeloos variaties verzinnen op dit spel. Iets oudere kinderen vinden het vaak leuk om uit te kijken naar een bepaald automerk.

Tellen

Leeftijd: 3-7 jaar
Voor jonge kinderen is tellen een echt spel. Laat je kleuter vrachtwagens of campers tellen, of auto’s waarin een hond meerijdt. Je kunt het zo gek niet verzinnen of het valt te tellen. Succes gegarandeerd.

Gelukkig helaas

Leeftijd: vanaf 8 jaar
Taalspelletjes zijn altijd een succes onderweg. Je hebt er niets voor nodig en ze leveren vaak grappige situaties op. Dat is ook het geval met het spelletje Gelukkig helaas. De spelers moeten om de beurt een zin zeggen, die afwisselend met helaas of gelukkig begint. Bijvoorbeeld: ‘Helaas is de benzine van de auto op.’ ‘Gelukkig gaat papa elke week naar de sportschool en kan hij de caravan zelf wel trekken.’ Je mag het zo gek maken als je zelf wilt!

Kilometergokken

Leeftijd: vanaf 6 jaar
Hoe lang duurt een kilometer eigenlijk? Laat je kinderen op hetzelfde moment hun ogen dichtdoen. Dan gaat de tijd in. Zodra ze denken dat er een kilometer is afgelegd, roepen ze ‘ja’ en mogen ze hun ogen weer open doen. Wie is de beste kilometergokker? Een variant: vertel over hoeveel kilometer de volgende pauze is. Laat iedereen voorspellen op welke tijd jullie daar precies aankomen. Degene die er het dichtst bij zit, heeft gewonnen.

Wie (of wat) ben ik?

Leeftijd: iedereen!
Eén persoon neemt een persoon of voorwerp in gedachten, de anderen moeten door vragen te stellen raden wie of wat dat is. De vragen mogen alleen met ‘ja’ of ‘nee’ worden beantwoord. Wie na tien vragen het antwoord nog niet weet, is af. Wie het goed weet te raden, mag in de volgende ronde iets in gedachten nemen.

Dierenslang

Leeftijd: 6-12 jaar
De eerste speler noemt een dier, bijvoorbeeld ‘eekhoorn’. De volgende moet dan een dier noemen dat begint met de laatste letter van ‘eekhoorn’, bijvoorbeeld ‘nijlpaard’. De volgende speler moet een dier met een ‘p’ verzinnen, enzovoort. Wie geen dier meer weet te noemen is af. Natuurlijk kun je dit spel ook spelen met plaatsnamen, voetballers, etenswaren….

Foliefröbelen

Leeftijd: 4-12 jaar
Neem een rol aluminiumfolie mee in de auto. Tijdens de rit kun je hiervan stukken afscheuren en aan je kinderen geven om er leuke vormen van te maken. Bijvoorbeeld een zwaard, een armband, een koe of een misschien wel een vliegtuig!

Sssst…!!

Leeftijd: iedereen!
Een ideaal spel om de rust in de auto te doen terugkeren: wie kan het langst stil zijn. Geef een teken waarop de tijd ingaat. Wie het eerst een geluid maakt, is af.

Gatenkaraoke

Leeftijd: iedereen!
Zet leuke kinderliedjes op en zing met z’n allen luidkeels mee. Draai dan het volume uit en blijf zelf gewoon doorzingen. Zingen jullie nog goed op het moment dat het volume weer aan gaat?

Frupselen

Leeftijd: 6-12 jaar
Om de beurt kiest iemand een werkwoord (bij jongere kinderen moet je even uitleggen dat een werkwoord iets is wat je doet). Bijvoorbeeld het werkwoord ‘slapen’. De andere spelers moeten proberen dit werkwoord te raden door vragen te stellen. In die vragen wordt het woord ‘frupselen’ gebruikt om het onbekende woord te vervangen. Bijvoorbeeld: ‘Kunnen dieren frupselen?’‘Heeft oma wel eens gefrupseld?’ ‘Heb ik vandaag al gefrupseld?’ Je kunt afspreken dat de vragen alleen met ‘ja’ of ‘nee’ worden beantwoord, maar als het lastig blijkt om het woord te raden, mogen er ook tips worden gegeven.

Lodjos zongen

Leeftijd: 6-12 jaar
Zing samen een liedje, maar vervang alle klinkers door één andere klinker, die je van tevoren samen afspreekt. Dan krijg je bijvoorbeeld:
Dokkortjo Dop klom op do trop
’s morgons vrog om kwort ovor zovon
om do gorof on klontjo to govon.
Wie het langst kan blijven zingen zonder te lachen, heeft gewonnen.

Rood is baas

Leeftijd: 8-12 jaar
Kies allemaal een verschillende autokleur en schrijf op een briefje de nummerborden op van de auto’s in de door jou gekozen kleur. Als iedereen vijf auto’s (nummerborden) heeft, tel je alle cijfers bij elkaar op. Ook de letters geven punten: een medeklinker is 7 punten waard, een klinker 5. De speler met het hoogste puntentotaal, heeft gewonnen.
Bij jonge kinderen kun je het spel versimpelen door gedurende vijf minuten alle auto’s te tellen in de gekozen kleur. Wie de meeste auto’s heeft geteld, heeft gewonnen.

Vakantie-abc

Leeftijd: 8-12 jaar
De eerste speler zegt: ‘Ik ging op vakantie en zag een albatros’. De volgende speler ging op vakantie en moet iets gezien hebben dat met een B begint, de derde met een C, enzovoort.
Bij oudere kinderen kun je proberen om samen een leuk verhaal te verzinnen. De zinnen hoeven dan niet steeds hetzelfde te beginnen, maar de spelregel blijft dat het laatste woord moet beginnen met de volgende letter van het alfabet. Bijvoorbeeld:

  • ‘Ik ging op vakantie en zag een albatros.’
  • ‘Huh, wat is dat een groot best, dacht ik bang.’
  • ‘Toen er ook nog een ooievaar en een vliegende dinosaurus voorbijkwamen, was er nog maar één conclusie.’
  • ‘Volgend jaar ga ik gewoon weer op vakantie naar Duckstad.’
  • ‘Daar heb je nog niet eens vliegende eenden.’

Fopsommen

Leeftijd: 4-12 jaar
Noem een rekensom en geef het antwoord. Je kind moet zeggen of het antwoord goed of fout is. Heeft je kind het goed, dan krijgt het een punt. Wie heeft de meeste punten na tien sommetjes? Het leuke van dit spel is dat je de sommen qua moeilijkheid precies kunt afstemmen op het niveau van je kinderen. Bij kinderen die nog bezig zijn met leren tellen, kun je in plaats van een som een telrij (8, 9, 11, 12) opnoemen. Is je kind bezig met tafels leren, dan kan een reeks als  9-12-15-18-21 natuurlijk ook.

Pictionary op het autoraam

Leeftijd: 5-12 jaar
Wist je dat je het bekende spel pictionary ook prima in de auto kunt spelen? Het enige wat je nodig hebt zijn whiteboardstiften. Daarmee kun je op autoramen tekenen en de tekening gemakkelijk weer uitwissen. Bij pictionary maakt één speler een tekening en moeten de anderen proberen zo snel mogelijk te raden wat de tekening voorstelt. Maak eventueel thuis al wat kaartjes met tekenopdrachten in verschillende moeilijkheidsgraden. Geen zin (meer) in pictionary? Met de whiteboardstiften kan je kind natuurlijk ook lekker zijn of haar fantasie de vrije loop laten.

Woordenwedstrijd

Leeftijd: 8-12 jaar
Probeer binnen vijf minuten zo veel mogelijk nieuwe woorden te maken met letters uit het woord ‘vakantiebestemming’. Hiervoor heb je pen en papier nodig. Heb je dat niet bij de hand, noem dan om de beurt een woord. Wie het eerst geen nieuw woord meer weet te bedenken, is af.

Tien rode auto’s

Leeftijd: iedereen!
Spreek een kleur af, bijvoorbeeld rood, en ga auto’s met die kleur tellen. Na tien rode auto’s krijgt iedereen iets lekkers.

Kentekens zoeken

Leeftijd: 4-6
Nummerborden van andere auto’s kunnen gebruikt worden voor heel veel spelletjes. Een eenvoudig spelletje voor jongere kinderen is de opdracht uit te kijken naar kentekens met een bepaalde letter of een bepaald cijfer. Kinderen die al kunnen lezen, kunnen proberen woorden te maken van de letters die op het nummerbord staan.

Touwfiguren maken

Leeftijd: 5-12 jaar
Ken je het nog van vroeger? Met een touwtje om je handen de leukste figuren maken, zoals een kop-en-scholen, een parachute of een hangmat? Figuren maken met een touwtje is een van de oudste spelletjes ter wereld; er wordt zelf gedacht dat het al in de prehistorie werd gespeeld! Je hebt alleen een touwtje nodig en iemand die kan voordoen hoe je de figuren maakt. Misschien weet je ze zelf nog, kijk anders als opfrisser even op deze website. Op YouTube kun je heel veel instructiefimpjes vinden door te zoeken op ‘string figure’, zoals deze:

How to do Jacobs Ladder, Step by Step, with string

Step by step instructions for how to do Jacob’s Ladder. Shown from the user’s point of view! Detailed directions demonstrated very slowly, step by step. These instructions are available as a printable page for how to do Jacobs ladder at http://www.momsminivan.com/how_to_do_jacobs_ladder.html Enjoy! This is a great activity for a long car trip.

Elastieken op de parkeerplaats

Leeftijd: 7-12 jaar
Nog zo’n vintage activiteit: elastieken. Springspelletjes doen met een grote lus van ongeveer drie meter elastiek, die twee anderen om de benen hebben. Dat kun je uiteraard niet tijdens het rijden doen, maar het is een perfect spelletje voor tijdens een rustpauze op de parkeerplaats. Op dit YouTube-filmpje laten twee meisjes zien wat voor springfiguren je allemaal kunt uitvoeren:

[youtube_sc url=”https://youtu.be/PvJ45Xk5_yU” title=”Elastieken,%20hoe%20ging%20dat%20ook%20alweer?” width=”300″ theme=”light”]

Door te zoeken op ‘Chinese jump rope’ vind je nog veel meer filmpjes. In het boekje Elastiek springen van Machiel Bosman worden een heleboel elastiekspelletjes stap-voor-stap uitgelegd met duidelijke tekeningen. Er zit ook een speciaal elastiek bij dit boekje, maar dat heb je niet per se nodig. Je kunt gewoon elastiek van de naai- of hobbywinkel gebruiken.

Zing een boek, raad het lied

Leeftijd: 4-12 jaar
Wie wel eens naar het tv-programma Ik hou van holland heeft gekeken, kent dit spel misschien wel. Eén persoon leest al zingend een boekje voor op de melodie van een bekend liedje. De anderen moeten zo snel mogelijk zien te raden wel liedje dit is. Kies een leuk kinderboek en een bekend kinderliedje en laat je kinderen maar raden. Als je kinderen al zelf kunnen lezen, kunnen ze zelf ook proberen de zanger te zijn. Dat is echter wel reuze lastig, omdat het leesproces volledig geautomatiseerd moet zijn wil dit lukken. Sommige kinderen vinden dat grappig om te ervaren, andere kan het behoorlijk frustreren. Weeg dus zelf even af of je je kind laat zingen of niet.

Waar ligt de schat?

Leeftijd: 4-12 jaar
Eén speler neemt een plek in gedachten waar een schat verborgen ligt. De andere spelers moeten erachter zien te komen waar dat is. Ze mogen om de beurt een vraag stellen, die alleen met ‘ja’ of ‘nee’ beantwoord mag worden. Afhankelijk van de leeftijd van je kinderen kun je het zoekgebied afbakenen tot bijvoorbeeld alleen hun eigen kamer, alleen het huis, ergens in de wijk waar je woont, ergens in je woonplaats, ergens in Nederland/Europa of waar dan ook ter wereld.

Struikelzinnen

Leeftijd: 
De kat krabt de krullen van de bank en Lientje leerde Lotje lopen langs de lange Lindelaan (maar toen Lotje niet wilde lopen, liet Lientje Lotje staan). Struikelzinnen zijn heerlijke, onuitspreekbare tongbrekers. Nog een paar voorbeelden:
Als een potvis in de pispot pist, zit de pispot vol met potvispis
Moeder sneed zeven scheve sneden brood.
Knappe kappers kappen knap, maar de knecht van de knappe kapper kapt nog knapper dan de knappe kapper kappen kan.
De postkoetskoetsier poetst de postkoets met postkoetspoets op een postkoetspoetsdoek.
Tongbrekers zijn niet alleen leuk om uit te spreken, ze zijn ook een grappige leesoefening, bijvoorbeeld voor kinderen met dyslexie. Schrijf ze op een papier of koop bijvoorbeeld een setje Tongbreker-kaartjes en je kind kan op een leuke manier oefenen met lezen.

Ik zag twee beren en andere wonderen

Leeftijd: vanaf 5 jaar
Zing het liedje Ik zag twee beren broodjes smeren, o het was een wonder en probeer varianten te verzinnen. Natuurlijk ken je ook ‘Ik zag twee slangen de was ophangen’ of misschien ‘ik zag twee vissen de beek vol pissen’, maar wat kunnen jullie nog meer verzinnen? Met een beetje inspiratie kan het lukken om tientallen varianten te verzinnen (én zingen!). Het is een vrolijke manier om met rijm en muziek bezig te zijn, waar zelfs kleuters al goed mee overweg kunnen.

Gatenalfabet

Leeftijd: 8-12 jaar
Een leuk spelletje voor kinderen die het alfabet al kennen. De eerste speler zegt het alfabet gewoon op. De tweede zegt het alfabet op, maar slaat steeds één letter over (a-c-e). De derde slaat twee letters over (a-d-g), enzovoort. Wie een fout maakt, is af. Het spel gaat door tot er een winnaar over is.

Rijmrijden

Leeftijd: 4-10 jaar
Jonge kinderen zijn vaak gek op rijmen. Maak er een leuk spelletje van. De één begint met een zin en de ander moet daar op rijmen. Lukt het niet om een rijmende zin te verzinnen? Bedenk dan gewoon een zin die aansluit op het voorgaande en ga vanaf daar weer rijmen. Al rijmende en rijdende ontstaan er leuke verhaaltjes:
We waren net op weg
En toen kregen we pech
Wat was dat vervelend zeg
Gelukkig kregen we hulp van een Tjech
En nu zijn we weer onderweg

Goede reis!

Verder lezen